Archief van februari 2012

De oplossingen voor pensioenbehoud zijn aanwezig

dinsdag 28 februari 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 27 februari 2012

Er zijn vele vragen en opmerkingen ontvangen over de rekenrente. Waar is vastgelegd hoe die rekenrente ofwel de discontovoet om de pensioenverplichtingen in de toekomst te kunnen berekenen, eruit moet zien? Op 28 december 2006 is het Besluit financieel toetsingskader pensioenfondsen gepubliceerd in het Staatsblad 710 van 2006 getekend door Koningin Beatrix en minister Hirsch Ballin. Bij dat besluit hoort een Nota van toelichting die als ministeriële regeling alleen is getekend door de vorige minister van SZW De Geus. Op pagina 22 van de Nota wordt bij de toelichting op artikel 2 van het Besluit o.a. vermeld: “Ten behoeve van de berekening van de technische voorzieningen voor een onvoorwaardelijke pensioentoezegging zal De Nederlandsche Bank (verder DNB) een rentetermijnstructuur publiceren, die gebaseerd is op de swapcurve in de markt voor Europese interbancaire swaps.” De huidige minister van SZW Kamp kan dus met een pennenstreek een andere rentetermijnstructuur vaststellen, maar dat wil hij tot op heden niet doen ondanks de aandrang van vele partijen om een betere rekenrente vast te stellen. Dat is politieke onwil die verplicht wordt uitgevoerd door DNB die daardoor in opdracht het dreigende, massale en onnodige korten van pensioenen veroorzaakt. Daarom is de petitie Ik wil niet worden gekort! opgezet (tekenen op: http://pensioenbehoud.petities.nl ).

Een opvallend praktische oplossing wordt voorgesteld door dr Gerwin Griffioen in het F.D. van 13 februari : “Als een pensioenfonds in lijn presteert met zijn eigen beleggingsdoelstelling, dan is het te prefereren dat het de verplichtingen mag waarderen op basis van het verwachte rendement.” Hij laat in zijn artikel zien “dat als een pensioenfonds langdurig teleurstellende beleggingsresultaten realiseert er een tekort ontstaat, ongeacht welke methode van het waarderen van de verplichtingen wordt gebruikt. Pensioen moet linksom of rechtsom bij elkaar worden gespaard.” Dat betekent ook kostendekkende premies met een bijbehorend (lager) opbouwpercentage. De grote invloed van een te hoog opbouwpercentage op de hoogte van de kostendekkende premie heeft Arnoud Bosch van de VDAB aangetoond in zijn artikel van 24 februari 2012 DNB hoort aan pensioenpremies minimum eis te stellen. Maar ook prof. Bernard van Praag en Ekko Smith hebben in hun interessante artikel van 21 februari op Me Judice Het pensioengat van Nederland: een poging tot verklaring de vinger gelegd op het feilen van de toezichthouder cq de politiek vanwege het toelaten van te lage pensioenpremies ondanks de wettelijke verplichting van kostendekkendheid. Deze tekorten zouden moeten worden hersteld door de betreffende werkgevers.

Maar niet iedereen wil geloven dat ons pensioen bestaat uit een vijfde premie en vier vijfde beleggingsopbrengst. Peter Borgdorff van pensioenfonds Zorg en Welzijn legt dat nog eens uit in zijn blog van 17 februari Een pensioensprookje? Hij laat zien dat de jongeren van nu ondanks de veel hogere levensverwachting over 40 jaar nog altijd circa 3,5 keer de inleg terugkrijgen tegen 5 keer de inleg nu. Een hogere premie en/of zelf meer sparen helpt de oude dag dan verbeteren.

Van de 103 pensioenfondsen zijn er een aantal die het (nog veel) slechter doen dan de meeste andere fondsen over de periode 2011 t/m 2013. Voorbeelden daarvan zijn Royal Leerdam (-21,7%), Openbare Apothekers (-18,8%), Tandartsen en tandspecialisten (-15,5%), Ballast Nedam (-13,0%), Vlakglas en verf (-12,0%), ISS (-11,6%), Verf- en drukinktindustrie (-11,4%) en Medewerkers Notariaat (-10,3%). En daarbij komt ook nog de gemiste indexatie over een aantal jaren. Wie van de begunstigers van de Stichting Pensioenbehoud die bij een van deze pensioenfondsen is aangesloten, is bereid om zijn of haar pensioenverhaal te vertellen bij de Omroep MAX? Zelfs het pensioenfonds van het personeel van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) zit in de problemen met een dekkingsgraad van 85% eind 2011; zouden de kortingen elders daardoor (ook) minder worden?

103 pensioenfondsen gaan mogelijk korten op pensioenen!

dinsdag 21 februari 2012

Het persbericht van de Pensioen Federatie evenals het overzicht van pensioenfondsen die gaan korten, beiden gepubliceerd op 20 februari 2012. Kijk in het overzicht of uw pensioen wordt bedreigd. Zo ja, schrijf desgewenst een brief aan dat pensioenfonds dat u een korting op uw nominale pensioen niet kan accepteren en stel het pensioenfonds evenals haar bestuur in gebreke voor de wanprestatie die wordt geleverd op basis van de pensioenuitkeringsovereenkomst. En dat u heeft geconstateerd dat niet alle middelen door het bestuur zijn aangewend om het laatste redmiddel van het korten te voorkomen. Want het bestuur heeft nog diverse ongebruikte aanpassingen binnen de bestaande wettelijke regeling als mogelijkheid om de dekkingsgraad weer in orde te krijgen. Het bestuur van het pensioenfonds heeft die wijzingen tot dusverre niet of onvoldoende uitgevoerd (zie de genoemde mogelijkheden voor aanpassing in het persbericht van De Nederlandse Bank van 20 februari 2012) en dat die aanpassingen nu wel in 2013 moeten gebeuren. Uit dit persbericht blijkt ook dat het om circa 7,5 miljoen pensioenuitkeringsovereenkomsten gaat!

Daarnaast heeft Stichting Pensioenbehoud de petitie Ik wil niet gekort worden op mijn pensioen opgenomen op de website http://pensioenbehoud.petities.nl om te laten ondertekenen door een ieder die deze boodschap aan de politiek wil ondersteunen. De petitie zal over enige tijd officieel worden aangeboden aan minister Kamp van SZW. U wordt verzocht om ook de petitie onder de aandacht van familie, vrienden en bekenden te brengen. Heeft u de petitie zelf al ondertekend?

Het niet aanpassen van ons pensioenstelsel leidt tot korten

maandag 20 februari 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 20 februari 2012
Het wordt steeds meer mensen duidelijk dat er niet aan valt te ontkomen om het huidige pensioenstelsel te versoberen. Maar dan niet door het korten van de bestaande pensioenen, maar door b.v. een verlaging van het opbouwpercentage. Dat percentage bedraagt nu vaak 2,25% per jaar, dus na 40 jaar een pensioen van 90% (!)van het middelloon. Ook het onderbrengen van het nóg langer leven risico bij beleggers zoals verzekeraar Aegon onlangs heeft gedaan, is een goede mogelijkheid voor pensioenfondsen.
De Telegraaf publiceerde afgelopen zaterdag na onderzoek het onderstaande overzicht van de pensioenfondsen die hebben aangekondigd om in april 2013 de opgebouwde pensioenen te moeten gaan korten indien de situatie met de dekkingsgraad niet is verbeterd. Alleen al ABP, PMT en PME hebben samen 4,7 miljoen deelnemers. Maandag a.s. maakt de Pensioen Federatie haar lijst van de waarschijnlijk kortende pensioenfondsen openbaar.

De grootste fondsen die een korting (‘afstempeling’) hebben aangekondigd:
- Pensioenfonds ABP: 0,5%
- Pensioenfonds PMT (kleinmetaal): 6-7%
- Pensioenfonds PME (grootmetaal): 6%
- Pensioenfonds Dierenartsen: circa 6%
- Pensioenfonds PNO Media: circa 6%
- Pensioenfonds Bakkersbedrijf: percentage nog onbekend
- Pensioenfonds Schoonmakers en Glazenwassers: 1,2%
- Pensioenfonds Wonen: 2,4%
- Pensioenfondsen Tandartsen en Tandartspecialisten: 3,2%
- Pensioenfonds Mode, Interieur, Tapijt en Textiel (MITT): 4,6%
- Pensioenfonds Vlees, Vleeswarenindustrie: (VLEP) 7%
- Pensioenfonds Openbare Apothekers: 6,8%
- Notarieel Pensioenfonds: 5,8%
- Pensioenfonds Thales Nederland: 4,1%
- Pensioenfonds Océ: 4% (definitieve besluit 30 juni)

De kleinere fondsen die alleen hun deelnemers hebben geïnformeerd over korting:
- Pensioenfonds Holland Casino: 4-6%
- Pensioenfonds Medewerkers in het Notariaat: 7%
- Pensioenfonds Elsevier-Ondernemingen: 3,3%
- Pensioenfonds Ten Cate: 2%
- Pensioenfonds Rijn en Binnenvaart: 1,5%
- Pensioenfonds ANWB: 1,1%
- Pensioenfonds Architecten: 2,6%
- Super de Boer Pensioenfonds: 7%
- Pensioenfonds GITP: 7%
- Philips Pensioenfonds: beslissing nog onbekend.
Bent u het niet eens met het mogelijk korten op uw pensioen, teken dan de petitie Ik wil niet gekort worden op mijn pensioen!
Deze petitie zal over enige tijd worden aangeboden aan minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

De invloed van de rentestand

maandag 13 februari 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 13 februari 2012

De misleiding van de beschikbare premieregeling voor pensioen.
Pensioenuitvoerders vinden het (nu pas) belangrijk dat de verwachtingen van consumenten goed aansluiten bij de realiteit. Daarom gaan zij deelnemers nu explicieter wijzen op de invloed die de rentestand* heeft op de te verwachten pensioenuitkering, aldus het Verbond van Verzekeraars.

Het gaat om deelnemers met een regeling waarbij de pensioenuitkeringen op de pensioendatum met een opgebouwd kapitaal worden gefinancierd (dit zijn premieovereenkomsten en kapitaal-overeenkomsten). Het gaat hierbij om regelingen die door verzekeraars worden aangeboden. Bij premieovereenkomsten zoals voorgesteld in het Pensioenakkoord, wordt echter géén kapitaal afgesproken. De deelnemer moet maar afwachten welk kapitaal voor de aankoop van een pensioen beschikbaar zal zijn afhankelijk van de jaarlijkse beleggingsresultaten, het beleggingspensioen. En de hoogte van dat beleggingspensioen is bovendien afhankelijk van de rentestand* die de deelnemer bij zijn pensionering kan aankopen. We gaan onze huidige vaste pensioenuitkerings-overeenkomsten hiervoor toch niet inruilen? Wij zijn daarom tegen het pensioenakkoord. Niet alleen voor gepensioneerden, maar juist ook voor onze kinderen en kleinkinderen.

De invloed van de rentestand is met name van belang voor deelnemers in dergelijke regelingen die al op korte termijn met pensioen gaan. De rentestand heeft echter geen gevolgen voor deelnemers in verzekerde regelingen evenals regelingen waarbij de pensioenuitkering is vastgelegd en de hoogte van de uitkering gegarandeerd wordt. Deze afspraken liggen contractueel vast.

UPO
Deelnemers in een regeling bij een verzekeraar waarbij het pensioen met een kapitaal wordt aangekocht, worden sinds 2008 jaarlijks via het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) geïnformeerd over het te verwachten pensioenkapitaal of de beleggingswaarde. Daarbij wordt ook een schatting gegeven van de te verwachten pensioenuitkering. In het UPO wordt er op gewezen dat het uiteindelijk aan te kopen pensioen afhankelijk is van de dan geldende rente. Op dit UPO staan alleen pensioen-indicaties. Daarbij wordt door verzekeraars gerekend met een rentestand van vier procent. Op dit moment is de rentestand* aanzienlijk lager dan vier procent en is het aan te kopen pensioen dus ook aanzienlijk lager. De huidige rente van 2% in plaats van 4% betekent maar liefst ook de helft van het geschatte pensioen. Aan deze misleiding zal nu een eind worden gemaakt.

De waarschuwingstekst van verzekeraars betreft niet het gehanteerde voorbeeldrendement bij een beleggingspensioen. Hierbij wordt de hoogte van het op te bouwen kapitaal op de einddatum bepaald door de te behalen beleggingsresultaten. Op het UPO voor beleggingsverzekeringen wordt wel gerekend met een voorbeeldrendement van vier procent, omdat dit rendement over de lange termijn gezien haalbaar wordt geacht door pensioenverzekeraars. Maar pensioenfondsen mogen dit verwacht rendement van 4 % niet gebruiken. Kennelijk meet De Nederlandse Bank met twee maten.

*Grafiek van de rentestand

Gelijk krijgen doet pijn

dinsdag 7 februari 2012

potamus Hippo Potamus

Precies twee jaar geleden schreef Potamus over de Mexicaanse “piñata“ waarbij kinderen tegen een papieren zak met snoepgoed slaan tot die scheurt en het lekkers ten prooi valt aan hun graaiende handen. “Bij de banken gaat het vrijwel hetzelfde. De piñata heet Griekenland, de stok waarmee men slaat, is de financiële onrust door het verstoren van de markt voor Griekse staatsobligaties. Dat verergert de situatie voor Griekenland. Als dat land zijn schulden niet langer kan betalen, is de piñata kapot en de banken en hun vazallen hebben de lekkere brokjes voor het oprapen. De Grieken zijn het grootste slachtoffer maar ook Europa krijgt een forse tik mee. Zo dreigt Europa aan graaizucht ten onder te gaan.” .

Inmiddels zijn we twee jaar verder, nu ja verder … we zitten nog dieper in de ellende. Slechts met bijna bovenmenselijke inspanning is Griekenland nog te ‘redden’. De gewone Europeanen mogen daarvoor betalen, veel betalen. Gelukkig herinneren vooraanstaande politici ons er aan dat de euro gunstig is voor ons, voor onze export en enorm bijdraagt aan ons en het Duitse bruto nationaal product (BNP) en ook nog eens veel wisselkosten bespaart tijdens de vakantie. Geen woord over de problemen van Ierland (dat in stilte lijdt en enorm bezuinigt).

Nee, eerst moet Griekenland voor een faillissement worden ‘behoed’ en daarna de ‘staatsleningen’ van Spanje, Portugal, Italië en Frankrijk. Eurofiele politici juichen zelfs als Italië maar 6 tot 6,5 procent rente moet betalen voor de 7,5 miljard euro die daarmee is ‘binnengesleept’.  Dat is maar liefst anderhalf procent van het geld nodig voor het steunfonds van het EMS (Europese Monetaire Stelsel). Maar gelukkig hoeven u en ik die 500 miljard niet alleen te betalen (via hogere hypotheekrentes en gemeentebelastingen of minder koopkracht van uw pensioen) maar doen ook het IMF (Internationaal Monetair Fonds) en zelfs China mee. Waarom dat allemaal nodig is? Niet om uw en mijn pensioenfonds te redden, maar om de banken te redden, die anders bijna allemaal omvallen, waardoor het financiële stelsel in de hele wereld ontwricht zou worden.

Ontwrichting? Klopt dat wel? In Nederland bijvoorbeeld gingen deze eeuw al Van der Hoop Bankiers (2006), Indover Bank (2008) en DSB Bank (2009) failliet. ABN-AMRO, FORTIS en ING werden met moeite door onze schatkist (uw en mijn geld dus) gered. Icesave bleek niet te redden. In Amerika kon zakenbank Bear Sterns nipt en Lehman Brothers niet worden gered.  Maar het stelsel bleef, zelfs nadat het in gevaar kwam doordat banken weer zo nodig bijzonder gevaarlijke (voor u en uw pensioenfonds) en lucratieve (voor de bank en haar bobo’s) ingewikkelde financiële producten op de markt hadden gebracht.

Maar ja die dreiging hè … Stel dat al die bankiers gaan emigreren naar Hongkong of de Kaaimaneilanden (wat een toepasselijke naam) omdat ze hun onmisbare bonus niet krijgen. Wat dan…? Dan kon er wel eens een eind komen aan de groei van het aantal miljonairs (sinds 2000 bijna verdubbeld) en dat is een ramp voor de fiscus, die de derving van de miljonairsbelasting vanzelfsprekend op ons verhaalt.

Kortom, niet alleen Europa maar zelfs de hele wereld dreigt aan graaizucht ten onder te gaan. En Potamus heeft dat allemaal voorspeld – een heerlijk bezit, zo’n visionaire blik. “Visionaire blik?” zei zijn vegetarische nijlmerrie schamper: “Waarom korten je pensioenfondsen dan? En waarom ben je geen bankier geworden? Een visionair die zich door zijn pensioenfonds laat korten!!” en ze stampte de kamer uit. Potamus die graaibankiers veracht, in verwarring achterlatend.

Potamus wilde ook wel weg … naar een warmer deel van Europa om daar zonder wisselkosten te betalen met zijn vakantie-euro’s. Maar helaas, het potje met vakantiegeld was leeg … het was opgegaan aan de indexatie van het huishoudgeld.

We hebben een nieuwe voorzitter

dinsdag 7 februari 2012

Hoera!!! We hebben een nieuwe voorzitter en die trekt meteen kritisch van leer tegen de werkgeversbijdrage en het Polderlandse taalmisbruik.
Lees het recente interview met hem dat wij in Pensioenbelangen publiceerden.

H. Potamus laat in zijn weblog ‘Gelijk krijgen doet pijn‘ zijn licht schijnen over de financiele crisis.

Teken de petitie!

woensdag 1 februari 2012

Van alle kanten werd en wordt er aan onze pensioenrechten gerommeld. Eerst werd de onvoorwaardelijke indexering sluipenderwijs omgezet in een voorwaardelijke indexering. Vrijwel niemand viel het op want de dekkingsgraden waren hoog. Vervolgens werden de “riante” dekkingsgraden “verjubeld” door niet afdragen van premies (ABP), het teruggeven van “overschotten” aan de werkgevers, waar soms wel, maar vaak ook niet, een “bijstortverplichting” tegenover stond. En gedurende jaren werden kostendekkende premies (vereist volgens Pensioenwet 2007 art. 116) niet berekend, waardoor de duurzaamheid van het pensioenfonds werd aangetast. Tenslotte werd er ook nog eens driftig op de beurs gespeculeerd, waardoor – ondanks de aanvankelijke successen – de pensioenfondsen extra kwetsbaar werden. De eerste waarschuwing kwam in de jaren 2000-2002 toen de ICT-zeepbel barstte en sommige pensioenfondsen al helemaal of ten dele niet indexeerden. Maar er gebeurde niets mee.

De toezichthouders (De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten) zagen niet toe maar keken slechts toe. Wel was DNB er als de kippen bij om de autoverzekeraars er op te wijzen dat hun premies niet kostendekkend waren en dat die aangepast moesten worden. Maar de pensioenfondsen kregen pas een waarschuwing toen het te laat was en hun dekkingsgraad onder het minimum van 105 procent was gedaald.

Er werd te laat en te zacht ingegrepen en zo werd de kans gemist om de buffers weer wat op te krikken in de relatief gunstige periode 2004 – 2008. In 2008 kondigde de financiële crisis zich aan en sinds 2009 woedt deze zo hevig, dat nu ongeveer de helft van de pensioenfondsen in de problemen zit en een aantal, waaronder ook de vijf grotere op termijn moeten gaan afstempelen. PFZW ontspringt waarschijnlijk de dans en het ABP denkt de afstempeling tot slechts ½ procent te kunnen beperken. Maar de metaalfondsen PME en PMT korten vermoedelijk met 6 of 7 procent (het maximum dat de DNB heeft ingesteld). En die korting komt nog bovenop de al ruim 8 procent die veel gepensioneerden door het niet indexeren tussen 2002 en nu al hebben ingeleverd. Dat is samen al bijna 4 maanden aan gemiste pensioenuitkering.

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 30 januari 2012

Petitie: Ik wil niet gekort worden op mijn pensioen!

De DNB heeft aangekondigd dat 125 pensioenfondsen een te lage dekkingsgraad hebben en daarom binnenkort bekend moeten gaan maken dat de pensioenen tot wel 7% gekort zullen gaan worden. Dit zal meer dan 1 miljoen gepensioneerden raken, die ook al jaren koopkracht hebben ingeleverd omdat zij niet geïndexeerd zijn.

Door te klikken op het website adres http://pensioenbehoud.petities.nl/ kunt u de petitie ondertekenen met of zonder uw naam en andere gegevens, waarbij uw privacy is gewaarborgd (zie de toelichting op de website van http://petities.nl/). U krijgt dan een email op het door u opgegeven email adres (dat nergens anders voor zal worden gebruikt) en door te klikken op de link in de ontvangen email bevestigt u uw ondertekening om zeker te stellen dat u ook degene bent van de ondertekening. Over enige tijd zal de petitie aan minister Kamp worden aangeboden.

PETITIE

Wij
gepensioneerden die al jaren geen indexatie hebben ontvangen en waarvan de koopkracht is aangetast,

constateren
dat door het toepassen van criteria gebaseerd op een te conservatieve waardering van de toekomstige verplichtingen heeft geleid tot een onrealistisch lage schatting van de dekkingsgraad bij vele pensioenfondsen. En constateren verder dat er ten onrechte geen andere middelen worden aangewend om de dekkingsgraden gezonder te maken, zoals snellere verhoging van pensioenleeftijd en premies, verlaging van opbouwpercentage en bijstorten door werkgevers,

en verzoeken
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om de rekenrente waarmee de dekkingsgraad van pensioenfondsen wordt berekend, aan te passen aan het historisch rendement van de fondsen, zodat er geen onnodige kortingen van pensioenen hoeven plaats te vinden. Pensioenen zijn uitgesteld loon, een vitaal onderdeel van de arbeidsvoorwaarden en van het sociale beleid voor de lange termijn en dienen als zodanig bestuurd en beheerd te worden.

Volgens de website van RTL Z van 23 januari 2012 blijkt uit voorlopige berekeningen van RTL Z op basis van gepubliceerde en nog niet gepubliceerde gegevens dat eind 2011 het totale pensioenvermogen €875 miljard bedroeg. Een stijging van maar liefst €74 miljard sinds begin 2011 (+9,2%). Bij het ABP was dat van €237 naar €246 miljard, bij het PFZW (Zorg en Welzijn) van €99,5 naar €110,7 miljard en bij het PME (grootmetaal) van €22,6 naar €25,8 miljard. De rekenrente was in de vorige eeuw 3% tot 4% en de pensioenen werden wel gewoon geïndexeerd onder goedkeuring van de Pensioen- en Verzekeringskamer, de voorganger van DNB. De ‘deskundigen’ zijn het onderling niet met elkaar eens en de meesten willen niet (meer) de risicoloze staatsleningen als basis van de rekenrente, maar een langer lopende gemiddelde rente. Intussen verlaagt het Pensioenfonds Vervoer het opbouwpercentage voor 2012 met 0,1% naar 1,95% en verhoogt de premie met 0,9% tot 29,4%, waardoor de dekkingsgraad voldoende herstelt om niet te hoeven korten. Prima.