Joop van Vliet
Ik zwom in de zee en werd opeens meegesleurd door de onderstroom. Langzaam verdween het strand in de verte. Met de stroom mee probeerde ik weer naar de kust te zwemmen. Gelukkig … opeens dook er een reddingboot uit het niets op. Iemand riep: “Bent u bankier?”. Spontaan antwoordde ik op deze toch wel vreemde vraag aan een drenkeling: “Nee, ik ben gepensioneerd“, waarop de boot linksomkeert maakte en mij aan mijn lot overliet.
Ik ploeterde door en werd eindelijk door een golf op de vierde zandbank uit de kust afgezet. Toen was het een koud (want ik voelde inmiddels zwaar onderkoeld) kunstje om via de volgende drie zandbanken naar het strand te komen.
Het strand van IJmuiden – ongeveer 12 kilometer van Zandvoort aan Zee, waar ik aan mijn tocht was begonnen. Geen wonder dat ik moe, koud en uitgeput was. Ik strompelde naar de Beach Inn waar ik zonder iets te hoeven zeggen, ik zag blauw van de kou, van eigenaar Peter warm drinken, een badhanddoek en een plaats bij de fel brandende Bullerjan, gestookt met drijfhout, kreeg. Ik vroeg naar het merkwaardige gedrag van de reddingboot. Een omstander barstte verontwaardigd uit: “Dat is toch niet normaal meer. Bankiers wel redden? Dat tuig dat je de pest liet krijgen als er maar enig risico was, dat je de lening niet kon terugbetalen. Dat geld leende tegen 2 procent en weer tegen 6 procent uitleende en het verschil verbraste aan bonussen voor zichzelf en hun diefjesmaatjes. En daar deed de reddingsbrigade aan mee? Die liet gepensioneerden verzuipen?” Niemand van de gasten pikte dat gedrag van de reddingsbrigade. Die moest gewoon hulp verlenen aan alle drenkelingen in nood en verder niets.
Merkwaardig genoeg accepteert heel Nederland stilzwijgend dat pensioenfondsen (dus gepensioneerden) niét en banken (dus bankiers) wél worden geholpen. En niet eenmaal, maar zo vaak als nodig lijkt te zijn of het helpt of niet. En het helpt niet, want met eurotekens in hun ogen hebben de bankiers zich (samen met hedgefunds) gestort op de lucratieve obligatiemarkt. Dat is wel risicovol maar het risico wordt gedragen door de centrale banken, de Europese Centrale bank en het IMF. En die kunnen dat risico gemakkelijk dragen, want zij wentelen het weer af op de belastingbetaler.
Wie daaraan nog twijfelt, moet het boek van Kilian Wawoe: BONUS maar lezen. Wawoe is ingewijd in het bankwezen, promoveerde op het bonussysteem en werkt nu als zelfstandig ondernemer en docent Human Research Management aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Zijn onderzoek toont onomstotelijk aan dat bonussen niet doen wat ze moeten doen. Een citaat uit zijn interview met NRC-weekblad van 13 november j.l.:
“Na Monaco reisde Kilian Wawoe de hele wereld over om bij vier banken de effecten van beloningssystemen te onderzoeken, hij zou erop gaan promoveren. Hij kon het doen in de tijd van ABN Amro, later Fortis. Eind 2006 – alles ging nog goed bij de banken – begon hij zijn eerste conclusies te trekken. Ondernemende, assertieve en dominante medewerkers kregen de hoogste bonussen, zag hij. Maar niet omdat hun prestaties zo goed waren. Ze durfden de grootste risico’s te nemen. Ze streefden rücksichtslos hun eigen belangen na.”
Er ontstond een financiële crisis (eigenlijk een bankencrisis), die in Europa op landniveau gevolgen had.
Het begon met Griekenland dat eerder onder valse voorwendselen zijn drachmes mocht vervangen voor Euro’s tegen de alleszins prettige koers van 340 drachmes voor één euro. Dat leidde tot problemen, want de slecht draaiende Griekse economie kon niet door devaluatie weer op gang worden geholpen. Men moest geld lenen tegen steeds hogere rentes en besmette daardoor ook andere landen. Er kwam dus een noodfonds waarin de centrale banken, de ECB en het IMF meededen.
Straks moeten na Griekenland en Ierland ook andere Europese landen worden “geholpen”. Eerst het “kleintje” Portugal, dat kan ons noodfonds nog wel dragen. Dan komt Spanje … wél een zwaargewicht. Als we ons daaraan hopelijk niet vertillen krijgen we Italië, met slechts 10% begrotingstekort (maar hoe betrouwbaar is dat?) en dat gaat dus te ver. Het noodfonds is dan al lang op.
Maar waarom moéten we die andere landen helpen? Alleen maar omdat veel Nederlandse en Duitse banken tot aan hun nek in obligaties van die landen zitten (dat zei minister Kees de Jager op 27 november nog bij Tros Kamerbreed). En we kunnen die arme banken toch niet laten omvallen, die moeten gered worden. Niet de pensioenfondsen, niet de gepensioneerden, niet de belastingbetalers, niet het onderwijs, niet de kunst … maar de banken en hun bonusgraaiers.
De rest mag verzuipen.
Labels: Euro, Pensioengelden| Weblog |

