Berichten met het label ‘Indexatie’

Commissie Frijns kritisch over pensioenfondsen, en meer perikelen

zaterdag 23 januari 2010

Het rapport van de commissie Frijns is uit, en is uitermate kritisch over de wijze waarop veel pensioenfondsen bestuurd worden: paternalistisch, met onvoldoende kennis van zaken, en slecht communicerend. De lezers van deze website zullen niet verbaasd zijn. De Telegraaf bericht er op 19 januari 2009 over. Het FD gaat op 20 januari 2010 in een hoofdartikel en een uitgebreider verhaal in op dit rapport. Ook NRC laat zich op diezelfde dag niet onbetuigd. De conclusies van het rapport Frijns worden trouwens onderschreven door vele anderen. We noemen een artikel in de Telegraaf van 16 januari. Kees de Lange wijdt er een kritisch weblog aan.

De rol van de banken en hun verantwoordelijkheid voor het ontstaan van de crisis, het obscene bonusjagen,en het ontoereikende toezicht van De Nederlandsche Bank (DNB) kwamen de afgelopen week uitgebreid in het nieuws. In De Pers van 20 januari lezen we een kritisch artikel, in NRC van 20 januari spreekt accountant Jules Muis over de nalatigheid van DNB, in het FD van 21 januari gaat men in op de beloningen bij ABN/Fortis die wel erg hoog zijn voor een veel kleinere bank dan weleer. Waar is minister Bos dus eigenlijk zo tevreden over? Ook de Telegraaf rapporteert op 20 januari over ernstige kritiek op DNB.

Doordat de gemiddelde leeftijd toeneemt, moeten pensioenfondsen grotere reserves aanhouden. Hierdoor zakt de dekkingsgraad van het ABP opnieuw onder de kritische waarde van 105, zie FDSelections en NRC van 21 januari, en het FD van 22 januari.

Op diverse niveaus wordt al geprobeerd de geesten rijp te maken voor grote verslechteringen in ons pensioenstelsel. Het wordt dan wel gepresenteerd als het vergroten van de houdbaarheid van het stelsel, maar is natuurlijk gewoon afbraak van een verworvenheid van tientallen jaren. In het FD van 22 januari wordt door de commissie Goudswaard een uitermate zorgelijk beeld geschilderd. Verhullend spraakgebruik is bij pensioenen helaas normaal, en het ABP doet er hard aan mee. Lees wat men de deelnemers te melden heeft, en lees het weblog van Kees de Lange hierover.

Het feit dat een aantal pensioenfondsen het ondanks de crisis relatief goed doen en een groot aantal andere slecht, doet de vraag rijzen of de verplichte winkelnering die geldt bij de meeste bedrijfstakpensioenfondsen nog wel zo’n goed idee is. Naar de mening van de NBP is verplichtstelling weliswaar nodig, maar keuzevrijheid van deelnemers over bij welk fonds zij zich willen aansluiten zou slecht functionerende fondsen met hun neus op de feiten drukken. Als mensen met de voeten kunnen stemmen, zal dit heel snel sanerend werken op regentesk bestuurlijk gedrag. Op 14 januari denkt Marcel Tak in IEX langs vergelijkbare lijnen.

Tenslotte medezeggenschap. Lees hier de toelichtingen van Fatma Koser Kaja (D66) en Stef Blok (VVD) op hun initiatiefwetsvoorstel, en neem kennis van de weerstanden die bij bepaalde politieke partijen leven om u inspraak in uw eigen pensioensituatie te geven.

Pensioenfondsen gokken, jokken en maken brokken!

zaterdag 23 januari 2010

Kees de Lange Kees de Lange

De commissie Frijns is met haar rapport gekomen en de inhoud verbaast eigenlijk niemand die de pensioenwereld een beetje volgt. Tegelijk is het rapport ontluisterend, en het is daarom nuttig de hoofdpunten de revue te laten passeren. Het zal daarbij de oplettende lezer opvallen dat zeer veel van de kritiek van de commissie Frijns in feite al heel lang op deze website te lezen is.

disc_1 Besturen van pensioenfondsen moeten zich veel meer naar buiten richten en veel beter met de deelnemers communiceren.
Wat het rapport Frijns niet vermeldt, waarschijnlijk omdat men denkt dat het een open deur is, is dat de deelnemers niet misleid moeten worden. Helaas gebeurt dat in de prakrijk wel. In het pensioenoverzicht dat het ABP in januari 2010 aan alle deelnemers toezond, worden verhullende opmerkingen gemaakt over na-indexatie, terwijl de werkelijkheid is dat mensen die vanaf 1 januari 2004 gepensioneerd zijn, ongeveer twee pensioenmaanden aan achterstallige indexatie niet uitbetaald hebben gekregen. Hierdoor worden gepensioneerden ten opzichte van werkenden op grote achterstand gezet. Bovendien zal deze achterstand alleen maar snel toenemen. Ook vergelijkt het ABP de ontwikkeling van de pensioenen in dit bericht niet met de looninflatie, maar met de prijsinflatie. Nu staat uitermate duidelijk in de missie van het ABP dat men de looninflatie wil bijhouden. De vergelijking met de prijsinflatie is dus in feite irrelevant en dient alleen om de deelnemer in slaap te sussen. Natuurlijk vermeldt het ABP bij de genoemde prijsinflatie ook niet wat de betekenis van die cijfers is. Zo wordt geen rekening gehouden met de dikwijls grote toename in de kosten van gemeentelijke belastingen, de sociale verzekeringen en – niet te vergeten – de zorg. Ook het feit dat de cijfers berekend worden voor de bevolking als geheel zonder rekening te houden met de speciale omstandigheden van gepensioneerden helpt hierbij niet.

disc_1 Pensioenfondsbesturen, vooral die van bedrijfstakpensoenfondsen, zijn paternalistisch en weinig democratisch.
De stuitende taferelen die we meemaken met wat bijvoorbeeld het ABP medezeggenschap noemt, en de minachting voor al diegenen die de moed hebben kritiek te hebben, onderstrepen deze stelling van de commissie Frijns helaas meer dan ons lief is.

disc_1 De commissie Frijns stelt vast dat de risico’s voor pensioenfondsdeelnemers groter zijn dan ooit tevoren.
Gepensioneerden weten dat uit eigen pijnlijke ervaring. Het is daarom bizar dat het bestuur van het ABP nog steeds van mening is dat men gepensioneerden en andere thans niet vertegenwoordigde belangengroeperingen buitenspel kan zetten. Bij het programma Kassa heeft de NBP de herstelplannen van de vijf grootste bedrijfstakpensioenfondsen doorgerekend. Daarbij bevond het ABP zich in de achterhoede. Zolang het ABP de cijfers en consequenties van het eigen herstelplan bagatelliseert en blijft stellen dat men alles uitstekend gedaan heeft, moet gevreesd worden dat er nog wel een paar commissies Frijns nodig zullen zijn om dit soort arrogantie uit de wereld te helpen.

disc_1 Het beleggingsbeleid van veel pensioenfondsen is gebrekkig, mede omdat in de besturen professionele kennis omtrent beleggen en economisch risicobeleid grotendeels ontbreekt.
Opnieuw iets wat we als NBP al tijden beweren. In het Financieel Economisch Magazine (FEM) van 22 augustus 2009 wordt aangegeven dat slecht twee leden van het ABP bestuur kennis van economisch risicomanagement bezitten. Helaas kiest het ABP tot op de dag van vandaag voor financiële brekebenen als Borghouts en Nijpels in bestuurlijke topfuncties. Wanneer daarop aangesproken door critici is de verdediging dat het bestuur geen zeggenschap heeft over dit soort benoemingen. Men geeft dus openlijk toe dat het zelfreinigend vermogen van het eigen bestuur nihil is.

Duidelijk is dat op hoofdpunten de commissie Frijns de vinger op diverse zere plekken legt. De bedrijfstakpensioenfondsen riepen natuurlijk meteen dat ze eigenlijk al geruime tijd bezig waren om allerlei verbeteringen aan te brengen. Deze retoriek valt slecht bij gepensioneerden die als ervaringsdeskundigen precies weten wat er aan de hand is.

Aangezien het ABP door eigen toedoen regelmatig negatief in de publiciteit is, probeert men nu in de media wat tegenspel te bieden. De opmerkingen van het ABP zouden aan overtuigingskracht winnen, als men de feiten als uitgangspunt zou nemen, en niet een eigen verwrongen versie van de werkelijkheid. Zo maar wat voorbeelden. De NBP beklaagt zich in de tweede Open Brief dat het ABP nooit antwoord heeft gegeven op de eerste Open Brief. Het ABP ontkent dit, en laten we kijken hoe:

Op 2 oktober 2009 verzonden we onze eerste Open Brief aan het ABP. Op 7 oktober 2009 lazen we in het Financieele Dagblad (FD) als reactie van het ABP naar aanleiding van deze eerste Open Brief:

ABP: ‘We nemen klachten serieus’

ABP zegt dat het ‘alle klachten serieus neemt, of ze nu van een individuele deelnemer of van een organisatie komen. Daarmee proberen wij onze service en klanttevredenheid verder te verbeteren. Want we hebben een groot gezamenlijk belang en dat is het behoud van het collectieve pensioenstelsel.’

Recent heeft De Lange overleg gevoerd met het voltallige ABP-bestuur, zo geeft de woordvoerder aan. ‘Op basis daarvan weten we dat ook hij het pensioenstelsel een warm hart toedraagt. Overigens zal ABP de heer de Lange, zoals gebruikelijk bij alle brieven die het pensioenfonds ontvangt, een persoonlijk antwoord sturen.’

Hoe zit het echt? Het NBP sprak op 8 september 2009 met de directeur van het ABP bureau (Nicole Beuken) en de directeur Fondsrelaties van de APG (Marjo Pluijmaekers – niet van het ABP dus). Deze dames zitten niet in het ABP bestuur en hebben geen beleidsbepalende functie. We stelden een aantal problemen aan de orde, maar beide dames hadden en hebben geen mandaat om voor het bestuur te spreken. Na het gesprek bleef enige terugkoppeling van de zijde van het ABP bestuur uit. Nog los van het feit dat er nooit overleg heeft plaatsgevonden met het voltallige ABP bestuur, of zelfs maar met enig lid van het ABP bestuur (waarom wordt dit soort onjuistheden gedebiteerd?), wordt in het FD toch een antwoord beloofd.

Nu, na onze tweede Open Brief van 11 januari 2010 lezen we op 13 januari iets heel anders op de website van FDSelections:

“De eerdere open brief is alleen niet beantwoord, omdat er geen nieuwe punten in stonden en de brief, in de ogen van het bestuur een ander doel diende dan het gesprek met ABP aan te gaan. Andere brieven zijn wel beantwoord. “

Opnieuw, verdraaiing van de feiten. Bij de NBP zijn overigens geen andere brieven bekend die in de afgelopen maanden door onze organisatie verstuurd en door het ABP beantwoord zijn. Ondanks het, uitermate schamele, verweer van het ABP blijft onze kritiek op alle punten overeind. Ik nodig het ABP-bestuur uit gedocumenteerd en publiekelijk de hier genoemde feiten te weerspreken, danwel er verder het zwijgen toe te doen. Het vervuilen van de discussie met verwarrende of onjuiste berichtgeving is een organisatie als het ABP onwaardig. Of speelt het gebrek aan zelfreinigend vermogen het ABP bestuur opnieuw parten?

Samenvattend, hoewel de conclusies van de commissie Frijns nauwelijks opzienbarend te noemen zijn, is het te hopen dat de politiek nu eindelijk de enorme problemen in de pensioenwereld serieus neemt en adequate maatregelen treft. Voor zowel ouderen als jongeren is het verstandig zich bij de komende verkiezingen te laten leiden door hoe de diverse politieke partijen zich in het pensioendebat opstellen. Uw financiële toekomst is meer dan ooit in het geding, en uw eigen invloed daarop essentieel.

Open brief, publiciteit en reactie ABP

zondag 17 januari 2010

De tweede Open Brief aan het ABP heeft weer het nodige losgemaakt. Op de website van FDSelections verscheen op 13 januari 2010 een hoofdartikel met een reactie van het ABP. Door zowel de vice-voorzitter als de voorzitter van de NBP werd meteen gewezen op diverse onjuistheden die door het ABP gedebiteerd werden. Ook in de Volkskrant en het Parool van 13 januari werd aandacht besteed aan de Open Brief, terwijl ook in regionale bladen onze brief uitgebreid in het nieuws kwam. Zeer veel publiciteit dus al met al. In het Parool van 14 januari kwam het ABP vervolgens met een reactie waarin de NBP onder meer het verwijt krijgt verkeerde cijfers te presenteren. In zijn weblog zet Kees de Lange onder de titel “NBP rekent uitstekend” daarom maar weer eens een aantal zaken recht.

In het Financieele Dagblad van 11 januari 2010 verscheen een commentaar over het feit dat pensioenfondsen nauwelijks meer het vertrouwen van de burger genieten. Geen nieuws voor lezers van deze website natuurlijk. Waar in het artikel aan voorbij wordt gegaan is dat veel van de ellende is toe te schrijven aan slecht beleggingsbeleid bij diverse fondsen. Helaas wordt transparantie regelmatig met de mond beleden, maar zelden in de praktijk gebracht.

In de NRC van 15 januari verscheen een artikel waarin minister Donner betoogt haast te willen maken met een verbetering van de medezeggenschap van gepensioneerden. In eerste instantie wilde hij dat doen uitsluitend in overleg met vakbonden en werkgevers. Dat is alsof je de slager vraagt vegetarische producten te gaan verkopen. Pas na aandringen van anderen is besloten ook de koepel van ouderenorganisaties, de CSO, bij het overleg te betrekken. We wachten af.

Tenslotte nog een stukje goed nieuws: Obama gaat volgens het FD van 13 januari de schandalige bonussen van bankiers grondig aanpakken. Het werd tijd, wie volgt?

NBP rekent uitstekend

zondag 17 januari 2010

Kees de Lange Kees de Lange

In een reactie van het ABP in het Parool van 14 januari 2010 heeft het ABP vergaande kritiek op de berekeningen van de NBP, vermeld in de Open Brief van 11 januari, en samengevat in het Parool van 13 januari 2010. De kritiek van het ABP luidt als volgt: “De optelsom die de NBP maakt geeft helaas een vertekend beeld. Indien de pensioenen sinds 2004 altijd volledig zouden zijn geïndexeerd, zouden zij nu 6,65% hoger zijn.” Geen 16,2% dus.

Toch maar weer eens de controleerbare feiten. De tabel die de NBP geeft in de Open Brief is als volgt:

Tabel ontwikkeling indexatie bij het ABP

Om de zaak niet nodeloos te compliceren zijn relatief kleine effecten zoals renteverlies over niet betaalde indexatie, en het doorrekenen van niet uitbetaalde indexaties in enig jaar over die in voorgaande jaren buiten beschouwing gelaten. Wel meenemen van deze effecten zou de eindcijfers nog enigszins verhogen.

De ambitie van het ABP is om voor gepensioneerden de looninflatie (niet de prijsinflatie) bij te houden. Met andere woorden, de inkomensontwikkeling van gepensioneerden mag niet achterblijven bij die van werkenden, en dus is het de bedoeling om de loonontwikkeling in de sectoren onderwijs en overheid te volgen. Die loonontwikkeling wordt elk jaar vastgesteld, en deze getallen komen voor in de tweede kolom “Te indexeren”.

Het ABP betaalt al dan niet volledige indexatie op 1 januari van het jaar daarop volgend. Dit zijn de getallen in de derde kolom “Indexatie”. Vaak was de indexatie onvolledig, en dan wordt er af en toe wat “Ingehaald” (vierde kolom). Tot dusver geen conflict met het ABP, over al deze cijfers zijn we het eens. Dat kan ook moeilijk anders, want zij worden jaarlijks door het ABP gepubliceerd en door ons overgenomen.

In de vijfde kolom geeft de NBP aan wat elk jaar het tekort (verschillen tussen kolommen twee en drie) is. Ook de kolom “Cumulatief” zal geen problemen opleveren; de daarin gegeven cijfers zijn de voortgezette optelling van de waarden uit de kolom “Tekort”. Dit telt vanaf 1 januari 2004 t/m 1 januari 2010 op tot 6,65%, precies het bedrag dus dat het ABP noemt in het Parool artikel.

In de laatste kolom “Ingeleverd” worden de bedragen vermeld, die gepensioneerden totaal niet ontvangen hebben. Hoe komt die kolom tot stand?

Tabel ontwikkeling indexatie bij het ABP

Samenvattend, het is maar een deel van de waarheid (en dus misleiding) om alleen te melden, zoals het ABP doet, hoeveel het pensioen over de periode 2004-2010 is uitgehold door het niet volledig uitkeren van de indexatie. Die manier van presenteren verhult namelijk hoeveel gepensioneerden concreet hebben ingeleverd. Veel beter is, en dat is precies wat de NBP doet, om cumulatief uit te rekenen wat iedereen die vanaf 2004 gepensioneerd was bij het ABP tekort is gekomen. De trieste werkelijkheid is dat dit bedrag over de periode van 1.1.2004 tot 1.1.2010 al zo’n twee maandpensioenen bedraagt en per jaar snel oploopt. Dit is wat de NBP beweert. Als het ABP inderdaad zo gesteld is op transparantie als het in al zijn publicaties claimt te zijn, zou het de NBP-cijfers ten voorbeeld moeten nemen in plaats van deze te bestrijden.

Het is waarachtig te wensen dat de actuarissen bij het ABP meer elementaire rekenkennis in huis hebben dan het bestuur van deze organisatie. Het is beschamend dat een organisatie van vrijwilligers als de NBP deze zogenaamde professionals rekenkundig moet corrigeren op pensioengebied. Zou het verwijt dat de ABP bewust de cijfers presenteert op een wijze die zo weinig mogelijk commotie en protest uitlokt dan toch kloppen?

Prof. Dr. C.A. de Lange
Voorzitter NBP

Tweede Open Brief van de NBP aan het ABP

dinsdag 12 januari 2010

Het ABP heeft de gewoonte om bij fundamentele kritiek op het functioneren van het fonds de andere kant op te kijken. Aangezien het om geld van de deelnemers als primaire risicodragers gaat, meent de NBP dat een dergelijke regenteske opstelling onaanvaardbaar is en niet langer past bij de huidige tijd. Reden om een tweede Open Brief aan het ABP te schrijven. We zijn benieuwd.

ABP, en hoe het functioneert

maandag 30 november 2009

In een uitgebreid weblog gaat Kees de Lange in op zo maar wat misstanden bij het ABP. Aan de orde komen het benoemingsbeleid, de medezeggenschap of wat daar voor door gaat, en de achterstallige indexatie. Het is maar dat u het weet.

Zo zijn onze manieren, manieren…

maandag 30 november 2009

Kees de Lange Kees de Lange

Het ABP, wat moet je ermee? Het zal u niet onbekend zijn dat we ons als NBP ernstige zorgen maken over het ABP. Onze kritiek is fundamenteel, en wordt maatschappelijk gelukkig steeds breder gedragen. Steeds meer is het ABP bezig met het voeren van achterhoedegevechten, al beseft men het zelf nog niet. Laten we ter verhoging van de druk weer eens een aantal van onze bezwaren de revue laten passeren.

Helaas moeten we allereerst concluderen dat de oudedagsvoorziening van de deelnemers in het ABP, die verplicht zijn maandelijks aan het fonds af te dragen of gepensioneerd zijn, gekaapt is door een heilloze coalitie van vakbonden en werkgevers. Zij beslissen over de premies, zij beslissen over hoe uw kostbare centjes op ondoorzichtige wijze belegd worden, zij beslissen over uw indexatie. U heeft daar helemaal niets over te zeggen. En dat wil het ABP bestuur graag zo houden. Tot elke prijs. Alles gebeurt immers op uw kosten, en niets werkt zo verslavend als macht. Zeker als er nog een mooi salaris bij hoort ook.

Vergeleken met de andere grote Nederlandse pensioenfondsen presteert het ABP zeer matig, met een gênante plek in de achterhoede. Bij Kassa op 7 november 2009 heeft u kunnen zien wat de herstelplannen van het ABP met name voor gepensioneerden betekenen. Hoewel onze berekeningen ruim voor de uitzending aan het ABP zijn toegestuurd en het ABP heeft aangegeven dat onze becijfering correct is, verscheen toch vice-voorzitter Xander den Uyl op de buis om het volk te melden dat de berekeningen van het zwartste scenario uitgingen en dat men het als ABP fantastisch deed. Laten we nog maar eens benadrukken dat het om de eigen cijfers van het ABP ging die als uitgangspunt gebruikt zijn. De oogkleppen van de macht, het negeren van de feiten, het misleiden van de kijkers. Maar wie gelooft tegenwoordig de ABP bestuurders nog?

De bestuurscultuur bij het ABP is er één uit een voorbije periode. Bestuursleden worden niet gekozen, maar op uiterst ondoorzichtige wijze naar voren geschoven waarbij relevante capaciteiten, als ze al aanwezig zijn, op effectieve wijze verborgen worden gehouden. Het gaat om parttime bestuurders die naar de maatstaven van de gemiddelde werkende of gepensioneerde excessief betaald worden. Een anachronisme van de eerste orde, dat alleen via een keiharde publicitaire campagne aangepakt en veranderd kan worden. Want geloof maar niet dat het ABP bestuur ooit vrijwillig zijn riante machtspositie ter discussie zal stellen.

Over die bestuurssamenstelling valt op zichzelf al veel te zeggen. Het old-boys-network etaleert hier ten overvloede dat het hebben van kennissen veel belangrijker is dan kennis. Brinkman, Borghouts, Nijpels, Borghouts opnieuw….Maar gelukkig worden nu toch in de Tweede Kamer de juiste vragen gesteld en door een meerderheid de juiste conclusies getrokken. Eindelijk ligt dit soort figuren nu onder vuur. Je zou haast gaan terugverlangen naar de klassieke dorpse aanpak waarbij dit soort lieden overgoten met pek en veren over de gemeentegrens wordt gezet. De woede onder gepensioneerden is er groot genoeg voor.

Tja, en dan de indexatie… In Kassa heeft u kunnen zien wat de lange termijn vooruitzichten bij het ABP voor gepensioneerden zijn. Daar word je niet vrolijk van. En zeer onlangs heeft het ABP de jaarlijkse indexatiebeslissing genomen. Dat komt voor 2009 neer op 0,45 %, waarvan 0,28% structureel en 0,17 % incidenteel. In het licht van de loonontwikkeling van 2,20% is dit natuurlijk een schijntje. Overigens staan bij een dekkingsgraad van 105 de eigen regels die het ABP jarenlang gehanteerd hebben niet toe dat er sowieso over 2009 indexatie zou worden uitgekeerd. Waarom doet het ABP dan toch een poging, zij het van een grote bescheidenheid? De reden is duidelijk. Doordat men heeft besloten, ongetwijfeld onder druk van de overheid als werkgever, de pensioenpremies toch maar niet te verhogen, en gezien alle negatieve publiciteit die het ABP over zichzelf heeft afgeroepen, werd een klein pr gebaar nodig geacht om iets van de heersende ontevredenheid, met name onder gepensioneerden, te sussen.

Hoe verhoudt nu deze indexatie over 2009 zich met de werkelijkheid van de laatste jaren? Zoals u weet is het de missie van het ABP om met de pensioenen de loonontwikkeling in de sector te volgen. De partijen in het ABP bestuur hebben jarenlang gekozen voor een ontoereikende premieheffing. Om toch deze missie te vervullen, wordt er al jaren een uiterst risicovol beleggingsbeleid gevoerd. De gevolgen kent u. In de volgende tabel geven wij aan wat de loonontwikkeling sinds 2004 is geweest, en welk deel er via indexatiebetaling gecompenseerd is. We komen tot de voor velen schrikbarende conclusie dat gepensioneerden cumulatief ruim 16% van een jaarpensioen, dus ongeveer twee maanden pensioenbetaling, nooit ontvangen hebben. Dat is andere koek dan een zoethoudertje van 0,45%. Let wel, deze getallen worden door het ABP niet bestreden.

Tabel ontwikkeling indexatie bij het ABP

Het ABP misleidt regelmatig zijn deelnemers, en doet dat waarschijnlijk bewust. Misleiding betekent dat alleen die gegevens die een vooropgezet belang dienen naar buiten gebracht worden, terwijl andere even relevante informatie verzwegen wordt. Dat is precies wat er bij het ABP gebeurt. In een reactie op Kassa op de ABP website glorieert Xander den Uyl in het feit dat er in 2007 inhaalindexatie betaald is. Dat is correct, maar wat hij niet noemt zijn de jaren waarin dat niet gebeurd is. Kennelijk vindt het ABP het niet opportuun die informatie helder naar buiten te brengen. U snapt nu waarom: uit bovenstaande tabel ziet u wat de werkelijke situatie is. En dat is toch een ander verhaal dan het zonnige maar in essentie onjuiste beeld dat onze Xander graag ophangt. ‘An inconvenient truth’, om met Al Gore te spreken.

Tenslotte de medezeggenschap. Of wat daar voor doorgaat bij het ABP. Het ABP kent een deelnemersraad (DNR) met totaal 36 leden. De grootste fractie is die van de ACOP, zeg maar FNV, met 18 leden. Daarna, de CCOOP met 8 leden, het Ambtenarencentrum met 4, de CMHF met 4, en de NVOG met 2 leden. Al deze mensen (behalve de NVOG-leden) worden benoemd met last en ruggespraak door dezelfde vakbonden die ook de bestuursleden benoemen. Dat zijn dus 34 leden van de 36 van de deelnemersraad, die niet geacht worden daar hun eigen mening te uiten. Met andere woorden, zelfstandig denken wordt niet op prijs gesteld en komt ook zelden voor. Ook de rechten van de DNR zijn minimaal, men mag wat betekenisloze adviezen uitbrengen waar het bestuur naar eigen goeddunken mee omspringt. Is de DNR een nuttig orgaan? Nauwelijks. De deelnemersraad is in feite een marionettentheater waarbij Xander den Uyl en de zijnen ijverig aan de touwtjes trekken.

De kosten van dit circus, uiteraard weer opgebracht door de verplichte deelnemers, zijn hoog, en de effectiviteit is gering. Kort samengevat is er sprake van een intellectuele woestijn waar onderdanigheid aan het ABP bestuur, het verstrekken van krachteloze bureaucratische adviezen, het ontbreken van maatschappelijk besef en een griezelige vestingmentaliteit om de voorrang strijden. De enige gunstige uitzondering op dit sombere beeld wordt gevormd door de twee vertegenwoordigers van de NVOG, die daar wel als onafhankelijk denkende, kritische deelnemers zitten.

De positiebepaling van de DNR wil ik u niet onthouden. Het feit dat het ABP twee pensioenclowns in de gelederen heeft opgenomen, brengt bepaald geen stralende lach op de gezichten van de gepensioneerden te weeg. Men hoeft de media maar te volgen om te weten dat de aanstellingen van Borghouts, de Heintje Davids van het ABP, en Nijpels ongelooflijk veel kwaad bloed gezet hebben bij de grote meerderheid van de Nederlanders, en het toch al tanende vertrouwen in het ABP verder ondermijnd hebben. Met dat soort overwegingen hoef je bij de DNR niet aan te komen. Van de DNR heeft 94,4 % van de leden geen aanleiding gezien zich te verzetten tegen de benoemingen van beide functionarissen. Dat feit alleen al is het beste bewijs dat er iets grondig mis is met de representativiteit van deze club. Normaliter moet je voor dit soort uitslagen afreizen naar medezeggenschapsparadijzen als Iran, China of Zimbabwe. Het ontbrekende percentage? U raadt het goed, dat waren de NVOG vertegenwoordigers.

Hoe moet nu de conclusie luiden over het functioneren van het ABP? Niet voor niets kan men in kringen van gepensioneerden regelmatig de term Algemeen Blunderend Pensioenfonds beluisteren. Dat is een ander verhaal dan de term Ons ABP die het bestuur graag hanteert. Want er is, behalve ons uitgestelde loon, niets van ons bij. Dat is verontrustend. Nog veel verontrustender is dat, ondanks de crisis, ondanks de publieke opinie, ondanks het geslonken vertrouwen onder alle categorieën deelnemers, het staren naar de eigen navel voor ABP bestuurders en hun claque nog steeds topprioriteit geniet. Men heeft nog steeds niets geleerd.

Kassa en NBP samen op de barricaden

zaterdag 7 november 2009

Het gaat niet goed met de pensioenen in Nederland, al beweren bestuurders van pensioenfondsen graag het tegendeel. Ongeveer de helft van de pensioenfondsen heeft herstelplannen moeten indienen bij De Nederlandsche Bank (DNB). Over de gevolgen van de eigen herstelplannen communiceert men niet graag. Onlangs werd de NBP als de representatieve belangenbehartigingsorganisatie benaderd door Kassa, om herstelplannen door te rekenen en de resultaten te presenteren. Naast de presentatie in de TV uitzending van 7 november 2009 geven wij de resultaten ook hier, voor de pensioenfondsen ABP, Zorg en Welzijn, Metaal en Techniek, BPFbouw, PME (Metalelektro), Horeca en Catering, en PNOMedia. Totaal zijn bij deze fondsen ruim 8,3 miljoen deelnemers aangesloten.

Het wordt de hoogste tijd dat iedere pensioengerechtigde zich op de hoogte stelt van hoe het er voor staat met zijn oudedagsvoorziening. De resultaten van ons onderzoek zijn zonder meer ontluisterend. Lees vooral het weblog van Leo van Heesch die voor de NBP de analyses gedaan heeft. Als u dan nog moed hebt, neem dan kennis van de treurig stemmende cijfers voor de diverse pensioenfondsen, met PNOMedia als de treurige hekkensluiter. Het wordt echt tijd voor actie.

DNB weer onduidelijk, ouderen organiseren zich

zondag 13 september 2009

H. Potamus, gewaardeerd scribent in ons blad Pensioenbelangen, begeeft zich nu ook op het internet. In een weblog gaat hij in op onduidelijke signalen over indexatie van De Nederlandsche Bank (DNB).

Politiek wordt het steeds onrustiger. De woede van ouderen over de wijze waarop zij behandeld worden, heeft mede tot de oprichting van een nieuwe partij OokU geleid. In een persbericht wordt de oprichting gemeld, en in het programma kunt u lezen dat de pensioenen en de AOW een centrale plaats innemen. Dit zal de druk op de traditionele partijen, die zich niets aan ouderen gelegen laten liggen maar liever incompetente bankiers steunen, verder opvoeren.

Op 11 september 2009 is de CSO, de koepel van ouderenorganisaties, met een persbericht gekomen met een gemeenschappelijk standpunt over de AOW. Het wordt hoog tijd dat de positie van ouderen op de arbeidsmarkt centraal komt te staan. Voorlopig bestaan voor de  verhoging van de AOW leeftijd geen goede redenen. Deze mening is al eerder verkondigd door de NBP op deze website.

Nieuw indexatiebeleid van DNB?

zondag 13 september 2009

potamus Potamus

DNB-Magazine is een zes keer per jaar verschijnende “glossy” van De Nederlandsche Bank. Het septembernummer bevat een keur aan interessante onderwerpen. Belangrijk is bij voorbeeld een gedegen artikel over “Het financiële landschap van de toekomst” waarin het vertrouwen in banken en het beleggingsbeleid van pensioenfondsen aan de orde komt. Ook is er een “special” van maar liefst negen tekstpagina’s over de kredietcrisis. Verplichte kost dus. Maar het voor mij meest interessante en intrigerende stukje is net iets meer dan een halve pagina groot en gaat over “Indexatie pensioenen” geschreven door Marijke Hoogendoorn.

Zij sprak met pensioenexpert Dirk Broeders van DNB, die opent met wat wij allang wisten: “De meeste fondsen kunnen dit jaar niet indexeren (…).” Natuurlijk krijgt de val van de aandelenkoersen de schuld voor het vermogensverlies van de pensioenfondsen maar ook wordt toegegeven dat door de rentedaling de actuele waarde van de pensioenverplichtingen wordt opgedreven. Geen woord natuurlijk over het toezicht van DNB dat de pensioenfondsen had moeten waarschuwen voor een te risicovolle verschuiving van de beleggingen naar aandelen. Evenmin een verwijt richting het Financiële ToetsingsKader van DNB waarbij de (lage) rente een veel te belangrijke rol speelt.

De feiten zijn overigens wel interessant. Rond 350 pensioenfondsen kampen met tekorten en moeten de “buikriem” aanhalen. De minimale dekkingsgraad is 105 maar … “de wet eist grotere buffers: een dekkingsgraad van 125% voor een gemiddeld pensioenfonds.” Nu is het merkwaardig, maar in de PW2007 wordt helemaal niet gesproken over een dekkingsgraad van 125 procent. Het woordje dekkingsgraad komt welgeteld één keer voor en wel in artikel 147 van de wet. Over de verhouding “Eigen vermogen” en “Technische voorzieningen” zegt de wet ook niet veel en verwijst naar Algemene Maatregelen van Bestuur. De wet eist dus helemaal geen 125% dekkingsgraad. De enige eis die de wet stelt (neerkomend op een dekkingsgraad van ca. 105) is dat er 97,5 procent kans moet zijn dat het pensioenfonds niet in de situatie raakt dat er minder kapitaal is dan pensioenverplichtingen.

Enerzijds hebben we dus de wet die geen 125 maar 105 procent dekkingsgraad eist en anderzijds hebben we het beleid van DNB dat via zijn FTK de pensioenverplichtingen verder opschroeft dan voor een lange termijnzaak als pensioenen nodig is. Dat alles resulteert in een lage dekkingsgraad en daarmee het niet indexeren (voor inflatie corrigeren) van de pensioenen. Dat leidt tot koopkrachtverlies voor gepensioneerden. Dat wordt wel als ernstig genoemd maar door foute redeneringen nog eens verdoezeld. Zo wordt beweerd dat een inflatie van 3% gedurende 4 jaar tot een achteruitgang van 12% leidt. Wie kan rekenen weet dat (1+2+3+4) maal drie procent moet zijn dus maar liefst 30%.

Als de fondsen er weer beter voorstaan kunnen ze, aldus het artikel, weer gaan indexeren en zelfs: “Ook kunnen fondsen dan besluiten om eventueel gemiste indexaties alsnog toe te kennen”.
Zijn wij dan al die jaren voor de gek gehouden door het ABP-bestuur en de besturen van al die andere fondsen, die steevast verklaarden dat na-indexeren niet mag van DNB omdat daardoor het recht op indexatie “onvoorwaardelijk” zou worden. Bij ABP was dat zelfs de reden om iedere gepensioneerde een eenmalige toeslag van 300 euro te geven.

Als de schrijfster gelijk heeft, is dat een radicale doorbraak van het beleid van DNB op het gebied van indexaties.

Op mijn e-mail waarin ik DNB om toelichting vroeg, heb ik helaas geen antwoord ontvangen. Wedden dat die na-indexatie toch niet doorgaat en gepensioneerden weer jaren op een houtje mogen bijten?

Potamus