Berichten met het label ‘Indexatie’

Gelijk krijgen doet pijn

dinsdag 7 februari 2012

potamus Hippo Potamus

Precies twee jaar geleden schreef Potamus over de Mexicaanse “piñata“ waarbij kinderen tegen een papieren zak met snoepgoed slaan tot die scheurt en het lekkers ten prooi valt aan hun graaiende handen. “Bij de banken gaat het vrijwel hetzelfde. De piñata heet Griekenland, de stok waarmee men slaat, is de financiële onrust door het verstoren van de markt voor Griekse staatsobligaties. Dat verergert de situatie voor Griekenland. Als dat land zijn schulden niet langer kan betalen, is de piñata kapot en de banken en hun vazallen hebben de lekkere brokjes voor het oprapen. De Grieken zijn het grootste slachtoffer maar ook Europa krijgt een forse tik mee. Zo dreigt Europa aan graaizucht ten onder te gaan.” .

Inmiddels zijn we twee jaar verder, nu ja verder … we zitten nog dieper in de ellende. Slechts met bijna bovenmenselijke inspanning is Griekenland nog te ‘redden’. De gewone Europeanen mogen daarvoor betalen, veel betalen. Gelukkig herinneren vooraanstaande politici ons er aan dat de euro gunstig is voor ons, voor onze export en enorm bijdraagt aan ons en het Duitse bruto nationaal product (BNP) en ook nog eens veel wisselkosten bespaart tijdens de vakantie. Geen woord over de problemen van Ierland (dat in stilte lijdt en enorm bezuinigt).

Nee, eerst moet Griekenland voor een faillissement worden ‘behoed’ en daarna de ‘staatsleningen’ van Spanje, Portugal, Italië en Frankrijk. Eurofiele politici juichen zelfs als Italië maar 6 tot 6,5 procent rente moet betalen voor de 7,5 miljard euro die daarmee is ‘binnengesleept’.  Dat is maar liefst anderhalf procent van het geld nodig voor het steunfonds van het EMS (Europese Monetaire Stelsel). Maar gelukkig hoeven u en ik die 500 miljard niet alleen te betalen (via hogere hypotheekrentes en gemeentebelastingen of minder koopkracht van uw pensioen) maar doen ook het IMF (Internationaal Monetair Fonds) en zelfs China mee. Waarom dat allemaal nodig is? Niet om uw en mijn pensioenfonds te redden, maar om de banken te redden, die anders bijna allemaal omvallen, waardoor het financiële stelsel in de hele wereld ontwricht zou worden.

Ontwrichting? Klopt dat wel? In Nederland bijvoorbeeld gingen deze eeuw al Van der Hoop Bankiers (2006), Indover Bank (2008) en DSB Bank (2009) failliet. ABN-AMRO, FORTIS en ING werden met moeite door onze schatkist (uw en mijn geld dus) gered. Icesave bleek niet te redden. In Amerika kon zakenbank Bear Sterns nipt en Lehman Brothers niet worden gered.  Maar het stelsel bleef, zelfs nadat het in gevaar kwam doordat banken weer zo nodig bijzonder gevaarlijke (voor u en uw pensioenfonds) en lucratieve (voor de bank en haar bobo’s) ingewikkelde financiële producten op de markt hadden gebracht.

Maar ja die dreiging hè … Stel dat al die bankiers gaan emigreren naar Hongkong of de Kaaimaneilanden (wat een toepasselijke naam) omdat ze hun onmisbare bonus niet krijgen. Wat dan…? Dan kon er wel eens een eind komen aan de groei van het aantal miljonairs (sinds 2000 bijna verdubbeld) en dat is een ramp voor de fiscus, die de derving van de miljonairsbelasting vanzelfsprekend op ons verhaalt.

Kortom, niet alleen Europa maar zelfs de hele wereld dreigt aan graaizucht ten onder te gaan. En Potamus heeft dat allemaal voorspeld – een heerlijk bezit, zo’n visionaire blik. “Visionaire blik?” zei zijn vegetarische nijlmerrie schamper: “Waarom korten je pensioenfondsen dan? En waarom ben je geen bankier geworden? Een visionair die zich door zijn pensioenfonds laat korten!!” en ze stampte de kamer uit. Potamus die graaibankiers veracht, in verwarring achterlatend.

Potamus wilde ook wel weg … naar een warmer deel van Europa om daar zonder wisselkosten te betalen met zijn vakantie-euro’s. Maar helaas, het potje met vakantiegeld was leeg … het was opgegaan aan de indexatie van het huishoudgeld.

Huidige berekeningsmethode rekenrente onredelijk

maandag 23 januari 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 23 januari 2012

Wel hulp naar Griekenland maar niet voor pensioenfondsen?
Onze regering denkt niet consequent nu de onrechtvaardigheid van het korten van veel pensioenen is aangekondigd na jaren van geen indexatie voor velen. De ouderen hebben voor de huidige welvaart gezorgd door spaarzaam te zijn geweest en door hard resp. lang te werken, waarvan de jongeren nu profiteren. Maar wie op de pof heeft geleefd en teveel schulden heeft gemaakt, wordt wel geholpen zoals Griekenland, banken en verzekeraars als het economisch tegenzit. Er is veel pensioenvermogen in Nederland en daar komt bijna ieder jaar weer meer bij. Er komt ook gemiddeld circa een vijfde meer geld binnen dan er nu wordt uitgekeerd, alleen worden de toekomstige rendementen (rekenrente) veel te laag ingeschat met 2,4% door de toezichthouder DNB in opdracht van minister Kamp. Bij het fonds PME (grootmetaal) betekende dat bijvoorbeeld 20% hogere pensioenverplichtingen vergeleken met vorig jaar. We hadden 50 jaar lang een vaste rekenrente van 4% en de jaarlijkse rendementen lagen in die periode daar gemiddeld flink boven. De PVV van Geert Wilders pleit in de Volkskrant dan ook voor terugkeer naar de vaste rekenrente van 4% zolang de eurocrisis duurt. Ook de bestuursvoorzitter van de Delta Lloyd Groep Niek Hoek bepleit in de nieuwsbrief Eufin van 17 januari voor een meer realistische rentevoet om het aangetaste vertrouwen in de financiële sector terug te krijgen. De econoom Prof. Dr. Eduard Bomhoff verklaarde zich zondag op TV eveneens tegen het korten van pensioenen vanwege de onrealistische rekenrente en de negatieve gevolgen voor de economie.

Is de rekenrente het enige probleem?
Ook de Pensioen Federatie vind de huidige berekeningsmethode van de rekenrente onredelijk evenals de meeste vakbonden, het VNO-NCW, de nieuwe voorzitter van het ABP Henk Brouwer en andere critici. Over de laatste 10 jaar behaalden de pensioenfondsen volgens DNB jaarlijks gemiddeld 4,8% rendement en het pensioenfonds Zorg en Welzijn haalde over de afgelopen 30 jaar zelfs een 8% jaarlijks gemiddeld rendement. Alleen als de Westerse economie structureel zou zijn verslechterd, dan kan daar wellicht niet meer op worden gerekend. Of zoals Gerwin Griffioen in het FD van 18 oktober 2011 stelde: “Het echte rendement komt uit de economie en niet uit beurskoersen”. Het aantal pensioenjaren van een 65-jarige (m/v) is nu 17,8 rep. 20,9 jaar en zal in 2040 stijgen naar 20,4 resp. 23 jaar, aldus het CBS. Voor het fonds PME betekende dat 7% meer verplichtingen. Het langer leven risico geldt in veel mindere mate ook voor gepensioneerden. Daarvoor wordt echter geen premie betaald en dat was ook zo in de afgelopen 50 jaar voor de steeds stijgende levensverwachting van gepensioneerden. Daar zit een financieel probleem, maar we kennen toch solidariteit van jongeren met ouderen net zoals toen die zelf ook eens jong waren? Niet mogelijk? Dan maar minder indexatie of desnoods een weinig korten met een verplicht recht van bijstempelen zodra het weer beter gaat het fonds, aldus het NVOG. Maar de huidige jongeren zullen meer premie moeten betalen of anders een lager pensioen, omdat ze veel ouder worden dan twee en drie generaties terug. De werkgevers moeten daarbij wel blijven delen in het beleggingsrisico van de fondsen met een variabele kostendekkende premie.

Is het pensioenakkoord het middel voor alle pensioenkwalen?
Werkgevers, vakbonden en politiek denken van wel. Maar zoals een ingezonden briefschrijver als gepensioneerd actuaris in de NRC van 17 januari het uitdrukt: “Juist door het accepteren van onzekerheid wordt het pensioen zeker gesteld, maar het risico neemt toe naarmate het moment van uitkering verder in de toekomst ligt. Dit is de clou van het pensioenakkoord. Jongeren die vrijwillig aan dit piramidespel meedoen, zijn niet wijs”. Want ook het pensioenstelsel zelf heeft wijzigingen nodig b.v. zoals verplichte kostendekkende premies, een lager opbouwpercentage, een latere en flexibele pensioenleeftijd, een lagere zekerheidsmaatstaf, nabestaandenpensioen wijzigen en dergelijke om de kosten redelijk betaalbaar te houden voor een langer leven tijdens het pensioen.

Beleggen met pensioengelden en het pensioenakkoord

maandag 12 december 2011

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 11 december 2011

Vorige maand verscheen het boek van de Nobelprijswinnaar voor gedragseconomie Daniel Kahneman getiteld Ons feilbare denken. De recensent in de Volkskrant van 30 november begint met de vaststelling ‘Mensen zijn bar slechte beslissers. Het individu dat nuchter in zijn eigen belang handelt, bestaat niet. We lijden aan chronische zelfoverschatting en pikken alleen op wat in ons straatje past.’ Ons denkproces wordt uitgelegd door Kahneman aan de hand van twee denkbeeldige systemen en wel het dominante, snelle, irrationele denken en het langzame rationele denken. Op basis van zijn theorie is te begrijpen waarom ons pensioenstelsel in de problemen zit. Professionele beleggers zijn geen haar beter dan de grillige, manipuleerbare, modegevoelige kleine beleggers. De beleggingsindustrie, stelt Kahneman, is gebouwd op een ‘illusie van vakmanschap’. Maar al die competenties blijken geen enkele voorspellende waarde te hebben voor de beleggingsresultaten. Dat is een somber beeld voor de toekomst hetgeen Kahneman schetst.

In dat licht gezien is de brief van minister Kamp aan de Tweede Kamer van 29 november over de beleggingsresultaten van de pensioenfondsen over de jaren 2000 t/m 2010 opvallend. De toezichthouder DNB rapporteert een gezamenlijk gemiddeld beleggingsrendement van (maar) 4,8% p.j. voor 168 pensioenfondsen die gemiddeld 83% van het totaal belegd pensioenvermogen vertegenwoordigen. Het rendement van de benchmark over die periode bedraagt gemiddeld 4,6% p.j. Maar er is geen inzicht in de benchmarks van de pensioenfondsen die zij zelf vaststellen. Of dit beleggingsresultaat is bereikt door kundig beleggen (zie Kahneman hierboven) of door meer risico te hebben genomen dan de benchmark, kan DNB niet vaststellen. Ik vermoed het laatste.

Het voorstel van Mensonides en Frijns van 24 november Hoe de waardering van fondsverplichtingen voor minder paniek kan zorgen zoals is gepubliceerd in Mejudice kan een nuttige bijdrage aan de verbetering van het Pensioenakkoord leveren. De vraagstelling was “Hoe kunnen pensioenverplichtingen het beste gewaardeerd worden? Pensioendeskundigen Mensonides en Frijns bepleiten dat de risicovrije rente het uitgangspunt blijft. Maar er kan een opslag berekend worden waarvan de hoogte afhankelijk is van de risicogevoeligheid van pensioendeelnemers. Daarnaast kan voor de langere termijn rente een aanpassing worden gevonden zodat een anomalie in de rentetermijnstructuur kan worden opgelost.” Dat kan door de Ultimate Forward Rate te gaan gebruiken voor looptijden langer dan 20 jaar in de voorgeschreven rentetermijnstructuur.

Deze maand is er het boek gepubliceerd De (on)houdbaarheid van het Pensioenakkoord geschreven door de promovendus Mark Heemskerk. Hij stelt dat de huidige wetgeving niet toestaat om bestaande pensioenuitkeringen voorwaardelijk te maken, “omdat de uitkering moet vaststaan op de pensioenleeftijd.” Maar welke wetswijzigingen zijn dan nodig om het pensioenakkoord werkbaar te maken? Volgens de jurist Heemskerk zou dat kunnen door het vetorecht bij (collectieve) waardeoverdracht uit de Pensioenwet te schappen dan wel het huidige verbod op het wijzigen van pensioenrechten aan te passen. De vereiste intergenerationele solidariteit tussen jong en oud kan de uitvoering van deze wetswijziging echter belemmeren met een beroep op het verbod van leeftijdsdiscriminatie. Maar ook de definitie van ‘pensioen’ in de Pensioenwet zou moeten worden aangepast om ingegane pensioenen voorwaardelijk te kunnen maken, aldus Heemskerk in zijn Conclusies en aanbevelingen (aan te vragen per email). En dan het Europees rechtelijke aspect. Een inbreuk op het eigendomsrecht bij wet is mogelijk volgens Heemskerk indien gerechtvaardigd door het algemeen belang en het geen excessief nadeel oplevert. Naar zijn mening valt uit de rechtspraak van het EHRM af te leiden dat hiervan niet snel sprake is.

Solidariteit in ons pensioenstelsel

maandag 5 december 2011

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 4 december 2011

Het is opvallend hoe slecht de media met het begrip ‘solidariteit’ omgaan. De journaliste Mirella van Markus sprak tijdens een TV uitzending met een goed opgeleide werkende jongeman die voorstander is van individuele pensioenopbouw en als oudere zelf zijn zorg wil regelen. Zij confronteerde hem niet met zijn niet-solidair willen zijn met een zwakzinnige zoon van een vader naast hem die nooit zal werken of pensioen opbouwen en alleen maar zorg moet krijgen. Maar deze jongeman had geen idee wat een pensioen aan opbouw kost. Het bij het gesprek aanwezige Hoofd financiële zaken van PGGM gaf als voorbeeld iemand met een gewenst pensioen van € 30.000 en daar heeft hij op zijn pensioendatum € 1 miljoen kapitaal voor nodig. Aan premie kost dat € 350.000 en het resterende bedrag van € 650.000 moet uit de beleggingsopbrengst komen. Dat bedrag werd toen uitgebreid besproken en niet hoe belangrijk het is om de grote risico’s in het leven met elkaar te delen.

Van de NVOG mocht ik de volgende informatie overnemen. Dat zijn de rapporten van het Nederlands Instituut voor Budgetvoorlichting (NIBUD) Koopkracht 2001-2010 (zie bijlage) en Koopkracht van 65-plussers 2011-2012 (zie bijlage). Want het blijkt dat het in de vorige nieuwsbrief geciteerde rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau alleen de koopkracht van de aanvullende pensioenen tot € 10.000 p.j. is onderzocht voor nieuwe gepensioneerden en alleen voor die groep was de ontwikkeling van de koopkracht positief. En ook het ministerie van SZW kijkt alleen maar naar nieuwe aanvullende pensioenen tot € 10.000 p.j. Maar hoe heeft de koopkracht zich ontwikkeld voor alle bestaande gepensioneerden?

Uit deze cijfers blijkt dat in de periode 2001-2010 de alleenstaande gepensioneerden en echtparen met een aanvullend pensioen van € 10.000 of meer al flink hebben ingeleverd. En in 2012 leveren beide groepen met een aanvullend pensioen vanaf € 20.000 weer flink in qua koopkracht, vooral door de verhoogde inkomensafhankelijke bijdrage van de zorgverzekeringwet. Zie vooral de periode 2001-2012 met de grote daling van de koopkracht vanaf € 20.000 en dan is er ook nog de veelal achterblijvende indexatie van de pensioenen. Een zorgelijke ontwikkeling die helaas weinig of geen politieke aandacht krijgt.

Invaart of uitvaart? – De sfeer was somber en zwaar

dinsdag 22 november 2011

Hier kunt u een nieuw weblog ‘Even afrekenen alstublieft! ‘ van Potamus lezen.

Hieronder een nieuwsartikel geschreven door Kees de Vries.

Invaart of uitvaart? – De sfeer was somber en zwaar
Nadat het gejuich van ‘sociale’ partners en regering over de ‘goedkeuring’ van ‘hèt pensioenakkoord’ door de bonden en de aanvaarding van het nieuwe pensioenstelsel in de Tweede Kamer, verstomd was, kwam de ontnuchtering. De confrontatie met de rauwe werkelijkheid omtrent de uitvoeringsproblemen van het nog niet uitgewerkte ‘akkoord’ vond plaats tijdens een recente hoorzitting van de Tweede Kamer. “Pensioenakkoord kan in een nachtmerrie uitmonden “, luidde de veelzeggende kop in het Economiekatern van NRC / Handelsblad van vrijdag 4 november.
Al gedurende de langdurige onderhandelingen waren er felle debatten en het definitieve besluit over ‘hèt pensioenakkoord’ is zwaar omstreden, maar het kan altijd nog erger. De moeizame voorgeschiedenis is slechts de opmaat naar een lijdensweg gedurende de komende uitvoeringspraktijk volgens Gerard Riemen, directeur van de brancheorganisatie van de pensioenfondsen. Die zei over het akkoord en de daaraan verbonden problemen:
Het is uitvoeringstechnisch bijna niet mogelijk en aan de pensioendeelnemers nauwelijks uit te leggen”.

Een omineuze uitspraak, vooral voor de pensioengerechtigden die gedurende het hele onderhandelingsproces door de ‘sociale’ partners angstvallig buiten de deur werden gehouden. Zogenaamd vóór ons, zeker over ons en gegarandeerd zonder ons! Uit de hoorzitting bleek dat het grote knelpunt het overhevelen van de bestaande pensioenrechten was, aangegeven met de verhullende term ‘invaren’ van de bestaande rechten in het nieuwe stelsel. Die rechten zijn namelijk gebaseerd op de contractueel vastgelegde ambitie een structurele prijsindexatie mogelijk te maken. Maar ‘hèt pensioenakkoord’ gaat uit van een voorwaardelijke prijsindexatie gekoppeld aan de beleggingsresultaten van het pensioenfonds. Daarbij zijn zelfs de nominale aanspraken niet zeker. Dat verstaan Wientjes en de zijnen dus onder een ‘schokbestendig’ pensioen!

Binnen het Nederlandse recht kan dat echter niet zomaar. Kort geleden heeft het Amsterdamse Gerechtshof in de procedure tussen ECN en OMEN (Energieonderzoekscentrum Nederland en de oud-medewerkers daarvan) de uitspraak gedaan: “De werkgever kan de onvoorwaardelijke indexatieregeling niet eenzijdig aanpassen ten aanzien van slapers en gepensioneerden.” Heel duidelijk lijkt het, maar er zit nog een addertje onder het gras, want het Hof vervolgt met: “Het zijn echter wel hele bijzondere omstandigheden, waaruit geen algemene conclusies kunnen worden getrokken.” En daarop: “het Hof overweegt uitdrukkelijk dat het niet onmogelijk is de pensioenregeling voor de slapers en pensioengerechtigden aan te passen”. Niets is dus zeker, want in het betreffende geval waren er zeer bijzondere omstandigheden. Maar behalve het Nederlandse Recht is er ook nog Europees Recht dat zwaar(der) telt.

Het laat zich aanzien dat binnen het Europees Recht pensioenrechten als eigendomsrechten zijn te beschouwen en die zijn binnen het Europees Recht zwaar verankerd. Als dus de voorgenomen overheveling getoetst wordt aan het Europees Recht, valt ernstig te betwijfelen of die overheveling legitiem wordt bevonden! Gedurende het onderhandelingsproces over het akkoord is daar al door meerdere partijen op gewezen. Sterker nog, de landsadvocaat heeft hierover negatief geadviseerd. Om te voorkomen dat dit advies met verwijzing naar de Wet openbaarheid van bestuur (WOB)1 kon worden opgevraagd heeft het de status van concept-advies gekregen! Met deze juridische spitsvondigheid wordt de transparantie van onze democratie weer eens op de proef gesteld. Helaas moet voor een procedure bij het Europese Hof eerst de Nederlandse rechtsgang worden doorlopen, waardoor het een kwestie van meerdere jaren zal worden en waarbij Wientjes c.s. alle mogelijke vertragingstactieken uit de kast zullen toveren.

De Stichting Pensioenfatsoen heeft overigens al aangekondigd door te procederen tot en met het Europese Hof. Stichting Pensioenfatsoen is een initiatief van de NVOG, de koepel van pensioenbelangenverenigingen, financieel ondersteund door alle lidorganisaties waaronder de NBP.2
Op de hoorzitting is zo’n rechtsgang als ‘nachtmerriescenario’ gekarakteriseerd, want hoe moet men verder als men tijdens of na de invoering van het nieuwe stelsel wordt geconfronteerd met een verbod op deze overheveling van opgebouwde rechten.
De droom van Wientjes en de zijnen is dan wel uitgekomen, maar let wel:
“Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren!”

1 In Pensioenbelangen nr. 6 van 2011 schreef Potamus, dat die wet volgens minister Donner “Wet Onzichtbaarheid Bestuurlijke dwalingen” zou moeten heten.

2 Als u aan dit initiatief wilt meedoen dan kunt u hierover meer lezen op onze actiepagina.

Mag onvoorwaardelijk voorwaardelijk worden?

dinsdag 22 november 2011

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij onder Nieuws hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 20 november 2011

Op het recente congres van de Pensioen Federatie deed de nieuwe DNB-president Klaas Knot volgens het Reformatorisch Dagblad de uitspraak “dat er meer op zekerheid gespeeld moet worden bij het beheer van pensioengelden”. Dat spreekt de gepensioneerden natuurlijk aan en ons voorstel voor een gewijzigd pensioenstelsel is daarom ook op zekerheid afgestemd (zie onze website). Nu moet er alleen nog naar gehandeld worden. Vervolgens meldde Knot dat “de tweede weg naar vertrouwensherstel is meer transparantie over de pensioenrechten”. Daaronder kun je veel verstaan, maar duidelijkheid over rechten en plichten is altijd goed. Dus geen opzienbarende nieuwe gedachten over pensioenen van onze DNB-president Knot.

Wel gaf het artikel over de gepensioneerden van Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN)  in de NRC van 12 november j.l. veel ophef met de kop Tien jaar strijd voor gerechtigheid en meer pensioen. Dit interview is gebaseerd op de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam (zie bijlage) dat ECN verloor over een gewijzigd pensioenreglement waarin de afgesproken onvoorwaardelijk toeslagen (indexatie) voor ex-werknemers en gepensioneerden, voorwaardelijk werden gemaakt. Het Hof besliste dat zij als gepensioneerden recht houden op de eerder afgesproken indexatie. Het is  een verheugende vaststelling dat bestaande pensioenrechten niet met terugwerkende kracht door een bedrijf kunnen worden afgenomen.

Bij het ABP is hetzelfde gebeurd bij de privatisering in 1996: de wettelijke indexatie werd voorwaardelijk bij de overgang per wet naar de Stichting ABP ondanks een negatief advies hierover van de Raad van State. Er wordt momenteel onderzoek gedaan of hieraan nog iets valt te doen na jarenlang geen indexatie te hebben ontvangen en nu dreigt korten op de pensioenen ook nog. De Nederlandse Bond van Pensioenbelangen (NBP) peilt momenteel de interesse in een collectieve actie voor compensatie van dit verlies aan onvoorwaardelijke indexatie voor de ABP pensioenen opgebouwd vóór 1996. Klik hier voor meer informatie.  Velen hebben zich al aangemeld.

Minister Kamp schreef op 14 november j.l. aan de Tweede Kamer dat het niet mogelijk is om een overzicht met terugstortingen door pensioenfondsen op te stellen. Volgens RTL Nieuws op 16 november j.l. laat de minister ook de effecten van de doorsneepremie onderzoeken, maar “hij heeft op dit moment geen voornemen om te tornen aan de doorsneepremie”. Zijn antwoord op de vragen van Tweede Kamerlid Klaver van 18 november j.l. (zie bijlage) zijn informatief.  Daarin wordt erkend dat een 1% wijziging van de rentetermijnstructuur (RTS) van DNB de zgn. rekenrente, een wijziging van de dekkingsgraad van circa 15% betekent al kan met renteafdekking het effect worden beperkt. Ook wordt het indirecte verband erkend dat “de RTS de ontwikkeling van de rentes op staatsleningen van landen met een hoge kredietwaardigheid volgt”. Die lage rente  is momenteel zeer slecht voor de pensioenfondsen en niet logisch gezien de eis van waardering van de verplichtingen op marktwaarde. Het (hogere) rendement op hoogwaardige ondernemingsobligaties nemen is juister zoals beursgenoteerde bedrijven mogen gebruiken voor hun verplichtingen aan hun ondernemingspensioenfonds volgens de IAS 19.

Pensioenfonds van het jaar

woensdag 16 november 2011

potamus Hippo Potamus

PNO Media, volgens Potamus al jaren het slechtste pensioenfonds van Nederland, heeft alweer een NPN-prijs gewonnen. NPN is een tijdschrift voor de pensioensector (onderdeel van de prestigieuze Financial Times) dat ieder jaar prijzen uitdeelt. Al viel het in 2011 tegen: “De jury erkende dat de omstandigheden van het moment alle reden geven voor terughoudendheid: in beide categorieën die het beleggingsbeleid van pensioenfondsen eren, werden om die reden dit jaar geen prijzen toegekend.

Maar die terughoudendheid gold kennelijk niet voor de prijs Pensioenfonds van het jaar. Die was voor PNO Media waarover de juryleden (waarvan ik de namen niet noem omdat ze kennelijk te goed van vertrouwen zijn geweest) oordeelden: De jury heeft respect voor de manier waarop PNO Media de mening van haar achterban glashelder laat doorklinken in haar beleid. De commissie-Frijns publiceerde vorig jaar het rapport ‘Onzekere Zekerheid’ waarin pensioenfondsen werd geadviseerd het beleggingsbeleid duidelijker te enten op de risicobereidheid en het risicodraagvlak van deelnemers. PNO Media heeft dat met beide handen aangegrepen en serieus werk gemaakt van deze oproep de achterban centraal te stelen (sic Potamus). De jury prijst de proactieve aanpak van het fonds om een beter inzicht te krijgen in de manier waarop de achterban ‘zekerheid’ en ‘pensioen’ beleeft. Ook vindt ze het bemoedigend dat deze feedback de input zal vormen voor de invulling die het mediafonds straks geeft aan het nieuwe pensioencontract. PNO media stelt de deelnemers, maar ook de gepensioneerden en aangesloten werkgevers centraal in de beslissingen die ze neemt. Weten wat je achterban wil en daarnaar handelen, getuigt van goede communicatie en good governance, en de jury zet PNO Media dan ook graag in het zonnetje als npn prijswinnaar in de categorie Pensioenfonds van het Jaar.

PNO Media kreeg ook nog een eervolle vermelding voor: “(…) onderzoek gedaan naar de risicobereidheid van deelnemers, pensioengerechtigden en aangesloten werkgevers. Het fonds hield groepsdiscussies met dezelfde stakeholders en maakte er een filmcompilatie van. Ook werd de effectiviteit van de communicatie gemeten door de ene helft van een onderzoeksgroep een voorlichtingsfilmpje te tonen en de andere helft niet. De resultaten worden gebruikt voor een aangepast communicatiebeleid. PNO Media heeft duidelijk de doelgroep gepolst en daarmee een brug geslagen naar het bestuur. Ook heeft het in bestaande expertise getapt door de samenwerking aan te gaan met PGGM en de onderzoeksresultaten uit te wisselen. Dat is de toekomst van pensioencommunicatie”.

Vreemd overigens dat notoire critici/gepensioneerden van het fonds niet werden uitgenodigd voor deze groepsdiscussies en pas later hoorden dat er een onderzoek was geweest. Ook het ‘voorlichtings’orgaan PNO Actueel zweeg. Het neemt overigens nooit kritische stukken op van deelnemers of die nu gepensioneerd zijn of actief. Die brug naar het bestuur is overigens hard nodig want het bestuur laat het beleid al decennia helemaal over aan de directie van PNO Media.

Het fonds, geleid door de altijd lachende Leo Witkamp (voortdurend denkend aan zijn inderdaad belachelijke dubbele Balkenendenorm-salaris), indexeert al jaren niet. In 1997 ontkende Witkamp overigens het vergrijzingsprobleem in een interview in De Telegraaf en beweerde dat juist de vele gepensioneerden zorgden dat de premies laag bleven. Kort na dat interview verdween de toch niet onaanzienlijke buffer van ruim 40 procent snel en bereikte een – voorlopig – dieptepunt in december 2008 toen de dekkingsgraad tot 88,0 procent daalde. Per oktober 2011 was het 90,2 en een klein wonder is nodig om per ultimo 2011 geen nieuw diepterecord te boeken. Wat zal onze Picard van de pensioenwereld daarmee blij zijn.1

En ook Potamus zal blij zijn, want misschien schrikt het bestuur van PNO Media eindelijk eens wakker en worden de pensioenpremies fors verhoogd tot minimaal kostendekkend niveau. Anders gaat straks voor al die noeste omroepmedewerkers het pensioenloket op rood en voor alle andere Nederlanders het televisiebeeld op zwart.

1 En met het lijstje van dekkingsgraden in De Volkskrant van 15 november, waar PNO als op zes na slechtste fonds staat genoteerd.

Dramatische cijfers !

vrijdag 21 oktober 2011

Pensioenfondsen terug bij af !

Na de publicatie van de dekkingsgraden per 30 september 2011 moeten wij concluderen dat de meeste pensioenfondsen terug zijn in de buurt van de dieptepunten na de kredietcrisis in 2008. De dekkingsgraden van de vijf grootste pensioenfondsen waren als volgt:
BPF Bouw  96,4
PF Zorg en Welzijn  91
ABP  90
PME  86
PMT  84,3

Van de toezichthouder moet de dekkingsgraad minimaal 105 zijn, terwijl bij een dekkingsgraad van rond de 130 pas weer volledig mag worden geïndexeerd.
Als de bovengenoemde cijfers niet substantieel verbeteren zullen de vijf grootste fondsen (wellicht met uitzondering van BPF Bouw) in december moeten aankondigen dat zij in april 2013 gaan korten. Naast deze grote pensioenfondsen verkeren ook tal van kleinere fondsen in problemen. Ruim meer dan 1 miljoen gepensioneerden lopen het gevaar dat zij na jarenlang koopkrachtverlies, doordat er niet is geïndexeerd, nu ook nog eens te maken krijgen met een extra korting als klap daar boven op.

Johan Cruijff, de verlosser, als lid van de RVC

maandag 8 augustus 2011

potamus Hippo Potamus

Helaas kan ik Johan Cruijff op voetbalgebied vaak niet volgen, maar op zijn ongezouten meningen over de maatschappij valt weinig aan te merken. Zijn voortreffelijke inzicht (intuïtie zo u wilt) blijkt uit onvergetelijke uitspraken als: “Ieder voordeel hep zijn nadeel” waarmee Cruijff op sublieme wijze het specifieke geval van ”De wet van de remmende voorsprong” wist te generaliseren.

Na de zware kritiek op zijn column in De Telegraaf (1-8-2011) heb ik daarom alles nog eens heel goed nagelezen en de critici ongelijk gegeven. Want wat vinden zij nu zo erg? JC stelt dat hij in een raad van commissarissen vooral als voetballer denkt, en specialisten dus in hun waarde laat. Kortom Cruijff vindt – en ik deel die mening – dat je specialisten inhuurt om hun specialistische kennis en dus niet op hun stoel moet gaan zitten. Letterlijk: “ (…) Daarom begrijp ik ook weinig van stemmen. Hoe kan je iemand laten stemmen over een onderdeel waar hij geen verstand van heeft? (…) In het belang van Ajax ben ik nu commissaris. Volgens de regels moet ik naar buiten toe mijn mond houden. Zelfs als ik zie dat er iets fout gaat, maar de meerderheid is het niet met me eens mag ik daar niets over zeggen. Ook als het gaat om iets waar ik van alle commissarissen het meeste verstand van heb en uiteindelijk ook op wordt afgerekend, Is het dan in het belang van Ajax dat ik me aan de regels houd of dat ik toch mijn mond open trek?…)”. En … nu komt het voor mij belangrijkste punt uit zijn betoog en daarom in vet: “Ik vergelijk het even met de economische crisis (…) heeft niemand die zien aankomen of mochten ze daar al die jaren niets over zeggen? (…) Als ik nu zie in wat voor crisis we terecht zijn gekomen, dan was het wel prettig geweest als vier jaar geleden iemand zijn mond open had gedaan.”

JC filosofeert door over de regels binnen de rvc en concludeert dat hij zijn eigen regels moet maken om te kunnen functioneren. Hij constateert snedig dat wetten er vooral zijn voor de overtreder … “Je moet eerst in elkaar worden geslagen, voordat de wet van kracht wordt. Intussen ben jij wel de pineut”. Zijn conclusie is van een verrassende eenvoud maar ook van een onweerlegbare logica: “Omdat ik vooral wil beschermen, zal ik het dus anders moeten gaan aanpakken dan de regels aangeven. Juist in het belang van Ajax. Krijg ik het daarmee voor elkaar dat Ajax beter gaat functioneren, dan gaan de aandelen vanzelf omhoog. Terwijl als ik zie dat het fout gaat en dan mijn mond houd, het belang van Ajax en de aandeelhouders alleen maar wordt geschaad. Het is daarom simpel, wat voor regels en wetten er ook zijn, het belang van mijn club gaat boven alles”. Op grond hiervan zou Cruijff, volgens de critici, niet democratisch zijn. Maar wellicht denkt Johan Cruijff wel als Plato en is hij er al lang achter dat je met democratie een bedrijf (en dat is Ajax) niet goed kunt laten draaien en vindt hij daarom een welwillende filosofische koning beter.

Als slachtoffer van twee (!) niet indexerende pensioenfondsen wacht ik op een verlosser, die de mafia van graaiers, speculanten, kredietbeoordelaars en geld beluste managers, de financiële kerk uitjaagt. Iemand die ons verlost van de baantjescultuur binnen pensioenfondsbesturen en de bestuurders die vooral werkgevers- en vakbondsbelangen beschermen. Een Johan Cruijff voor het pensioenwezen dus! Dan pas kunnen gepensioneerden weer van hun zelf betaalde pensioen genieten. Dan pas kunnen ook jongeren weer met vertrouwen hun pensioenpremies storten met een redelijke zekerheid dat het door hun opgebouwde kapitaal niet is verdwenen in het pensioencasino van het beschikbare premiestelsel.

Beurs in mineur maar geen black Monday

maandag 8 augustus 2011

Na de afwaardering van de rating van de Verenigde Staten en de al bestaande problemen met Spanje en Italië werd met angst en beven uitgekeken naar de opening van de beurzen. Het werd tot het moment dat dit wordt geschreven geen “Black Monday” maar niettemin zakten de koersen nog verder weg met alle gevolgen ook voor de pensioenfondsen.

Hippo Potamus vindt inspiratie bij Johan Cruijff en vraagt zich af of al die economische rampen die ons de laatste jaren treffen niet veel minder hard waren aangekomen als de verantwoordelijken die de signalen zagen, de solidariteit van het gesloten front van hun club hadden doorbroken en tijdig hun twijfels hadden gemeld. Zie zijn weblog met de titel ‘Johan Cruijff, de verlosser, als lid van de RVC’ draagt.

Een goed voorbeeld van zo’n gesloten front was te vinden in het FD van de afgelopen week. waarin verteld wordt over het ontstaan begin jaren ’90 van de Europese  Monetaire Unie, het voortraject van de Euro. De deskundigen zagen dat alleen een monetaire unie van Duitsland, de Benelux, Frankrijk en Denemarken kans van slagen had en dat de rest van de lidstaten later zou kunnen aansluiten als ze er klaar voor waren. De Duitse minister van Financiën vergeleek het met een groep bergbeklimmers die aan hetzelfde touw vastzitten en die niemand kunnen gebruiken die ook de rest in het ravijn kan laten storten. Jammer genoeg blijft dit plan binnenskamers want de top in Maastricht moest een succes worden.

Landen als Griekenland, Italië, Spanje en Portugal hadden pas tot de eurozone mogen worden toegelaten nadat ze bewezen hadden dat zij konden voldoen aan de strenge eisen. De reddingsoperaties van Griekenland en Ierland hebben wij al gehad. Naast het al bestaande rampenfonds moet de Europese Centrale Bank nu staatsobligaties van Italie en Spanje gaan opkopen om het schip drijvende te houden. Allemaal noodgrepen om te voorkomen dat wij na de uitglijders van de zwakke landen allemaal het ravijn instorten.

Als politieke leiders geen leiderschap tonen en zich laten leiden door partijpolitieke motieven en als dat ook nog gebeurt in het machtigste land van de wereld, dan loopt het echt slecht af. De afwaardering van de triple A status van de V.S. is niet zozeer het gevolg van de financiële problemen want die zijn bij eensgezindheid van Democraten en Republikeinen om de zaak goed aan te pakken, oplosbaar. De afwaardering heeft te maken met het wantrouwen of de politiek in de V.S. dat leiderschap kan opbrengen. Daar is weinig zicht op als je ziet hoe men toch weer elkaar de zwarte piet probeert toe te schuiven.

Dit alles blijft niet zonder gevolgen voor de koersen. De AEX staat weer eens op een dieptepunt, de vrees voor een dubbele dip is weer volop aanwezig. Een aantal pensioenfondsen heeft zich de afgelopen week al moeten melden bij De Nederlandsche Bank omdat de dekkingsgraad weer gedaald is tot beneden de 105%. De dekkingsgraden van het ABP en Zorg en Welzijn zijn op dit moment niet bekend, maar het ABP zit voor bijna 11 miljard in Italiaanse staatsobligaties en Zorg en Welzijn voor bijna 2 miljard. En dan maar vasthouden in het zogenaamde pensioenakkoord aan een maximale premie van 20%. Prof. Dr. Bernard van Praag heeft daar in het FD van vrijdag 5 augustus een uitstekend artikel over geschreven, waarin hij aantoont dat de premie helemaal niet historisch hoog is en dat een hogere premie onze concurrentiepositie niet zal verslechteren, omdat andere landen op het terrein van de pensioenen nog met veel grotere problemen zitten.

Aanvulling op 10 augustus 2011:
Inmiddels is bekend geworden dat de twee grootste pensioenfondsen, ABP en Zorg en Welzijn met hun dekingsgraad weer onder de 100 zijn gezakt, de metaalfondsen PME en PMT zelfs onder de 95. De indexatie voor de gestegen prijzen is verder weg dan ooit.