Berichten met het label ‘ABP’

Failliet van het ABP

donderdag 2 september 2010

Ook het ABP bestuur begrijpt nu eindelijk dat het ABP in zwaar weer is. In de media moeten de verplichte deelnemers rijp gemaakt worden voor een directe korting op hun nominale pensioenen. Over indexatie wordt al lang niet meer gepraat. Gepensioneerden zijn de slachtoffers, maar daar hoef je als ABP natuurlijk niet mee te communiceren. Met een grote dosis woede schrijft Kees de Lange zijn weblogBelogen en bedrogen’.

Belogen en bedrogen

donderdag 2 september 2010

Kees de Lange Kees de Lange

Het ABP plaveit de weg om uw pensioen te gaan korten. De vice-voorzitters van het ABP bestuur, Xander den Uyl (vakbonden) en Joop van Lunteren (werkgevers), nemen in de media over de rug van de verplichte deelnemers alvast een voorschot op wat voor velen al lang duidelijk was. Het ABP gaat vrijwel zeker de nominale pensioenen verlagen. En 2,8 miljoen Nederlanders zijn het slachtoffer. Van een fatsoenlijke indexatie van pensioenen was al geruime tijd geen sprake meer. Maar een groter failliet van het ABP beleid dan het verlagen van de nominale pensioenen is nauwelijks denkbaar. Hoe heeft het zover kunnen komen?

Zoals altijd wanneer het ABP bestuur naar buiten treedt, zijn krampachtig vasthouden aan de macht, eigenbelang en schoonvegen van het eigen straatje de voornaamste drijfveren. Ook ditmaal is dat geen uitzondering. Natuurlijk komt het allemaal door de historisch lage lange rente. Natuurlijk kon niemand dit voorzien. Natuurlijk was het beleid van het ABP altijd boven alle twijfel verheven. Natuurlijk behartigt het ABP de belangen van alle verplichte deelnemers op evenwichtige wijze. Natuurlijk treft het ABP bestuur geen blaam. Genoeg van deze mantra’s die we al jaren horen. Wat presteert het ABP nu eigenlijk echt? We lopen puntsgewijs wat zaken van belang na.

1 De kwaliteit van het ABP bestuur
Het ABP als bedrijfstakpensioenfonds wordt paritair bestuurd door werkgevers en vakbonden. De rol van de werkgevers in dit bestuur is een overblijfsel uit vervlogen tijden, toen de overheid als werkgever nog financiële medeverantwoordelijkheid droeg voor het ABP. Die dagen zijn lang voorbij, en de invloed van de werkgevers op uw uitgestelde loon is een overblijfsel uit de middeleeuwen van ons pensioenstelsel. De rol van de overheid als werkgever kan niet beter geïllustreerd worden dan door het feit dat in 1995-6 een bedrag van 15 miljard euro door diezelfde overheid (de namen van Kok en Lubbers mogen hier niet ontbreken) uit het ABP gestolen is. Werkgevers en vakbonden zaten erbij en keken ernaar. De verplichte deelnemers waren het slachtoffer. Over de kwaliteit van het ABP bestuur is al veel gezegd. Wie gelooft dat figuren als Ed Nijpels, Harrie Borghouts en Xander den Uyl de mensen zijn die vertrouwen in één van de grootste pensioenfondsen ter wereld moeten bewerkstelligen, kan terecht als wereldvreemd beschouwd worden. En wie heeft er ooit van Joop van Lunteren gehoord?

2 De representativiteit van het ABP bestuur
De vakbonden vertegenwoordigen nog slechts 18 % van de werkenden en nauwelijks de gepensioneerden. Hun rol in onze samenleving is grotendeels uitgespeeld, maar dinosauriërs hebben slechts kleine breinen en leren langzaam. Te langzaam, want hun gebrek aan aanpassingsvermogen heeft tot hun uitsterven geleid. Toch houden zij met alle middelen aan de macht in de pensioenfondsen vast. Mooie baantjes en nog goed betaald ook. Zonder u of mij ooit iets te vragen. Ondanks dat het om ONS uitgestelde loon gaat. Ondanks de maatschappelijke onhoudbaarheid van deze situatie, doen de bonden nog hun uiterste best om een democratisch in de Tweede Kamer aangenomen wetsvoorstel van Koser Kaya / Blok alsnog in de Eerste Kamer onder de tram te helpen. Uiteraard met steun van hun slippendragers CDA en PvdA.

3 Financieel risicomanagement bij het ABP
Het is geen geheim dat de kennis van financieel risicomanagement bij het ABP bestuur onder de maat is. Slechts twee van de dertien bestuursleden hebben enige kennis van zaken. Over een lange reeks van jaren heeft het ABP nagelaten om in goede tijden de buffers op te bouwen voor de slechte tijden die onvermijdelijk volgen. Premiekortingen in de jaren ’90, een ongerechtvaardigd optimisme zelfs tot november 2009 toen Xander den Uyl in Kassa nog beweerde dat er niets aan de hand was met het ABP, hebben het vertrouwen in het fonds gedecimeerd. Het ABP is het levende bewijs van een fonds dat uit zijn krachten gegroeid is, in moeilijke en snel wisselende economische omstandigheden niet meer snel en adequaat kan reageren, en dus de belangen van de verplichte deelnemers niet naar behoren kan behartigen.

4 Het beleggingsbeleid van het ABP
Over het beleggingsbeleid van het ABP bestaan bij experts zeer grote twijfels. Niettemin is het lastig harde gegevens boven tafel te krijgen over de echte risico’s die men verkozen heeft te lopen. Het niet afdekken van het renterisico wordt door velen gezien als een ernstige beleidsfout. Pogingen van onderzoeksjournalisten om relevante gegevens te verkrijgen zijn zelfs na een beroep op de Wet Openbaarheid Bestuur door het ABP gefrustreerd. Duidelijk is dat hier het laatste woord nog niet over is gesproken.

5 Het communicatiebeleid van het ABP
Het communicatiebeleid van het ABP is om te huilen. Doel is in elk geval niet om de verplichte deelnemers op de hoogte te stellen van de ontwikkelingen op pensioengebied, met name de minder aangename. In alle ABP publicaties, die vooral ‘advertorials’ van de FNV zijn, worden kritische geluiden uit alle macht geweerd, en wordt een weeë saus van braafheid en nietszeggendheid over de lezers uitgestort. Paginalange beschouwingen over de zeilboot van Ed Nijpels geven ongeveer het niveau van dit soort door de deelnemers tegen wil en dank bekostigde periodieken aan. Dit beleid voldoet niet aan de minimale eisen die aan iedere vorm van communicatiebeleid gesteld kunnen worden, en is tevens in veel gevallen bewust misleidend. Dat we hiermee in de buurt van verwijtbaar gedrag komen, moge duidelijk zijn.

6 Hoe nu verder?
Het ABP bestuur heerst, zonder zich te bekommeren om de belangen van de verplichte deelnemers die in veel gevallen een leven lang premie betaald hebben. Het pr beleid heeft vooral het onderstrepen van de eigen glorie van het ABP bestuur tot doel. Het communicatiebeleid is een slag in het gezicht van alle deelnemers in het fonds die als onwetende debielen behandeld worden. Het ABP in zijn huidige vorm heeft zijn uiterste houdbaarheidsdatum overschreden en ingrijpende maatregelen op korte termijn zijn vereist. In het belang van een ieder die zijn geloof in een goed collectief pensioenstelsel nog niet helemaal verloren heeft.

7 Gepensioneerden eisen
Vanuit het standpunt van gepensioneerden bezien dienen op de kortst mogelijke termijn de volgende maatregelen genomen te worden:

  1. Het per onmiddellijk afscheid nemen van een primitieve regenteske en arrogante bestuursstijl die het vertrouwen in het ABP in belangrijke mate door de jaren ondermijnd heeft. Alleen het werken met nieuwe mensen aan een bestuurlijke cultuur- en mentaliteitsverandering kan een wankelend ABP nog van de ondergang redden.
  2. Een geheel nieuwe bestuurssamenstelling tot stand brengen die gebaseerd is op kwaliteit, representativiteit, met uitsluiting van het old-boys-network, en met minimale werkgeversinvloed;
  3. Een transparante verslaggeving en een extern controleerbaar beleggingsbeleid implementeren;
  4. Een grondige onafhankelijke analyse van de kwaliteit van het functioneren van het ABP over een lange reeks van jaren laten uitvoeren;
  5. Een modernisering van het communicatiebeleid met spoed realiseren;
  6. De ABP periodieken open stellen voor mensen en organisaties met gefundeerde kritiek op het functioneren van het ABP;
  7. De verplichte deelnemers de keus te geven het ABP te verlaten en zich bij een ander fonds aan te sluiten.

Het is nu wel mooi geweest.

Honden die niet blaffen, bijten wel degelijk

zondag 29 augustus 2010

De pensioenen zijn een onderwerp met stip geworden in alle media. Dat mag op zich verbazen, want wat er nu gebeurt, zag iedereen die rekenen kan al lang aankomen. Maar wat we nu ook zien, is pas echt gênant: pensioenfondsbestuurders buitelen over elkaar heen in hun weinig overtuigende pogingen om verplichte deelnemers gerust te stellen. Dat hun eigen fonds diep in het rood staat, daar praten we maar liever even niet over. Sir Arthur Conan Doyle zou niet verbaasd zijn geweest. Kees de Lange schrijft er een weblog over, onder de titel ‘De hond die niet blafte’.

De hond die niet blafte

zondag 29 augustus 2010

Kees de Lange Kees de Lange

Niet alleen uit het verleden valt veel te leren, dat geldt evenzeer voor de wereldliteratuur. Ik neem u daarom mee naar een beroemd verhaal waarin de onvolprezen Sherlock Holmes, geestelijk kind van de Engelse schrijver Sir Arthur Conan Doyle, figureert. Het mysterie waar het om gaat wordt opgelost omdat er iets niet gebeurt, omdat een hond waarvan je zou verwachten dat hij zou gaan blaffen, dat niet deed. Maar natuurlijk vraagt u zich af wat dat allemaal met pensioenen te maken heeft.

Nu het debat over onze pensioenen volop woedt, en allerlei hotemetoten hun kijk op de werkelijkheid in de media ventileren, hoor je natuurlijk heel veel totaal tegengestelde geluiden. Wie moet je nu eigenlijk geloven? Als je ouder en cynischer bent geworden, heb je zo langzamerhand geleerd waar je op moet letten. Ik doe u kosteloos het recept aan de hand. Je moet jezelf altijd drie vragen stellen: (i) Welk belang heeft de spreker bij de situatie waarom het gaat?; (ii) Waarom begint zij / hij er op dit moment over?; en (iii) Waar gaat zijn bijdrage vooral niet over? Welke honden blaffen er niet?

Gewapend met deze nuttige kennis blijkt de wereld om ons heen opeens een stuk overzichtelijker. Nu opeens voor diverse pensioenfondsen het risico van afstempelen bestaat, verdringen de pensioenfondsbesturen die je voorheen nooit hoorde over de kwaliteit van hun fonds zich opeens om te melden dat zij niet tot de afstempelaars behoren. Timing en inhoud van de boodschap zijn duidelijk, en het feit dat je zoiets expliciet meldt, geeft impliciet aan dat het fonds in de gevarenzone verkeert. Een hond die niet blaft, ook dat is informatie.

Een echte hondenliefhebber is natuurlijk Xander den Uyl. Hij heeft een kennel vol, en het curieuze van deze dieren is dat ze letterlijk nooit blaffen. In Kassa van november 2009 was zijn enige reactie op de resultaten van de door de NBP uitgevoerde berekeningen over de herstelplannen (die voor het ABP desastreus uitpakten), dat zijn bestuur het echt echt echt prima gedaan had. Ook trok hij de uitkomsten in twijfel omdat die het gevolg zouden zijn van een veel te zwart scenario dat door de NBP gehanteerd was. Ondanks het feit dat de NBP expliciet was uitgegaan van de eigen ABP cijfers. We kunnen vaststellen dat het ABP er nu heel wat beroerder voorstaat dan in november 2009. Wat toen al opviel was dat de Uylse honden Transparantie, Medezeggenschap en Beleggingsbeleid alle gelegenheden om te blaffen aan zich voorbij lieten gaan.

Ook het voorbeeld van Dick Sluimers, opperhoofd van de APG die de pensioenen van het ABP beheert, is verhelderend. Onlangs klaagde hij in alle media over de naar zijn mening te hoge schatting van de verplichtingen van de pensioenfondsen. Hij hield een warm pleidooi voor het invoeren van een hogere rekenrente, omdat de marktrente voor een pensioenfonds niet realistisch zou zijn en zich op een historisch dieptepunt bevond. Nu stelt de NBP dat al geruime tijd. Wat we niet begrijpen is waarom Sluimers bij het invoeren van deze nieuwe waarderingsmethode enige jaren geleden er een warm pleitbezorger van was. Is dat niet wat gewone mensen opportunisme noemen? Ook de timing van zijn boodschap was natuurlijk opvallend. Op het moment dat voor een aantal fondsen afstempeling dreigt, allemaal fondsen die er nauwelijks slechter voorstaan dan het ABP, was zijn causerie over de rekenrente wel een erg geschikte afleidingsmethode. En dat we zijn honden Beleggingsbeleid en ABP Dekkingsgraad niet hoorden blaffen, daar kunnen we nu gelukkig de juiste conclusies aan verbinden.

Ik heb er genoeg van, ik ga mijn computer uitzetten. Ik houd namelijk niet van honden, ik ben een kattenmens. Iemand die mensen kat zei u? Dat zijn dan uw woorden. Maar waarom adviseert mijn Vista Operating System toch steeds het apparaat in de sluimerstand te zetten? Waar heb ik dat aan verdiend? Ik zal Sherlock Holmes maar eens bellen.

Het laatste pensioentaboe geslecht

vrijdag 20 augustus 2010

Kees de Lange Kees de Lange

Het is zover. Wat iedereen die zijn ogen niet in zijn zak heeft al jaren heeft zien aankomen, gaat nu gebeuren. Na het jarenlang niet uitbetalen van indexatie aan gepensioneerden, waardoor zij steeds meer in koopkracht achter zijn gaan lopen op de werkende bevolking, gaan nu ook de nominale pensioenen daadwerkelijk gekort worden. Zodra dat laatste taboe echt doorbroken wordt, zullen de pensioenen van miljoenen Nederlanders in vrije val geraken en zijn hun financiële zekerheden volledig zoek. We zullen de situatie analyseren aan de hand van drie vragen:

  1. Hoe heeft deze onaanvaardbare situatie kunnen ontstaan?
  2. Wie zijn verantwoordelijk?
  3. Wat te doen?

1 Hoe heeft deze onaanvaardbare situatie kunnen ontstaan?

De huidige noodtoestand is niet van vandaag of gisteren. In de jaren ’90 waren de beleggingsresultaten van pensioenfondsen zodanig dat in veel gevallen jarenlang premies werden geheven die ver beneden het kostendekkend niveau lagen. Leuk natuurlijk voor werkenden en werkgevers, althans tijdelijk, maar uiteindelijk de bijl aan de wortel van het pensioensysteem. Door dit wanbeleid is nagelaten de zo noodzakelijke buffers voor slechte tijden op te bouwen. Waar de filosofie van de mier geboden was, hadden de krekels het voor het zeggen. Want nog steeds is het zo dat ons systeem van aanvullende pensioenen in principe behoorlijk ongevoelig is voor de vergrijzing. Als op ieder moment alle werkenden een kostendekkende premie betalen, en er een doordacht en realistisch financieel risicomanagement wordt gevoerd, is er weinig aan de hand en kunnen resterende schokken opgevangen worden. Overigens ligt in de voorgaande zin besloten wat er precies is misgegaan. Als er dan ook nog een overheid is die zonder scrupules haar eigen werknemers besteelt door (in geval van het ABP in 1995-1996) 15 miljard euro uit het fonds te roven, dan is duidelijk waar veel van de ellende vandaan komt.

Ook de wijze waarop de bedrijfstakpensioenfondsen bestuurd worden is vragen om moeilijkheden. En omdat zo’n 80% van de Nederlanders verplicht van die fondsen afhankelijk is, is dat een uitermate serieus probleem. Deze fondsen worden paritair bestuurd door werkgevers en vakbonden die tot elke prijs (proef deze woorden: tot elke prijs, en u betaalt die prijs) de macht aan zich wensen te houden. Dat de werkgevers nauwelijks risico lopen, en de vakbonden nauwelijks representatief zijn voor werkenden en zo mogelijk nog minder voor gepensioneerden (zie mijn artikel op FDSelections van 17 augustus) is niet alleen maatschappelijk onaanvaardbaar, maar ook levensgevaarlijk. Met name de vakbonden zijn organisaties die vastzitten in een soms rijk verleden, maar hun toekomstvisie bestaat helaas uit achterom kijken. Dat, en hun natuurlijke neiging andere belanghebbenden buiten te sluiten, heeft over een periode van vele jaren lang geleid tot een regenteske bestuursmentaliteit die ronduit schadelijk is voor de belangen van alle verplichte deelnemers. Die gedwongen winkelnering is overigens ook een belangrijke factor die bijdraagt aan de weinig alerte wijze waarop pensioenfondsbesturen op veranderingen reageren. Hun klanten kunnen immers toch geen kant op? Ook de periodieken waarmee de fondsen met hun deelnemers ‘communiceren’ geven blijk van een middeleeuwse taakopvatting. Dit soort publicaties zijn vooral advertorials waarin de vakbonden hun eigen lof zingen, en waaruit kritische geluiden krachtig geweerd worden. Zo zult u in ABP publicaties tevergeefs zoeken naar de NBP omdat onze naam geweerd wordt uit de ABP kolommen. We zijn te lastig. Hoe dat ook moge zijn, een eigentijdse organisatie wint aan kracht door kritiek serieus te nemen en bij de beschouwingen te betrekken, niet door hautain de andere kant op te kijken.

Natuurlijk speelt de crisis van 2008 ook een belangrijke rol. Echter, de fondsbesturen praten opvallend weinig over het feit dat al sinds de jaren 2000-2001 de fondsen in zwaar weer zijn beland, waarbij de buffers voor zover aanwezig al in belangrijke mate verdwenen waren. De crisis van 2008 en de zeer lage rente van dit moment komen slechts bovenop een trend die al verre van zonnig was. Het is daarbij curieus dat de politiek deze renteverlaging gestimuleerd heeft om, in combinatie met financiële miljardensteun, de banken te ‘redden’, zonder overigens de daar heersende fatale bestuurscultuur van graaien en woekeren overtuigend aan te pakken. Dat dit alles ten koste ging van de belangen van alle gepensioneerden, is toen wel betoogd (ondermeer door de NBP), maar vervolgens voor het gemak maar even vergeten.

2 Wie zijn verantwoordelijk?

Uit bovenstaande is duidelijk dat werkgevers en vakbonden over een lange reeks van jaren niet de juiste mentaliteit aan de dag gelegd hebben om de belangen van alle verplichte deelnemers in de fondsen behoorlijk te behartigen. Dit heeft geleid tot een beleid dat op hoofdpunten ernstig tekort geschoten is, niet in het minst door het totaal verlies van vertrouwen bij de mensen waar de fondsen geacht worden voor te werken. Ook de politieke meerderheden uit het verleden, die belang hadden bij handhaving van de status quo in pensioenland, hebben bewust nagelaten de broodnodige veranderingen in de pensioenwet door te voeren. Zelfs nu nog blijkt uit het optreden van minister Donner dat hij het nog steeds niet begrepen heeft. De politiek heeft zitten slapen, het gesnurk van De Nederlandsche Bank (DNB) is al jaren oorverdovend, en hun enige belang lijkt te zijn om te betogen dat zij het allemaal ook niet weten en niet kunnen helpen. Dit wegvluchten in juridische schuilhoeken is een stuitend bewijs dat het niet de slachtoffers van het systeem zijn die centraal staan, maar de schijnbelangen van incompetente bestuurders. Het is toch niet te geloven dat miljoenen gepensioneerden de stuipen op het lijf gejaagd krijgen door wel te roepen dat het allemaal mis gaat met hun inkomen, maar geen gegevens te verstrekken over welke fondsen het betreft? Is er een groter failliet van het systeem denkbaar?

Wat de fondsen betreft, reeds de commissie Frijns heeft klip en klaar aangegeven dat er middels een slecht beleggingsbeleid miljarden van uw en mijn geld letterlijk vergokt zijn. Hoeveel fondsbestuurders werden gedwongen om af te treden? Juist, geen enkele. Pensioenfondsen zijn uitermate terughoudend met het verstrekken van gegevens over hun eigen beleggingsbeleid. En mocht u overwegen de bestuurders van uw fonds wegens wanprestatie voor de rechter te dagen, dan moet u weten dat volgens de statuten van bijvoorbeeld het ABP het pensioenfonds in zo’n geval de kosten van de procedure van de bestuurder betaalt. Op die manier betaalt u dubbel om het wanbeleid van hen die uw geld verjubelen aan de kaak te stellen. Een leuke wereld waarin wij leven.

3 Wat te doen?

Uit bovenstaande is duidelijk dat er een totale cultuuromslag nodig is om te komen tot een pensioenstelsel dat recht doet aan de belangen van al die Nederlanders die verplicht een leven lang sparen en in slaap zijn gesust met eindeloze mededelingen dat het allemaal wel goed zit. Misleiding en bedrog is het laatste dat zij verdienen. Dat het de hoogste tijd is om met de stofkam door de fondsbesturen te gaan en de Xander den Uyl en Harry Borghouts types met spoed te verwijderen, behoeft nauwelijks betoog. Alleen met dat soort maatregelen kan met de hoognodige cultuuromslag een begin gemaakt worden. Fondsbesturen dienen representatief te zijn voor allen die de risico’s lopen. Dat zijn dus de verplichte deelnemers. Daar is echt geen ontkomen meer aan.

En financieel? De belangen met name van oudere gepensioneerden dienen beschermd te worden. Zij zijn degenen die onder grote opofferingen dit land na de Tweede Wereldoorlog hebben opgebouwd. Zij zijn degenen die lage salarissen geaccepteerd hebben in ruil voor de toezegging van een waardevast pensioen. Zij zijn degenen die recht hebben op een betrouwbare overheid. Zij zijn de zwakken in onze samenleving waarvoor een fatsoenlijke overheid garant dient te staan. Zij hebben heel wat beter verdiend dan de huidige onzekerheid waarin zij door politiek en sociale partners gemanoeuvreerd worden.

Waar denken wij aan? De overheid dient tijdelijke garanties te geven aan de fondsen in nood, en tegelijkertijd deze fondsen onder curatele te stellen. Zij hebben bewezen hun taak niet aan te kunnen. Vervolgens dient er een reddingsplan geformuleerd te worden waarbij de verplichte deelnemers een uitgebreide stem in het kapittel krijgen. Ook dienen kleine fondsen gedwongen worden om te fuseren. Er is nu wel genoeg knoeiwerk geleverd.

Samenvattend….

Ik hoop van harte dat ouderen lering trekken uit wat zich er momenteel in pensioenland afspeelt. Uw belangen zijn bij de huidige overheid en bij uw pensioenfondsbesturen niet in goede handen. Er zijn fundamentele veranderingen nodig. Samen bent u een politieke macht van belang. Zodra u zich verenigt en politiek assertief voor uw belangen opkomt, kan niemand meer om u heen. Eerder dan u denkt krijgt u daartoe een uitgelezen mogelijkheid. Maar dat is een punt waar ik in september op terug kom.

FNV wringt zich in onmogelijke bochten

vrijdag 6 augustus 2010

Kees de Lange Kees de Lange

Al eerder op deze website en in ons blad Pensioenbelangen is uitgebreid geageerd tegen het treurige ‘pensioenakkoord’ dat onlangs gesloten is tussen werkgevers en vakbonden. Uitgebreid is ingegaan op het feit dat de gezamenlijke bonden slechts minder dan 20% van alle werkenden vertegenwoordigen en dus voor deze groep niet representatief zijn. In nog veel mindere mate kunnen zij aanspraak maken op een rol waarin zij gepensioneerden zouden kunnen vertegenwoordigen. Eenvoudige feiten die door iedereen te controleren zijn. Niettemin worden de bedrijfstakpensioenfondsen bestuurd door vertegenwoordigers uitsluitend uit de kring van werkgevers en vakbonden. Een eigentijds schandaal waaraan in juni 2010 door de Tweede Kamer een halt is toegeroepen door het aannemen van het initiatiefwetsvoorstel Koser Kaya/Blok waarin ook voor gepensioneerden plaatsen worden ingeruimd in de besturen van bedrijfstakpensioenfondsen. Nu de Eerste Kamer nog, waar de vakbondsvazallen van PvdA en CDA alsnog roet in het eten kunnen gooien.

Als er dan een ‘pensioenakkoord’ zou bestaan, tussen wie en wie is dat ‘akkoord’ dan gesloten? Tussen werkgevers en vakbonden, laat men ons graag geloven. Laten we eens wat nauwkeuriger kijken naar hoe de vakbondsleden, met name die van het FNV, erover denken. Toen de hele zaak in een referendum aan de FNV leden werd voorgelegd, bracht slechts een zeer ondergeschikt deel van deze leden zijn stem uit, weliswaar met een meerderheid vóór. Echter, zoals onlangs bleek, het hoogste orgaan van de FNV, de bondsraad, verklaarde zich met 32 tegen 22 stemmen tegen. In zijn wijsheid en met de curieuze opvattingen over democratie die het FNV bestuur zo eigen zijn, werd deze uitspraak echter niet opgevolgd. Er is dus een akkoord dat door het hoogst verantwoordelijke orgaan binnen de FNV verworpen is, maar dat toch nog steeds als zodanig gepresenteerd wordt. Ondanks de woordbrij die het FNV zo kenmerkt in moeilijke dagen, is volstrekt duidelijk dat als er al een akkoord ligt, dit uitsluitend een zaakje is van wat bondsbobo’s, onderschreven door een zeer gering deel van de leden. En niet een erg fris zaakje bovendien. Immers, het feit dat de overgrote meerderheid van de verplichte deelnemers (actieven en gepensioneerden) in de bedrijfstakpensioenfondsen nooit naar een mening gevraagd is, maakt dit geheel tot een volstrekt lachwekkende exercitie.

Dat binnen de FNV een nieuwe wind is opgestoken, mag blijken uit het feit dat Xander den Uyl, vakbondsfossiel uit betere dagen, samen met enige anderen uit hun bestuursfuncties van de ABVA-KABO gezet zijn. Dat dezelfde Den Uyl nog steeds als vice-voorzitter van het ABP hetzelfde eentonige hoogste woord heeft als altijd, mag daarom misplaatst heten. Maar bij de FNV leert men slechts langzaam, heel langzaam.

De besturen van de bedrijfstakpensioenfondsen, met het ABP als grootste representant, en dikwijls riant bekostigd uit de bijdragen van de verplichte deelnemers, kreupelen voort. De dekkingsgraden van de vijf grootste fondsen zijn miserabel laag, en de besturen lijken alle zicht op hun eigen beleggingsbeleid verloren te hebben. Ook de Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen, eveneens betaald door u en mij zonder dat ons ooit iets gevraagd is, houdt zich nog steeds bezig met navelstaren, met middeleeuwse geschiedenis en met achterhoedegevechten tegen de wet Koser Kaya/ Blok.

Deze gênante vertoning wordt zo mogelijk nog overtroffen door het ABP. In zijn jaarlijkse Rendez-Vous (ditmaal op 4 oktober in Den Haag), een pr aangelegenheid die alweer betaald wordt uit de zakken van de deelnemers, wordt het programma uitsluitend gewijd aan het verwerpelijke ‘pensioenakkoord’. Met FNV onderhandelaar Peter Gortzak als spreker weten we op de voorhand wat ons te wachten staat, met de democratie in de pensioenwereld als grootste maar niet enige slachtoffer. Opnieuw wordt het uitgestelde loon van gepensioneerden misbruikt om hun belangen te verkwanselen en hen op hun eigen kosten te schofferen. Opnieuw geeft het ABP bestuur er blijk van er he-le-maal NIETS van begrepen te hebben. Die vierde oktober kunt u daarom beter aan iets leuks besteden. De toekomstige gepensioneerden in het ABP bestuur kunnen hun tuingereedschap alvast aanschaffen, want te schoffelen, te wieden en te vegen valt er binnenkort genoeg.

De FNV wordt steeds ongeloofwaardiger

vrijdag 6 augustus 2010

Normaal is er in de vakantieperiode niet veel nieuws te melden. Ten aanzien van de pensioenen gaat echter de stroom aan slechte berichten ook in de zomer gewoon door. Het verwerpelijke ‘pensioenakkoord’ waar de FNV zo trots op was, zorgt nu gelukkig zelfs in de eigen kring voor grote problemen. Het FD meldde op 5 augustus 2010 dat de FNV-bondsraad het ‘akkoord’ met 32 tegen 22 stemmen verworpen had. Het FNV-bestuur heeft deze uitspraak voorlopig naast zich neergelegd. Al eerder was Xander den Uyl bij de ABVA-KABO niet herkozen als bestuurslid. Het rommelt dus binnen de FNV die toch al niet representatief is voor werkenden en nog veel minder voor gepensioneerden. Hoezo ‘akkoord’, vraag je je zo langzamerhand af. Kees de Lange gaat in zijn weblog precies op deze vraag nader in. Ook in een ingezonden brief geplaatst in het FD van 13 juli 2010 gaat de NBP voorzitter in op dit vermaledijde akkoord.

De snorkende geluiden van bestuurders van bedrijfstakpensioenfondsen in de Kassa uitzending in november 2009 blijken, zoals door de NBP voortdurend betoogd, volkomen misplaatst te zijn geweest. De onaangename werkelijkheid openbaart zich steeds meer, namelijk dat men de grootst mogelijke moeite heeft om de toch al sombere herstelplannen te realiseren. Lees hierover in het FD de artikelen van 16 juli 2010 en 23 juli 2010. Voorts hebben de pensioenfondsen ABP en Zorg en Welzijn hun lovebaby Alpinvest in de verkoop gezet. Slechte beleggingsresultaten en obscene zelfverrijking van de bestuurders, treurnis waar al jaren geleden door velen op gewezen is, lijken nu opeens de doorslag te geven. Het NRC bericht erover op 9 juli 2010.

Tenslotte een bericht over hoe ouderen ervoor staan op de arbeidsmarkt, gepubliceerd op 27 juli 2010 op www.nu.nl. De feiten wijzen uit dat zij vrijwel kansloos zijn. Tegenover elke dertien werkloze 55-plussers stond er in 2009 maar een die werd aangenomen. Curieus hoe dergelijke cijfers nooit aan de orde komen bij de discussie over de ingangsleeftijd van AOW en aanvullende pensioenen. Het is evident dat verhoging naar 67 jaar eenvoudigweg steeds meer ouderen in de WW en de Bijstand dumpt.

De verloedering van Nederland

vrijdag 23 juli 2010

De gemiddelde Nederlandse burger heeft geen vertrouwen meer in zijn financiële instellingen, in het bedrijfsleven, in de politiek en in de pensioenfondsen. De gevestigde orde (vakbonden, werkgevers, het merendeel van de oude politiek), met grote belangen bij het in stand houden van de status quo, kiest er nog steeds voor de ogen voor deze vertrouwenscrisis te sluiten en de gebruikelijke machtspolitiek van het eigenbelang te continueren. Kees de Lange wijdt er een weblog aan onder de titel ‘Verspeeld vertrouwen’.

In zijn analyse ontbreken ook de nieuwe ontwikkelingen bij het ABP niet. Met name wordt ingegaan op het Rendez-Vous in oktober 2010, waar de keuze voor sprekers wel een zeer selectieve is, en een belediging aan het adres van alle gepensioneerden. Lees ook in het FD van 13 juli hoe uiteindelijk de verkoop van het hedgefund Alpinvest, eigendom van de pensioenfondsen ABP en Zorg en Welzijn, wordt voorbereid. Dit hedgefund kenmerkte zich niet zozeer door de fantastische opbrengsten ten behoeve van de verplichte deelnemers in deze pensioenfondsen, maar vooral door de obscene beloningen die de leiding voor zichzelf reserveerde. Uit het artikel valt vooral de volgende zin over de pensioenfondsbesturen op: ‘Een schrale troost voor de lezende deelnemer van deze verslagen kan zijn dat het bestuur ook geen zicht, laat staan greep meer heeft op het beheer van zijn pensioenvermogen en dat een verandering noodzakelijk is’. Kan het failliet van de huidige bestuurscultuur nog beter verwoord worden?

De koepel van bedrijfstakpensioenfondsen, betaald door de deelnemers in de fondsen, gaat voort met de achterhoedegevechten tegen medezeggenschap van gepensioneerden over hun eigen uitgestelde loon. Nu na ruim veertig jaar in de Tweede Kamer bestuursdeelname van gepensioneerden niet langer geblokkeerd kan worden door vakbonden, werkgevers, en slippendragende partijen als het CDA en de PvdA, is dit een stuitende vertoning. IPE berichtte er op 8 juli over.

Verspeeld vertrouwen

vrijdag 23 juli 2010

Kees de Lange Kees de Lange

Zo’n tien jaar geleden stonden de media nog niet vol van het woord ‘vertrouwen’. Nu is er nauwelijks nog een onderwerp te bedenken, zoals de financiële wereld, de zakenwereld, de politiek, ons pensioenstelsel, of het woord ‘vertrouwen’ is niet van de lucht. Het gaat dan altijd om het ‘verder versterken van het vertrouwen’. De redenen zijn natuurlijk duidelijk. Als vertrouwen vanzelf spreekt, hoef je er niet over te praten. Als je tien jaar geleden een willekeurige Nederlander vroeg hoeveel vertrouwen hij in zijn bank of in zijn pensioenfonds had, dan werd je vreemd aangekeken. Je moest uitgebreid zoeken naar mensen die er geen vertrouwen in hadden. Dat beeld is sinds een aantal jaren grondig veranderd. Juist doordat het woord vertrouwen nu te pas en vooral te onpas wordt gebruikt, moeten we constateren dat er met datzelfde vertrouwen iets fundamenteel mis is. Want hoe vaker een woord wordt gebruikt, des te meer problemen er mee zijn. Laten we eens nagaan hoe dat zo is gekomen.

Natuurlijk zitten we midden in een grote financiële crisis. Onverantwoordelijk gedrag van bankiers, ontoereikend risicomanagement, en een stuitende bonusgraaicultuur zijn de hoofdoorzaken van deze crisis. De gemiddelde Nederlander wordt gezien als pion in een verdienmodel die je kunt proberen woekerpolissen en andere criminele financiële producten door de strot te duwen. Waar in redelijkheid de consument mag verwachten dat de financiële toezichthouders bescherming bieden tegen financieel wanbeleid van banken en verzekeraars, is voor iedereen behalve Nout Wellink duidelijk dat men hier enorme steken heeft laten vallen. Even duidelijk is dat in veel gevallen ook de Raden van Commissarissen, veel te vaak gedomineerd door leden van het old boys network die het vooral moeten hebben van hun kennissen en niet van hun kennis, al dan niet bewust hebben zitten slapen. Al met al een treurig beeld. Geen wonder dat de gemiddelde Nederlander uitermate cynisch is geworden over de hele financiële sector.

Ook de wijze waarop tot dusver is geprobeerd de gevolgen van de crisis te bestrijden, heeft het cynisme onder de bevolking slechts versterkt. Banken die door eigen toedoen in ernstige problemen zijn geraakt, zijn door enorme kapitaalinjecties van de overheid en op kosten van de belastingbetaler ‘gered’. De situatie in Nederland is niet zo heel verschillend van die in IJsland, waar een te grote financiële sector als een molensteen om de nek van de burger hangt. De verantwoordelijke bankiers hebben niets van hun arrogantie en graaizucht verloren, en blijven gewoon op hun post. Met hulp van de politiek zijn immers de risico’s mooi afgewenteld op de burger. En om het allemaal nog erger te maken, er is geen enkele garantie dat de kosten voor de belastingbetaler eenmalig zijn. Want er is ongetwijfeld meer economisch zwaar weer op komst.

Ook een nadere beschouwing van het bedrijfsleven leidt niet tot veel vrolijkheid. Mensen als Wientjes van VNO-NCW zingen graag de lof van het vrije ondernemerschap zonder overheidsinterventie op het gebied van arbeidsvoorwaarden, maar voor het geval de vrije jongens wat risico gaan lopen, moet toch de rekening bij voorkeur bij de belastingbetaler worden gelegd. En als de ondernemer met de vingers in de suikerpot wordt betrapt, zoals bij de bouwfraude of de vastgoedfraude, dan wordt snel een financiële schikking getroffen zonder dat de schuldvraag wordt onderzocht, laat staan beantwoord. Wie gelooft dat het bedrag van een dergelijke schikking hoger is dan de door fraude en bedrog verkregen opbrengsten, is aan deskundige hulp toe. Leg dat allemaal maar eens uit aan de burger die zijn belasting iets te laat betaalt en het volle overheidsgeweld over zich heen krijgt.

Ook voor de politiek geldt dat het vertrouwen van de kiezer zelden zo laag was. Ook dat is geen wonder. De politiek stoort zich nauwelijks aan de mening van de kiezer, komt beloften niet na, en laat na in de Eurozone bindende afspraken te maken. Zo blijken onze burgers financieel niet beschermd te zijn tegen frauderende en niet functionerende lidstaten. Uiteraard gaat de rekening voor dit debacle naar de belastingbetaler die via ongeëvenaarde bezuinigingen opnieuw voor de kosten mag opdraaien. Maar over hun eigen riante wachtgelden hoor je politici zelden. Ook de uitverkoop van essentiële Nederlandse belangen, als uitvloeisel van een pervers neoliberalisme, heeft in brede kring kwaad bloed gezet. Daarnaast is de dolgedraaide privatisering van overheidsfuncties met excessieve salarissen voor weinigen en aanzienlijk verslechterde werkomstandigheden voor velen een belangrijke steen des aanstoots. Het totaal ontbreken van ouderenbeleid en het behandelen van ouderen als de jojo’s van onze samenleving heeft miljoenen mensen van de politiek vervreemd. Wel weet de politiek met zeer grote regelmaar te melden hoezeer men zich bezig houdt met het ‘landsbelang’ en met ‘innovatie’. Maar zo langzamerhand begrijpt u dat hoe meer deze woorden worden genoemd, des te minder er van wordt waar gemaakt. De treurige werkelijkheid is dat ons land al jaren lang bezig is af te glijden op allerlei internationale ranglijsten.

De pensioenfondsen dan? Deze fossielen uit een grijs verleden hebben kans gezien het vertrouwen dat de grote meerderheid van de deelnemers eens heeft gehad in deze instellingen, volledig te verspelen. Het voornaamste kenmerk van de bedrijfstakpensioenfondsen, waar zo’n 80% van de Nederlanders verplicht bij is aangesloten, is helaas een volkomen gebrek aan modern maatschappelijk besef. Het is in deze tijd namelijk voor bijna iedereen vanzelfsprekend dat de deelnemers die alle risico’s lopen zonder bevoogding van bonden en werkgevers zeggenschap over hun eigen uitgestelde loon hebben. In feite zijn de fondsen gekaapt door vakbonden en werkgevers die tegen beter weten in een verkalkte bestuursstructuur in stand houden en de competentie missen de financiële belangen van de deelnemers naar behoren te behartigen. Deze onaanvaardbare aanpak wordt bovendien nog eens gecombineerd met een arrogantie en een neerbuigendheid in de richting van met name de gepensioneerden. Dat draagt bij deze categorie alleen maar bij aan de woede over wat zich momenteel omtrent hun uitgestelde loon afspeelt.

Het ABP als grootste pensioenfonds van Nederland zou een voorbeeldfunctie moeten vervullen, en doet dat ook, zij het in uiterst negatieve zin. Een sprekend voorbeeld. Op 4 oktober 2010 organiseert het ABP op kosten van de deelnemers een zogenaamd Rendez-Vous in Den Haag. Deze oefening in public relations wordt als volgt aangekondigd:

Samen werken aan een robuust pensioen
Bouwen aan (nieuw) vertrouwen van deelnemers, gepensioneerden en werkgevers in hun pensioenfonds is hierin de gezamenlijke uitdaging.

En de sprekers bij deze fraaie voornemens? Wel, houd u vast:

Cees Oudshoorn van VNO-NCW, Peter Gortzak van FNV, en Angelien Kemna van de raad van Bestuur van de APG Groep.

Kennelijk gaat het ABP werken aan het al dan niet nieuwe vertrouwen van onder meer gepensioneerden in hun fonds die al jaren lang bij werkenden in koopkracht achterblijven, zonder die gepensioneerden zelf aan het woord te laten over hun eigen uitgestelde loon. Erger nog, het is een regelrechte slag in het gezicht van alle gepensioneerden dat juist Peter Gortzak hier het woord gaat voeren. Deze bondsbons par excellence is, in kongsi met de werkgevers, de voornaamste architect van jarenlange hardnekkige pogingen van de FNV de gepensioneerden buiten spel te houden. Dat een ABP bestuur met open ogen durft te kiezen voor een dergelijke charade is het zoveelste bewijs van hun disfunctioneren.

Terug naar ons thema, het vertrouwen. Nederland staat op een belangrijk kruispunt. Te lang is onze samenleving onder de controle geweest van een zelfbenoemde elite die helaas niet in staat bleek of wilde zijn de belangen van de bevolking als geheel op voldoende niveau te behandelen. Het old boys network is er nadrukkelijk in geslaagd het vertrouwen van de gemiddelde Nederlander volledig te verspelen. Men hoeft geen futuroloog te zijn om te kunnen voorspellen dat dit vertrouwen nooit meer terug komt tenzij er ingrijpende maatregelen worden genomen in de financiële sector, in de politiek, in het bedrijfsleven, of bij de pensioenfondsen. Alleen een volledige cultuuromslag, met het verwijderen uit verantwoordelijke functies van al diegenen die zich incompetent of regelrecht frauduleus betoond hebben, kan helpen het inderdaad broodnodige vertrouwen in ons maatschappelijk en economisch systeem te herwinnen. Met minder nemen burgers van jong tot oud zo langzamerhand geen genoegen meer. De maat is vol.

Het ABP verder in de problemen

zaterdag 17 juli 2010

De ambtenarenpensioenen bij het ABP zijn in gevaar. Onlangs werd bekend gemaakt dat de dekkingsgraad gezakt was tot 95, ver beneden het vereiste minimum van 105. Natuurlijk werd de lage rente weer eens aangevoerd als de hoofdreden. Het mooie van dit argument is dat de schuldvraag niet gesteld hoeft te worden. Evenmin hoef je dan in te gaan op de zeer matige beleggingsresultaten. Maar zo langzamerhand beseft iedereen dat het ABP ver achterblijft bij andere pensioenfondsen die er een wat verstandiger risicomanagement op na houden. Niettemin heeft het ABP bestuur nog niets geleerd. Kritiek wordt hooghartig weggewuifd, en de bevoogding van de verplichte deelnemers neemt eerder toe dan af. Tijd voor Kees de Lange om er maar weer eens een weblog aan te wijden, onder de titel ‘Het ABP moddert door’.