Berichten met het label ‘Koopkracht’

Dekkingsgraden en medezeggenschap

maandag 22 april 2013

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 22 april 2013

Dekkingsgraad verbeterd door korten pensioenfondsen
De financiële positie van de vijf grootste Nederlandse pensioenfondsen is de eerste drie maanden van 2013 verbeterd. En dat komt voornamelijk door het korten van de pensioenen per afgelopen 1 april. Daarom hebben de pensioenfondsen op papier weer meer geld in kas dan ze in de toekomst aan pensioen moeten uitkeren. Dit blijkt uit de eerstekwartaalcijfers van de fondsen, die naar buiten zijn gekomen. Toch kan nog zeker niet de vlag uit. Eventuele kortingen in 2014 zijn alles behalve van de baan. Dat hangt van de dekkingsgraad per eind december af die circa 105% moet zijn. En ook de almaar achteruit hollende koopkracht blijft een punt van zorg.

Premier Rutte roept intussen op om meer geld uit te geven. Zoals prof. Jaap van Duijn laat zien in zijn column van 20 april betekent meer geld uitgeven in feite het nog meer opmaken van onze spaarpotten om de economie te stimuleren. En dat terwijl de gezinnen de laatste vijf jaar al hebben ‘ontspaard’ aldus Van Duijn. Dat komt omdat het reëel beschikbaar inkomen van Nederlandse gezinnen nu al vijf jaar is gedaald. Vorig jaar zelfs een daling van 3,2% volgens het CBS. We consumeren ieder jaar dus meer dan ons inkomen groot is. En in januari 2013 is de verlaging van de koopkracht voor gepensioneerden nog eens vergroot door de invoering van de Wet Uniformering Loonbegrip (WUL). De Koepel van Ouderen-organisaties CSO heeft daarover terecht aan de bel getrokken bij de staatssecretaris van Financiën Weekers. Laten we hopen dat het helpt.

Koepel van Nederlandse Verenigingen van Gepensioneerden (KNVG)
De KNVG heeft op 13 maart een concreet voorstel rondgestuurd met behoud van ons pensioenstelsel gebaseerd op het Defined Benefit stelsel (pensioen gebaseerd op een toegezegde uitkering), maar wel met een aantal wijzigingen en onder afwijzing van een pensioenstelsel met twee verschillende systemen (hard en zacht). Dus het behoud van het vele decennia lang bestaande stelsel van een gegarandeerd pensioen met een grote kans op indexering. Er dreigt nu door het falen van een kleine minderheid van de pensioen-fondsen een overigens goed presterend stelsel overboord te worden gezet. Daarbij zijn gepensioneerden willens en wetens nooit gehoord in het proces van totstandkoming van het pensioenakkoord, aldus de brief. En ook daarna is er nauwelijks geluisterd naar organisaties van ouderen. Daarom is er geen draagvlak in de samenleving voor de voorstellen. Voor het voorstel zelf: zie pagina 4 van de KNVG brief in de bijlage. De Stichting Pensioenbehoud steunt dit voorstel van harte, ook vanwege onze kinderen en kleinkinderen.

Ook op het gebied van de medezeggenschap van gepensioneerden heeft de KNVG een duidelijk standpunt ingenomen in de brief van 16 april aan de Vaste commissie van SZW van de Tweede Kamer. De Stichting Pensioenbehoud steunt de zienswijze van de KNVG ook op dit punt geheel. Daarbij is het uitgangspunt van de eerdere wet Koser Kaya Blok dat de gepensioneerden een positie moeten krijgen die (tenminste) gelijkwaardig is aan die van de deelnemers. In het nieuwe Wetsvoorstel versterking bestuur pensioenfondsen van de staatssecretaris Jetta Klijnsma wordt dat uitgangspunt teniet gedaan.

Pensioenvermogen groot genoeg?

dinsdag 2 april 2013

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 1 april 2013

Een biljoen euro pensioenvermogen en toch pensioenkorting
Het blad IPN van 28 maart schrijft “Woordvoerder Tobias Oudejans van De Nederlandsche Bank bevestigt dat het vermogen van de Nederlandse pensioenfondsen is gestegen tot 1.007.191 miljoen euro, ofwel ruimschoots meer dan een biljoen. Een jaar eerder bedroeg het pensioenfonds-vermogen nog ruim 873 miljard. De pensioenfondsen zagen de spaarpot in 2012 dus met 134 miljard euro toenemen. In 2011 groeide het vermogen met 71 miljard euro iets minder hard aan, tot bijna 802 miljard euro. Ondanks het record bedrag in de pensioenpotten is er echter geen reden tot juichen. Volgens de laatste dekkingsgraadrapportage van de toezichthouder van 21 maart 2013 bedroeg de dekking van de pensioenfondsen per ultimo februari gemiddeld 104 – een procentpunt onder het wettelijk minimum.”

De Nederlandsche Bank geeft de volgende toelichting: “De gemiddelde dekkingsgraad van de Nederlandse pensioenfondsen is in februari gestegen naar 104%. Eind december 2012 bedroeg de gemiddelde dekkingsgraad nog 102%. De dekkingsgraad – de verhouding tussen de beschikbare middelen en de verplichtingen – is vooral toegenomen door de verwerking van de kortingen die de pensioenfondsen in februari hebben aangekondigd. Daarnaast is de rentetermijnstructuur sinds december 2012 gestegen en namen de (buitenlandse) aandelenkoersen toe. In februari hebben 68 van de 415 pensioenfondsen een korting per april 2013 aangekondigd. Per ultimo februari waren 3,9 miljoen actieve deelnemers en 1,9 miljoen pensioengerechtigden aangesloten bij een pensioenfonds met een dekkingstekort.”
En toch stroomt het Malieveld in Den Haag niet vol met protesterende gepensioneerden. Wat is er toch aan de hand? Daarnaast geeft een dekkingsgraad van gemiddeld 104% niet de meest slecht presterende grote fondsen in februari aan: ABP 98%, PMT 98,5% en PME 99,4%. Dus er hangt nog meer onheil in de lucht.
BNR Nieuwsradio meldt op 27 maart “Dat veel mensen juist gekort worden op hun pensioen geeft volgens Lutjens een vertekend beeld. Je moet niet alleen voor de huidige gepensioneerden geld hebben, ook voor de jongeren die pensioenaanspraak hebben opgebouwd. Daar moet een vermogen ook op ingericht zijn.” Maar de hoogleraar pensioenrecht Lutjens vergeet te melden dat het niet alleen om het aanwezige vermogen gaat , maar ook dat er door de jongeren meer premie moet worden betaald wegens hun gemiddeld zeven jaar langere levensverwachting dan de huidige ouderen. Net zoals de ouderen die steeds meer premie betaalden naarmate zij ouder werden.

Houd toegezegde pensioenuitkering in stand, het kan!
In de uitgave van Me Judice van 29 maart schrijven prof. dr. B. van Praag en drs. D.A. Hollanders het prima artikel Houd toegezegde pensioenuitkering in stand, het kan! “Het huidige pensioensysteem waarin deelnemers een aan het loon gerelateerde pensioenuitkering krijgen toegezegd biedt een aantal evidente voordelen boven het ‘casino-pensioen’, waarin alle risico’s bij de deelnemers liggen. Ook is het op lange termijn houdbaar – in tegenstelling tot wat vaak beweerd wordt. Dit stellen David Hollanders en Bernard van Praag. De gedachte dat de langere levensduur en lage rente dwingen tot het inruilen van het huidige pensioen voor een casino-pensioen snijdt geen hout.” Lees het artikel op www.mejudice.nl.

Korting pensioen kan voorlopig opgeschort

maandag 11 maart 2013

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 11 maart 2013

Opvallende conclusies in pensioenrapport Netspar
De conclusie van de recente Netspar studie Herverdeling door pensioenregelingen vermeldt dat de studie uit twee delen bestaat. In het eerste deel zijn de verschillen in levensverwachting gepresenteerd tussen mannen en vrouwen en tussen personen van verschillend opleidingsniveau. Hoogopgeleiden en vrouwen blijken een aanzienlijk hogere levensverwachting te hebben dan laagopgeleiden en mannen. Er zijn geen statistisch significante indicaties dat deze verschillen groter of kleiner aan het worden zijn.

In het tweede deel is, met behulp van deze gegevens, de herverdeling tussen verschillende sociaaleconomische groepen door het collectieve Nederlandse pensioenstelsel in kaart gebracht. Hierbij zijn de eerste pijler (aow) en de tweede pijler (aanvullende pensioenen) in onderlinge samenhang beschouwd. De studie laat zien dat er forse overdrachten plaatsvinden in de collectieve pensioenen, met name in de aow. De aow-regeling herverdeelt enerzijds van hoog- naar laagopgeleiden en anderzijds van mannen naar vrouwen. Deze herverdeling wordt gedreven door verschillen in levensinkomen: hoogopgeleiden verdienen over hun leven gemiddeld meer dan laagopgeleiden en dragen daardoor meer bij aan de financiering; hetzelfde geldt voor mannen in vergelijking tot vrouwen. De recente stijging in de levensverwachting heeft de herverdeling in de aow vergroot, terwijl de maatregelen uit het regeerakkoord de herverdeling verkleinen. Het regeerakkoord heft de effecten van de gestegen levensverwachting grotendeels op.

Bij de aanvullende pensioenen zijn er ook overdrachten van mannen naar vrouwen. Anders dan bij de aow vinden deze echter tussen sociaaleconomische groepen plaats van laag- naar hoogopgeleiden. Vergeleken met de aow zijn deze overdrachten echter zeer beperkt, zodat de uitkomsten voor beide regelingen tezamen volledig worden bepaald door de aow. De herverdeling die er is, wordt vooral veroorzaakt door verschillen in levensverwachting. De pensioenregelingen in de tweede pijler houden in de premie- en opbouwregels géén rekening met dergelijke verschillen. Omdat vrouwen gemiddeld langer leven dan mannen, pakt de herverdeling in de tweede pijler gunstig uit voor vrouwelijke deelnemers en ongunstig voor mannelijke deelnemers. Hetzelfde geldt voor hoogopgeleiden in vergelijking met laagopgeleiden.

De conclusie uit deze studie is dat de verontwaardiging van de politieke jongerenorganisaties niet terecht is, al zijn er wel verbeteringen mogelijk in ons pensioenstelsel. De prijs van solidariteit is niet zo hoog als wordt voorgesteld door deze jongeren.

De Nederlandsche Bank geeft een overzicht van vijf jaar over pensioenen
De onderstaande tabel geeft een goed overzicht over de periode 2008 t/m 2012 van wat er is gebeurd met onze pensioenen:

Al met al worden 5,6 miljoen mensen gekort op hun pensioen, waarvan 0,3 miljoen de laatste 5 jaar tevens géén indexatie hebben gehad. Dat lijkt weinig, maar gemiddeld betekent dat 6,3% koopkrachtverlies volgens Plus Online. Bovendien door een belastingmaatregel in januari kregen de gepensioneerden ook al tot 5% minder netto inkomen. De grote pensioenkortingen tot wel 7% per 1 april zullen dan ook hard aankomen. En dat allemaal door een onjuiste rekenrente waarover de KNVG voorzitter Martin van Rooijen een goed beargumenteerde brief heeft geschreven aan de Tweede Kamer. Laten we hopen dat het gezond verstand doorbreekt voor 1 april en dat de korting van de pensioenen voorlopig wordt opgeschort.

Bezuinigingen

vrijdag 1 maart 2013

Joop van Vliet vraagt zich in zijn weblog of het voorgestelde bezuinigingsbeleid van Rutte II tot het gewenste resultaat zal leiden. Nieuwsgierig? Lees dan: ‘Dit land wordt kapot bezuinigd‘.

Dit land wordt kapot bezuinigd

vrijdag 1 maart 2013

Joop van Vliet Joop van Vliet

Het kabinet Rutte voorziet voor 2014 extra bezuinigingen, vooral ook omdat in 2013 de 3 procentgrens, die Europa stelt zeer waarschijnlijk wordt overschreden. Voor 2013 is dat minder erg dan het lijkt, want er zal vrijwel geen enkele EU-staat zijn, die 2013 afsluit met een lager begrotingstekort dan 3 procent. Maar voor 2014 moet opnieuw ernstig worden gepoogd de gestelde norm te halen.

Maar het is natuurlijk de grote vraag of het ‘bezuinigingsbeleid’ van Rutte II tot het gewenste resultaat zal leiden. Veel economen van naam, zowel theoretici (hoogleraren) als praktijkmensen uit het bedrijfsleven, verwachten dat wat Rutte II wil, zal mislukken, vooral ook omdat die ‘bezuinigingen’ vooral neerkomen op lastenverzwaringen wat het probleem op het bordje van de gewone burger legt.
Natuurlijk vallen de jongste cijfers van het CPB erg tegen, vooral de toenemende werkloosheid baart zorgen, maar – zoals Silvester Eijffinger (Tilburg) zegt – “Extra bezuinigen betekent dat je het laatste restje bestedingen uit de economie haalt. Dat is op dit moment rampzalig”. Hij krijgt bijval van onder meer Sweder van Wijnbergen (UvA), Roel Beetsma (UvA), David Hollanders (UvA) en Rabo-econome Ruth van de Belt, die allemaal in hun eigen woorden ongeveer hetzelfde zeggen: “Rem de economie niet verder af, bezuinig op een betere manier, wentel problemen niet af op de burger en probeer de juiste sectoren van de economie te stimuleren en zo de werkloosheid te bestrijden”.

Je kunt een euro maar een keer uitgeven!
Politiek gelooft teveel aan de grote leugen: ‘Je kunt een euro maar een keer uitgeven’. Onlangs trapte Henk Krol (50plus) ook nog in de valkuil om in te stemmen met deze voor particulieren en bedrijven geldende waarheid als een koe, terwijl het toch om de financiën van het Rijk ging.

Een heel simpel voorbeeld laat zien hoe het werkt. Ik haal uit mijn spaarpot 100 euro en koop daarvoor iets bij een detailhandelaar W, zeg een elektrisch apparaat met 21% BTW. Wat doet W met dat geld? Hij betaalt zijn personeel P, zijn leverancier L, spaart wat voor zichzelf S en draagt o.m. de BTW af aan de fiscus F.

Volgens dit simpele schema komen mijn 100 euro’s dus in de kassa van de winkelier terecht, die de helft gebruikt om de lonen van zijn personeel (en zichzelf) te betalen, de rekening zijn leverancier te voldoen, een kleinigheid voor zijn pensioen te sparen en aan de fiscus 21 procent BTW af te dragen.
Het personeel gaat met de ontvangen 50 euro winkelen en besteedt 20 euro bij allerlei leveranciers, spaart verplicht 10 euro (20 procent) pensioenpremie, draagt aan de fiscus gemiddeld 40 procent belasting af en geeft zo de laatste 20 euro uit, voor een totaal van 50 euro.
De leveranciers L hebben in eerste instantie 45 euro ontvangen (25+20) geven daarvan weer 40 procent of 18 euro uit betalen hetzelfde bedrag aan de fiscus en leggen 9 euro op zij voor hun pensioen. In tweede instantie ontvangen de leveranciers nog eens 18 euro waarvan er 4 naar andere leveranciers gaan, 7 naar de fiscus en 7 worden gespaard. Van de laatste 4 euro wordt er 1 gespaard en ontvangt de fiscus de rest (of dat nu rechtstreeks of via omwegen is, maakt weinig uit).

Houdt de economie op gang!
Niet alle stappen zijn consequent voortgezet, want ook de leveranciers zelf hebben personeel, maar het gaat ook maar om een illustratie van een oneindig proces. We hebben door 100 euro uit te geven dus 217 euro in de economie gepompt, waarvan 69 in de schatkist terecht kwamen. Dat is iets meer dan 21 procent. Dat komt vooral omdat het “spaargeld” grotendeels onbelast bleef, anders was het ruim 31,5 procent geweest.
Overigens hangen die percentages natuurlijk af van de aard van de bestedingen.
Kopen we voedsel i.p.v. “luxe” goederen dan betalen we maar 6% BTW en 0% als we het aan medicijnen voor mensen uitgeven (voor diergeneesmiddelen is het ook 21%). Geven we het uit aan energie dan komt er nog energiebelasting bij en kopen we er een auto voor dan zorgt de BPM voor extra inkomsten voor de fiscus. Ook accijns op tabak, drank of benzine zorgt voor hogere belastingopbrengsten.

De essentie van het voorbeeld is echter duidelijk … als u en ik die 100 euro niet uitgeven, betekent het dat de economie langzamerhand stopt. Zolang er nog opdrachten in de opdrachtenportefeuille zitten, gaan bedrijven door, maar op een bepaald moment houdt het op.

Bezuinigen of afwentelen
Een andere zaak is dat politici in het algemeen het verschil niet weten tussen bezuinigen en afwentelen. U als particulier wel, want u kunt u met uw geld maar twee dingen doen: uitgeven of niet uitgeven. De politiek kan zonder ook maar een cent te besparen een begroting kloppend maken (op papier en dan nog maar heel eventjes) door bijvoorbeeld de BTW te verhogen, huursubsidies te verlagen, minder zorgkosten te vergoeden, de OZB en de waterschapslasten te verhogen, de gemeentelijke en rijksleges te verhogen (bouwvergunningen en erfpacht resp. paspoorten) en nog veel meer, maar ik wil ze in Den Haag niet op ideeën brengen.
Het nadeel hiervan is dat daardoor vaak minder geld binnenkomt dan gepland. Nu al is het voordeliger als je 50 km van de grens woont om in Duitsland of België de boodschappen te doen (sigaretten en drank) en en passant goedkope brandstof te tanken. Maar als men meer de fiets en minder de auto pakt, tikt het ook hard aan. Minder accijns en de fietser leeft ook langer, dus dat kost de pensioenfondsen extra geld. Minder roken en drinken betekent ook minder accijns en langer leven.
Echt bezuinigen is minder uitgeven aan nutteloze zaken (Betuwelijn, Fyra, Noord-Zuidlijn, brug bij Vleuten, windmolenparken ter land en ter zee) en vooral het beperken van de salarissen van een groot deel van het management in het onderwijs, de gezondheidszorg en woningcorporaties. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de bankenbonussen en die 2000 ambtenaren die meer verdienen dan de minister-president.

Zinvol investeren
Dat geld dat bespaard wordt op zinloze zaken, kan beter worden geïnvesteerd in kennis, echte innovaties, onderwijs en onderzoek. Een voorbeeld van zo’n zinvolle investering in innovaties is ASML, eerst een half mislukte Philipsdochter, nu een van de grootste producenten van chipmachines (elektronica) ter wereld, die meer bijdraagt aan de Nederlandse economie dan Philips zelf. ASML zit in Veghel, maar kan slechts 1/6 van de benodigde techneuten uit Nederland halen. De overigen komen uit de hele wereld naar Brabant. Het zou een ramp zijn als ASML zich elders ging vestigen. De goede connecties met de TU Eindhoven moeten daarom in stand blijven.
John Maynard Keynes (rijmt op brains) zei al “geld moet rollen”, maar moderne economen weten dat het gecontroleerd de goede kant op moet rollen. Nu nog de politici daarvan weten te doordringen.

Staatssecretaris SZW Klijnsma over de pensioenkortingen

maandag 11 februari 2013

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 11 februari 2013

Staatssecretaris SZW Klijnsma wil kortingen niet voorkomen
Afgelopen woensdag was het eerste overleg van de Tweede Kamer met de nieuwe staatssecretaris SZW Klijnsma. Zij stelde heel duidelijk dat zij het niet nodig vond om de kortingen op de pensioenen te voorkomen; die pensioenkortingen zijn nodig volgens haar en ze werd hierin gesteund door de PvdA. De partijen PVV, SP en 50PLUS waren het daarmee niet eens en zij stelden de herinvoering van een vaste rekenrente van 4% voor, maar dat voorstel wees Klijnsma af. Ook het uitsmeren van de pensioenkortingen over tien jaar zoals voorgesteld door de Koepel van Nederlandse Verenigingen van Gepensioneerden (KNVG) in het artikel van 1 februari kon geen genade vinden in haar ogen. Klijnsma koos voor dat afwijzende standpunt ondanks dat het koopkrachtverlies voor de meest getroffen gepensioneerden tot wel 20% kan oplopen door alle getroffen maatregelen, aldus de KNVG. Dus door stapeling van maatregelen lijden zij een ernstig koopkrachtverlies volgens het KNVG artikel van 7 februari.

De Stichting Pensioenbehoud heeft voorgesteld om de taakopdracht van de commissie UFR die alleen de recent aangepaste rekenrente gaat onderzoeken, uit te breiden tot een wetenschappelijk onderzoek om vast te stellen welke berekening van de pensioenverplichtingen op basis van ‘marktwaardering’ (rekenrente) de juiste is en intussen te wachten met kortingen. De KNVG en de SP steunden ons voorstel, maar de staatsecretaris heeft het afgewezen. Het artikel in het blad IPN van 5 februari kopte dan ook met ‘Korten valt niet uit te leggen bij hoge rendementen’. In het artikel Pensioenkorting is niet nodig van C. Roelofs in het FD van 5 februari schrijft hij ‘Voor de berekening van de dekkingsgraad moeten we uitgaan van het huidige kapitaal verhoogd met het in de toekomst te verwachten rendement.’ We betalen nu teveel premie die straks als een pensioenkapitaal van vele miljarden door de jongere generaties wordt geërfd, aldus Roelofs. Maar Klijnsma blijft doof.

Discussie over inkomen en vermogen
De door de politieke partijen geciteerde cijfers om hun standpunt te onderbouwen, komen uit het CBS rapport Welvaart in Nederland van mei 2012. En zo leiden dezelfde cijfers tot heel verschillende conclusies en standpunten over wie de bezuiniging kan en moet betalen. De interviews in de kranten staan vol van de minderbedeelden en hun problemen. In 2013 leveren door de getroffen maatregelen de gepensioneerden met een aanvullend pensioen wel het meeste in, aldus de NRC van 5 februari. En tussen 2011 en 2017 gaan gepensioneerden met een aanvullend pensioen van 10.000 euro per jaar er zelfs 9% op achteruit, aldus de krant. Maar van de stenen in je huis waarin je woont, kun je als gepensioneerde niet leven. De Nederlandse inkomensongelijkheid behoort tot een van de laagste ter wereld en is de laatste tien jaar ook gelijk gebleven. Is een gelijk percentage voor iedereen niet het meest eerlijk? Hoe hoger het inkomen hoe groter de bijdrage in euro’s aan de bezuiniging. Daarmee wordt de extra bijdrage gegeven zoals door sommige politieke partijen wordt verlangd en nog meer belasten is dan niet redelijk meer in de gereguleerde markteconomie van onze democratische samenleving. Of zoals het artikel ‘Praten over rijke ouderen is pas echt populistisch’ van politicoloog Gerhard Hormann in de NRC van 9 februari het zo treffend zegt vanwege de uitlatingen van Diederik Samsom en de door hem voorgestelde ‘jaloeziebelasting’. Een artikel in de NRC van 9 februari heeft de voorspellende kop ‘Ouderen gaan de barricaden op’.

Hoe nu verder
Als staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid besluit tot aanvullingen op het septemberpakket pensioenen, dan maakt zij die voor deze zomer bekend. Met die toezegging hebben pensioenfondsen en wij als belanghebbenden dus voor de zomer duidelijkheid over de maatregelen die gelden in 2014. Voor de zomer komt de staatssecretaris ook met een concept wetsvoorstel, een eerste schets van het FTK en met de bevindingen van de commissie die de UFR bestudeert. Uiterlijk met Kerst 2013 volgt dan het definitieve wetsvoorstel voor wijziging van de pensioenwet. Eerder, voor 1 maart van dit jaar, krijgt de Kamer in een brief uitleg over de rekenrente en de totale hoogte van het bedrag aan pensioenkortingen per 1 april dit jaar. In dezelfde brief over de rekenrente laat Klijnsma ook weten welke pensioenfondsen met een vaste rekenrente van 4 procent per 1 april toch op aanspraken zouden moeten korten. Volgens de staatssecretaris gaat het om een ‘paar fondsen’. Voor meer inzicht in de terugstortingen gaat de staatssecretaris samen met de Pensioenfederatie nader onderzoek doen naar de jaarverslagen van pensioenfondsen. Informatie over de uitvoeringskosten in internationaal perspectief komt voor 1 maart naar de Kamer. Andere toezeggingen betreffen het beloningsbeleid van pensioenfondsen en de pensioenknip.

Jetta Jokt… Lodewijk Liegt…

maandag 28 januari 2013

 
Jetta Jokt…
De immer sympathiek ogende Jetta Klijnsma, staatssecretaris van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid blijkt helaas mee te gaan in het ontkennen dat gepensioneerden extra zwaar de lasten van de bezuinigingen moeten dragen. Vrolijk als altijd beweerde zij dat alle leeftijdscategorieën moeten inleveren. Dat mag in grote trekken zo zijn, maar de gepensioneerden zijn de enigen die daar bovenop nog eens 5% tot 7% van hun netto pensioen inleveren. Dan zwijgen wij nog maar over de mensen met een vrijwillige of gedwongen pré-pensioen regeling die nu of in de toekomst in het inmiddels beruchte AOW-gat vallen. De daarvoor ontworpen overgangsregeling schijnt slechts voor de 15% minst betaalden uitkomst te bieden. Als wij daar nog eens bovenop rekening houden met het feit dat de koopkrachtvermindering van gepensioneerden al jarenlang aan de gang is en grote groepen in april rekening moeten houden met forse kortingen op hun pensioen, dan is het stellen dat alle leeftijdscategorieën moeten inleveren een generalisatie die dicht in de buurt van liegen komt.

Lodewijk Liegt…
Haar niet minder sympathiek ogende baas Lodewijk Asscher, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, tevens vicepremier, trok de lijn door. Kennelijk is in het kabinet of op het ministerie afgesproken om de problemen van de gepensioneerden vooral te ontkennen en als dat niet lukt te bagatelliseren. Hij stelde dat de netto-vermindering van de pensioenen het gevolg is van de uniformering van de belastingtarieven. Nu pakte dat nadelig uit maar het vorige jaar pakte het voordelig uit voor de gepensioneerden en toen had hij ze niet gehoord. Van tweeën één: ofwel Lodewijk Asscher kletst uit zijn nek of hij liegt dat hij zwart ziet. De uniformering belastingtarieven is ingegaan op 1.1.2013 en tevoren heeft dat geen effecten gehad. Door deze wijziging zijn de tarieven voor werkenden en gepensioneerden met 4% omhoog gegaan hetgeen er netto flink inhakt. Voor de werkenden is dat gecompenseerd omdat de premie ziektekostenverzekering die door de werkgever wordt betaald niet meer bij het belastbare inkomen hoeft te worden geteld. De gepensioneerden betalen die premie zelf en zij worden niet op gelijke wijze gecompenseerd.

Ouderen hebben er best begrip voor dat zij hun steentje moeten bijdragen nu het land in problemen is. Maar dat zij veel meer dan anderen moeten inleveren en dat dit ook nog eens wordt ontkend is onverteerbaar.

2013 rampjaar voor gepensioneerden

vrijdag 18 januari 2013

Binnen de stroom van e-mails die dagelijks op onze computer voorbij komen vielen twee berichten op.

Op de eerste plaats een bericht van het ABP dat door de regeringsmaatregelen de netto pensioenen in januari zo’n 5% tot 7% lager zullen uitpakken. Tel daarbij op het feit dat de inflatie over 2012 van ongeveer 3% niet gecompenseerd wordt en er in april nog een korting zit aan te komen van een ½% , dan verliest het ABP-pensioen in een jaar tijd zo’n 10% aan koopkracht. Dat komt boven op de 10% koopkrachtverlies die wij de afgelopen vier jaren al hebben moeten incasseren. Voor degenen die de pech hebben een pensioenfonds te hebben in de metaal of van één van de vele ondernemingspensioenfondsen die fors moeten korten, dan komt daar in plaats van een half procent korting zo’n 7% korting bij.

Een tweede bericht dat de aandacht trok en inmiddels ook door de media is opgepikt, is het bericht van het Nibud. De gepensioneerden en vooral ook de vroeg gepensioneerden zijn degenen die bij uitstek het gelag betalen. Heeft het bovenstaande alleen betrekking op de aanvullende pensioenen, in de berekeningen van het Nibud zijn ook de AOW-uitkeringen meengenomen als ook de prijsstijgingen en regeringsmaatregelen als het verhogen van het eigen risico, dus berekeningen over het totale inkomen. Via de site van het Nibud kunt u een berekening maken voor uw persoonlijke situatie. Schrijver van dit nieuwsbericht kwam uit op een koopkrachtverlies over zijn totale inkomen van 4,9%

Leo van Heesch geen bestuurslid meer
Onze vice-voorzitter Leo van Heesch heeft op 1 januari van dit jaar zijn bestuurslidmaatschap van de Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen beëindigd. Wel zal hij zijn bijdragen aan de website en aan ons blad Pensioenbelangen blijven leveren.

Sommigen zijn meer gelijk dan anderen
H. Potamus vraagt zich in zijn nieuwste weblog af waarom sommigen meer gelijk zijn dan anderen.

Pensioen en generaties

maandag 7 januari 2013

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 7 januari 2013

De ouderen eten NIET het pensioen op van de jongeren
De bewering dat de babyboomers hun kinderen zouden bestelen door de pensioenpotten op te maken, mist elke grond en is onjuist. Maar die stelling is wel de basis van de eis van sommige activistische jongeren die stellen dat een individualisering van de pensioenen noodzakelijk is, iedereen zijn eigen potje. Stoppen met de solidariteit tussen jong en oud.

AOW
Bij de AOW neemt de vergrijzing flink toe. Volgens de CBS Kerncijfers van de bevolkings-prognose 2010-2060 (zie bijlage) waren er in 2010 nog vier werkenden op elke gepensioneerde, in 2040 is dat ongeveer twee werkenden op elke gepensioneerde. Dus moet er wat veranderen om de kosten voor de overheid beheersbaar te houden. En dat gebeurt nu al. AOW-ers met een wat groter pensioen betalen sinds 2011 mee aan de AOW via de ‘houdbaarheidsbijdrage’ die tot 2030 steeds verder zal stijgen. Daarnaast gaat de AOW-leeftijd omhoog. Vanaf 2013 wordt niet alleen gekeken naar het inkomen bij het bepalen van de eigen bijdrage voor verzorgingshuizen, maar ook naar het vermogen. De babyboomers en de generatie daar net onder betalen dus in toenemende mate hun eigen zorg en AOW.

Ouderdomspensioen
Bij de pensioenen is iets soortgelijks te zien. Door de vergrijzing zijn er steeds minder premiebetalers en meer pensioenuitkeringen. Volgens de CBS tabel Pensioenfondsen; deelnemers en premies 2006-2011 (zie bijlage) is deze verhouding nu nog ongeveer 6:3, naar verwachting verslechtert deze naar 6:5 rond 2040. De komende jaren groeit de pensioenpot echter nog zoals door het ABP is aangetoond (zie de nieuwsbrief van 17 december 2012) hetgeen ook door prof. Frijns in een interview bij RTLZ op 10 december 2012 werd bevestigd. Volgens de CBS tabel Pensioenfondsen; deelnemers en premies 2011 (zie bijlage) bedragen de pensioenpremies nu circa 30 miljard en volgens CBS tabel Pensioenfondsen, pensioenuitkeringen 2008-2010 (zie bijlage) zijn de pensioen-uitkeringen in 2011 circa 25 miljard. Elk jaar komt er dus exclusief beleggingsrendement nog zo’n 5 miljard bij. Het omslagpunt is te verwachten vanaf ongeveer 2020. Het beleggings-rendement kan dan ook worden gebruikt voor indexering van de pensioenen, maar vanwege het wel 8 jaar langer leven van de huidige jongeren moeten er dan wel aanpassingen in het pensioencontract plaatsvinden zoals een hogere premie of lagere aanspraken.

De pensioenpositie van de jongeren is daarbij relatief sterk. Volgens de CBS tabel Pensioenaanspraken van personen, kerncijfers 2008 (zie bijlage) zijn de te bereiken pensioen-uitkeringen van jongeren hoger dan die van ouderen. Dit komt mede door de toegenomen aantallen tweeverdieners en het hogere gemiddelde opleidingsniveau van jongeren en de daaraan gekoppelde hogere inkomens. De CBS cijfers houden echter geen rekening met het middelloon principe en zijn dus te optimistisch. Maar ook prof. Goudswaard heeft in het WRR rapport De toereikendheid van pensioeninkomens in Nederland van 28.9.12 (zie bijlage) geconstateerd dat de bruto pensioenaanspraken van jongeren gemiddeld hoger zijn dan van ouderen. Zo zijn de jongeren van nu rijker dan hun ouders waren op die leeftijd.

De huidige pensioenproblematiek wordt vooral veroorzaakt door een combinatie van een stijgende levensverwachting en een extreem lage rekenrente. De berekeningsmethode daarvan dient o.i. te worden aangepast op basis van langdurig rendement minus een afslag per fonds. Dan wordt het vele korten overbodig. Met een dekkingsgraad van rond de 100% kan niet worden gesteld dat de oudere generaties in het verleden te weinig premie hebben betaald. Zij hebben een reserve opgebouwd die we nu in deze crisistijden ook inzetten waarvoor die is bedoeld, tegenvallers opvangen. Jongere generaties hebben een moreel recht op een dekkingsgraad van 100%, het surplus is bedoeld om tegenvallers op te vangen.

Maatschappelijke (ON) betrokkenheid….

dinsdag 11 december 2012

Tot onze verbazing, maar ook verontwaardiging, wordt er niets meer gedaan aan het duidelijk in kaart brengen van de miljarden euro’s die aan de pensioenfondsen zijn onttrokken. “Niet meer te achterhalen” stelt de Pensioenfederatie bijna jubelend vast. Over maatschappelijke betrokkenheid gesproken….

Wij dringen er nadrukkelijk op aan, hiermede geen genoegen te nemen, omdat de jaarstukken van elk pensioenfonds opvraagbaar zijn en dus zwart op wit valt te constateren, wat er met ons pensioengeld is gebeurd. In 2002 beloofde de toenmalige staatsecretaris van Sociale Zaken, de heer M. Rutte deze miljardenroof te willen uitzoeken. De huidige “steekproef “onder vijf pensioenfondsen, nota bene a n o n i e m, dus in het geniep…, is even dwaas als een open hart operatie via de blinde darm afhandelen. Ook het schijnargument van – alweer- de Pensioenfederatie dat het een en ander teveel geld kost en dat die gelden verhaald zullen worden op de pensioendeelnemers getuigt van een zodanige onwil en gemakzucht dat aan het bestaansrecht van een dergelijke federatie moet worden, getwijfeld, omdat deze organisatie op voorhand ondeugdelijk handelen door de pensioendeelnemers wil laten financieren. Over maatschappelijke betrokkenheid gesproken…….

Wij verzoeken met klem dit alles zó niet te laten passeren en het middel van de parlementaire enquête niet te schuwen bij de waarheidsvinding die dringend noodzakelijk is.

Geachte Kamerleden,
Voor uw inzet ter zake danken wij u bij voorbaat.

Simon van der Schoot,
voorzitter Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen,
Den Haag.