Banksparen

Via mijn bank, krijg ik allerlei post met de bedoeling om mij aan het ‘banksparen’ te krijgen. Wat is het precies, het zoveelste ‘speeltje’ van die banken om geld te verdienen. Na die ‘woekerpolissen’ is het toch gewoon uitkijken. Hoe is het eigenlijk ontstaan en wat zijn er de achtergronden van?

Het banksparen is eigenlijk een resultaat van allerlei veranderingen in de pensioen-, bank- en verzekeringssector. Onder andere door de steeds verdere samensmelting van banken en verzekeraars en het feit dat pensioenfondsen steeds meer zijn gaan doen dan alleen het beheren van pensioengelden. Deze veranderingen en de opbouw van het Nederlandse pensioenstelsel heeft in zekere zin het banksparen opgeleverd. Het Nederlandse pensioenstelsel heeft als eerste pijler de AOW (sociale zekerheid), als tweede pijler het collectieve en solidaire aanvullende pensioen en een derde pijler de private en zelfstandig te regelen voorzieningen zoals levensverzekeringen of lijfrentes.
De uitvoering van de AOW ligt bij de overheid, die van het aanvullende pensioen bij het pensioenfonds en soms, door dispensatie, bij een verzekeraar. Maar dat beslist het fondsbestuur, een verzekeraar heeft daar weinig invloed op. Tenslotte liggen de lijfrentes, levensverzekeringen etc. als particuliere en individuele voorziening bij een verzekeraar. Het nadrukkelijke verschil tussen die tweede pijler (aanvullend pensioen) en de derde pijler is het collectieve en solidaire karakter. In de derde pijler ontbreken deze kenmerken, daar ligt dan ook de strikte scheiding tussen een pensioenfonds en een levensverzekeraar.
Maar in de afgelopen jaren zijn grote pensioenfondsen zoals het ABP of PGGM, in het kader van allerlei vroegpensioenregelingen of extra regelingen dergelijke derde pijlerachtige producten wel gaan ontwikkelen en verkopen. Het ABP heeft er destijds een hele onderneming voor opgezet, in eerste instantie met het oog op vrijwillige voortzetting van een aanvullende regeling maar later ook voor individuele producten, dat is dus Loyalis. Voor de verzekeraars was dat niet acceptabel omdat er bijna een automatische uitwisseling was van gegevens tussen het ABP en Loyalis. De verzekeraars vonden dat geen eerlijke concurrentie. Daarom werden dergelijke samenwerkingsverbanden uit elkaar gehaald. Dit alles en de nieuwe Pensioenwet van 1 januari 2007, waarin het onderscheid tussen pensioenfondsen en verzekeraars is opgeheven, want het zijn nu allemaal in de zin van de wet pensioenuitvoerders geworden, zijn de banken in beeld gekomen. Het product ‘banksparen’ voegt eigenlijk niets toe aan de producten die de verzekeraars reeds via de derde pijler aanbieden. Want het is strikt individueel zonder solidariteits elementen. Het aantal concurrerende partijen naast de verzekeraars is alleen verder toegenomen.
Toch zijn er een aantal afwijkingen. Fiscaal is het gunstiger te sparen voor het pensioen dan je ervoor te verzekeren. Het bedrag kan worden opgespaard via een geblokkeerde rekening en heeft als voordeel dat het wel inzichtelijker is. Bovendien kan het ook naast het pensioen ingezet worden ten behoeve van de hypotheek en het kan voor velen een oplossing zijn om pensioenbreuken te lijmen.

Pensioenbelangen nr. 3, mei/juni 2008

Labels: | Ledenservice |