Berichten met het label ‘Pensioenstelsel’

Rapport Commissie Goudswaard volgt de werkgeversagenda

vrijdag 29 januari 2010

Het rapport Goudswaard is uit en volgt de welbekende werkgeversagenda op de voet. Geen woord over wanbeleid en incompetentie bij de besturen van bedrijfstakpensioenfondsen, geen woord over de noodzaak om tot representatief, oordeelkundig pensioenfondsbestuur te komen, maar een nieuwe poging de zwarte piet bij de slachtoffers, de fondsdeelnemers te deponeren. U kent het wel: het pensioenstelsel versterken door het eerst te slopen.

De inkt van het rapport was nog niet droog of werkgeversvoorzitter Wientjes en werkgeversminister Donner hadden het al omarmd. Voor de denkwereld van Wientjes, lees het FD van 21 januari 2010. In het FD van 28 januari 2010 wordt ingegaan op het rapport Goudswaard, en in zijn weblog geeft Kees de Lange onder de titel ‘belubberd en bedonnerd’ onverdund zijn mening.

Op de website van het FD stelt Jan Maarten Slagter de incompetentie van pensioenfondsbesturen aan de kaak die door een desastreus beleggingsbeleid kans zagen een slordige 20 miljard euro te verspelen. Gevolgen? Jawel, maar uitsluitend voor de fondsdeelnemers.

Tenslotte laat de CSO zijn stem horen over de noodzaak de arbeidsdeelname van ouderen te bevorderen, liever dan de AOW leeftijd te verhogen. De arrogantie van het ABP bestuur wordt uitstekend verbeeld in een cartoon van 25 januari in de digitale editie van NRC.

Belubberd en bedonnerd

vrijdag 29 januari 2010

Kees de Lange Kees de Lange

Rond 1995 kreeg een bedrag van 32 miljard gulden, overeenkomend met 15 miljard euro, uit de kas van het overheidspensioenfonds ABP, een andere bestemming. In gewone mensentaal, dit bedrag werd, onder goedkeurend geknik van het toenmalige bestuur bestaande uit pensioenillusionisten uit vakbonds- en werkgeverskring, gebruikt om de budgettaire problemen van de Staat der Nederlanden te verlichten. Er was immers sprake van overwinst in de pensioenfondsen, en dat zou maatschappelijk niet aanvaardbaar zijn. Woorden van het kabinet Lubbers (CDA) en Kok (PvdA). De verplichte deelnemers in het fonds werd uiteraard niet naar hun mening gevraagd.

In die tijd dacht men dat privatisering van het ABP in 1996 en uitgebreid beleggen op de aandelenmarkten de ontvreemde 15 miljard ruimschoots zou compenseren. We hebben het geweten. De toen ingezette aanval op het pensioenstelsel werkt door tot op de dag van vandaag. Als dat bedrag toen was weggezet tegen 7%, een rendement dat voor het ABP, zo verklaart men graag, zeer goed haalbaar is, dan zou dat in 15 jaar zijn aangegroeid tot ongeveer 39 miljard. De huidige miserabele dekkingsgraad van niet eens 105 zou dan opeens op 123 komen. Een ander verhaal, een andere wereld, een wereld waarin om de onvergetelijke woorden van Marcel van Dam te gebruiken alle ABP deelnemers niet zouden zijn belubberd.

Het mocht niet zo zijn. Nu, 15 jaar later, is de mentaliteit van de pensioenbeheerders nauwelijks veranderd. Als Gerard Riemen, directeur van de vereniging van bedrijfstakpensioenfondsen (VB) zijn obligate nietszeggendheden debiteert, dan dringt zich onontkoombaar het beeld op van de hoofdopzichter in Jurassic Park. Achter hekken zo hoog dat een buitenstaander onmogelijk naar binnen kan kijken, laat staan invloed kan uitoefenen, bevinden zich dinosaurussen. Dat de grootsten onder hen de herseninhoud van een walnoot hebben, moet in dit verband maar niet teveel benadrukt worden. Die opzichter is zo vervreemd van de normale samenleving, dat hij niet beseft dat de diersoorten die hij in zijn park onder zijn hoede heeft, daarbuiten al lang zijn uitgestorven. Hij heeft ook niet door dat zijn manege bij slecht beheer een gevaar en een bedreiging vormt voor de echte wereld buiten de hekken.

Door het miserabele beheer konden de gevolgen van de huidige en eerdere financiële crises niet adequaat worden aangepakt en kraakt het pensioenstelsel nu in zijn voegen. Nog steeds maken dezelfde vakbonden en werkgevers, ondanks gebleken ongeschiktheid, de dienst uit. Nog steeds wordt tot elke prijs en met alle middelen geprobeerd buitenstaanders medezeggenschap te onthouden. Nog steeds probeert men de fictie op te houden dat alles wel is in pensioenland. Nog steeds rekruteert men oppassers en fondsbestuurders uit een wereld die op uitsterven na dood is. Ondanks de feiten.

Wat zijn die feiten? Een commissie van De Nederlandsche Bank (DNB) heeft vastgesteld dat bij veel pensioenfondsen veel te grote beleggingsrisico’s zijn genomen. De commissie Frijns (tot juli 2005 was Frijns directeur beleggingen van het ABP) heeft in een nog recenter rapport gesteld dat de kennis van zaken over economisch risicomanagement binnen veel pensioenfondsbesturen ondermaats is, waardoor vele miljarden verspeeld zijn. Slachtoffers zijn – natuurlijk – niet de vakbonds- en werkgeversbestuurders die voor hun gebrek aan kennis en verantwoordelijkheidsgevoel nog steeds beloond worden met plaatsen op het pluche en navenante riante salarissen, uiteraard op onze kosten. Slachtoffers zijn de gepensioneerden die opdraaien voor de gevolgen van dit wanbeleid door het uitblijven van indexatie en dus het achterblijven van de koopkracht. Ook actieven, ook al merken zij er op dit moment qua koopkracht nog niets van moeten zich zorgen maken want hun vooruitzichten op een goed pensioen nemen bijna dagelijks verder af. Time for change, ben je geneigd met Obama te roepen. Maar komt die change er ook? Dat valt te betwijfelen.

Nu ook de commissie Goudswaard haar advies heeft uitgebracht aan minister Donner, wordt er steeds meer duidelijk. Deze commissie onderzocht niet hoe het Nederlandse pensioenstelsel in zwaar weer raakte en welke rol wanbestuur en wanbeleid daarin speelden en nog spelen. De commissie Goudswaard gaat domweg uit van de huidige situatie en kijkt wie men de zwarte piet kan toespelen. Dat zijn – het was te voorspellen – de verplichte deelnemers van de bedrijfstakpensioenfondsen voor wie het allemaal volgens Goudswaard best wat minder kan.

Dat pensioenpremies jarenlang veel te laag zijn vastgesteld en het consequent hanteren van een kostendekkende premie in principe het stelsel van aanvullende pensioenen bestand tegen vergrijzing maakt, geen woord erover. Men stelt simpelweg dat de premies niet omhoog kunnen – dat zou slecht zijn voor de economie. Maar wiens economie dan? Je zou toch zeggen dat de economie er voor de mensen is, in plaats van omgekeerd. Volgens Goudswaard redenering is sparen dan ook slecht voor de economie.

Dit rapport is een onverdunde illustratie van het huidige werkgeversdenken waarin de werknemer, en zeker de gepensioneerde, een kostenpost betekent waarop tot elke prijs bespaard moet worden. Ongeacht eerdere toezeggingen, ongeacht gewekte verwachtingen en vooral ongeacht het wanbeleid, de oorzaak van de huidige wantoestand. Want niet de veroorzaker van de ellende, maar het slachtoffer mag de prijs betalen. En hij moet daarbij vooral ook zijn mond houden over zijn eigen uitgestelde loon.

Minister Donner (CDA) is als aartsconservatief al jaren een verlengstuk van Wientjes van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Ach, u kent hun standpunten wel. Het ontslagrecht versoepelen om ouderen te lozen. Deelname van ouderen in het arbeidsproces frustreren en blokkeren. Ouderen uit het arbeidsproces verwijderen tegen zo laag mogelijke kosten. De oudedagsvoorziening beperken onder het mom van efficiency. En natuurlijk zwijgen over schandalen in eigen kring. Bagatelliseren wat er echt speelt en de schuldvraag uit de weg gaan.

En zonder enige gêne de hand ophouden bij de overheid, dus bij de belastingbetaler, als het eigen vrije jongens ondernemerschap in zwaar weer komt. Want hoewel werknemers en gepensioneerden voor Wientjes vooral een kostenpost zijn, is het toch wel prettig als hun slinkende koopkracht kan dienen om zijn eigen achterban financieel uit de zelfbereide puree te halen. En minister Donner? Die voert met steun van zijn partij deze werkgeversagenda stap voor stap uit. Hij heeft de conclusies van het rapport Goudswaard nog nauwelijks kunnen lezen (waarschijnlijk wist hij vooral al wat er uit zou komen) of hij spoort de sociale partners al aan om het pensioenstelsel naar de ideeën van Goudswaard op de schop te nemen. Uiteraard alweer zonder daar de verplichte deelnemers in de fondsen bij te betrekken. Die zijn er om rekeningen te voldoen, niet om mee te praten over hun uitgestelde loon dat ze gedurende een leven van vaak zeer hard werken opgebouwd hebben. Na eerst belubberd te zijn worden we dan nu bedonnerd.

Verplichte deelname aan pensioenfondsen heeft een aantal niet te onderschatten voordelen. Zo behoedt het ons voor het feit dat het heel menselijk is reserveringen voor de toekomst uit te stellen tot het te laat is. Verplichtstelling voorkomt dus veel ellende in de toekomst. Steeds meer blijkt er echter een keerzijde aan die gedwongen winkelnering te zijn. Die situatie leidt immers tot onaanvaardbare arrogantie en regentesk gedrag bij pensioenfondsbestuurders. Zij kunnen zich alles veroorloven, de deelnemer kan geen kant op. Al veertig jaar wordt gestreden voor medezeggenschap, voor een stem in het beheer van het eigen uitgestelde loon.

Met politieke steun van PvdA en CDA wordt dit volstrekt redelijke verlangen echter al decennia lang gefrustreerd en geblokkeerd. Het is genoeg geweest. Het wordt de hoogste tijd, niet om de verplichtstelling helemaal over boord te gooien, maar wel om deelnemers keuzevrijheid te geven bij welk pensioenfonds men zich wil aansluiten. Als deelnemers kunnen stemmen met de voeten, zou, denk ik, het ABP dat zich zo graag bestuurlijk tooit met financiële potsenmakers, brokkenmakers en baantjesjagers als Borghouts en Nijpels, binnen een paar jaar de helft van zijn bestand verliezen, als het op de oude weg doorgaat. De door sommigen bepleite noodzaak om deze moloch op te splitsen in kleinere hanteerbaarder eenheden zou daarmee in één klap gerealiseerd zijn. Als we toch over veranderingen spreken, ligt deze wel erg voor de hand.

Ouderen zijn van een generatie die overwegend is opgegroeid met een groot vertrouwen in de overheid. Het geven van vertrouwen impliceert dat degene die het vertrouwen krijgt dat ook verdient, dus betrouwbaar is. In de afgelopen decennia hebben steeds meer ouderen gemerkt dat die overheid hun vertrouwen niet waard was. Ouderen roeren zich dan ook steeds meer. De ouderenorganisaties, verenigd in de Centrale Samenwerkende Ouderenorganisaties (CSO) komen steeds harder op voor hun financieel-economische belangen en voor betekenisvolle medezeggenschap.

Een goede zaak. Het wordt de hoogste tijd dat met name ouderen die zich op de arbeidsmarkt niet kunnen verdedigen bij de komende verkiezingen eens goed kijken welke partijen hun belangen geschaad en verkwanseld hebben. We zijn nu wel genoeg belubberd en bedonnerd.

De Kassa – NBP samenwerking maakt veel los

zondag 8 november 2009

De uitzending van Kassa van 7 november heeft onmiddellijk veel los gemaakt. Het is opnieuw de NBP die de kat de bel aanbindt, en dat was gezien de ontwijkende reacties van diverse fondsbestuurders ook hard nodig. Heeft u de uitzending gemist? Kijk dan voor al naar de herhaling en lees wat Kassa zelf over de uitzending te zeggen heeft. Lees ook het persbericht van Kassa. Met name de arrogantie van fondsbestuurders is ongelooflijk. De reacties variëren van ‘niets aan de hand’, ‘we hebben het goed gedaan’, tot ‘daar praten we met u niet over’.

In de pers wordt zeer veel aandacht aan de uitzending van Kassa gewijd. Als één van zeer vele voorbeelden noemen we het artikel in Trouw van 7 november. Ook de beschouwing van 7 november van Alternatief Voor Vakbond op hun website is het lezen meer dan waard. Verdient Xander ons vertrouwen nog wel?

We houden u via deze pagina op de hoogte van alle ontwikkelingen.

Kassa en NBP samen op de barricaden

zaterdag 7 november 2009

Het gaat niet goed met de pensioenen in Nederland, al beweren bestuurders van pensioenfondsen graag het tegendeel. Ongeveer de helft van de pensioenfondsen heeft herstelplannen moeten indienen bij De Nederlandsche Bank (DNB). Over de gevolgen van de eigen herstelplannen communiceert men niet graag. Onlangs werd de NBP als de representatieve belangenbehartigingsorganisatie benaderd door Kassa, om herstelplannen door te rekenen en de resultaten te presenteren. Naast de presentatie in de TV uitzending van 7 november 2009 geven wij de resultaten ook hier, voor de pensioenfondsen ABP, Zorg en Welzijn, Metaal en Techniek, BPFbouw, PME (Metalelektro), Horeca en Catering, en PNOMedia. Totaal zijn bij deze fondsen ruim 8,3 miljoen deelnemers aangesloten.

Het wordt de hoogste tijd dat iedere pensioengerechtigde zich op de hoogte stelt van hoe het er voor staat met zijn oudedagsvoorziening. De resultaten van ons onderzoek zijn zonder meer ontluisterend. Lees vooral het weblog van Leo van Heesch die voor de NBP de analyses gedaan heeft. Als u dan nog moed hebt, neem dan kennis van de treurig stemmende cijfers voor de diverse pensioenfondsen, met PNOMedia als de treurige hekkensluiter. Het wordt echt tijd voor actie.

Kassa !!!, maar niet voor de gepensioneerden

zaterdag 7 november 2009

Leo van Heesch Leo van Heesch

Soms heb je de keus tussen aardig zijn of eerlijk en vervelend, illusies doorprikken, boodschapper zijn van slecht nieuws. De afgelopen maanden vertellen kennissen mij blij dat de dekkingsgraad van hun pensioenfonds weer boven de 100 of de 105 ligt en dat dus de problemen voorbij zijn. Ik vind het beroerd om hun plezier te bederven maar wij zijn er nog lang niet, sterker nog, ik denk het niet meer mee te maken, dat ons pensioen volledig op orde is. Het enige positieve dat er te melden valt is, dat het gevaar van permanente vermindering of afstempeling van de pensioenen niet meer acuut is.

Een snelle blik op een aantal herstelplannen van pensioenenfondsen had mij al tot dat inzicht gebracht. Een verzoek van het programma Kassa aan de NBP om mee te werken aan een uitzending over de herstelplannen van de pensioenfondsen dwong mij om die herstelplannen echt door te rekenen.

Dan dien je een aantal keuzes te maken.

De dekkingsgraden zijn de afgelopen 8 maanden inderdaad veel sterker gestegen, dan in de herstelplannen voorzien. Het is dus reëel om van die sterk verbeterde situatie uit te gaan. De meeste herstelplannen gaan uit van een gemiddelde loonstijging van 3% en een inflatie van 2% dus een reële stijging van 1%. Nu is de reële loonstijging de afgelopen 20 jaar nog geen ½% geweest. Het ligt daarom voor de hand om toch maar uit te gaan van een loonstijging van 2½% in plaats van 3% waar de meeste herstelplannen op rekenen. Dat levert weliswaar wat minder spectaculaire verschillen op, maar is wel dichter bij de waarheid. Wat te doen met de door veel economen verwachte terugval van de economie en de waarschijnlijke conjuncturele dips in de komende 15 jaar. Daarmee rekening houden maakt de uitkomsten wel erg speculatief. Bovendien is het groeitempo van de dekkingsgraden in de herstelplannen aan de voorzichtige kant. Die voorzichtigheid en de kans op dips in de economie streep ik tegen elkaar weg.

Op basis van bovengenoemde vooronderstellingen reken ik het herstelplan van het pensioenfonds “Zorg en Welzijn” (vroeger PGGM) door. Ondanks mijn aanvankelijke pessimisme, schrik ik toch van de uitkomsten. Het duurt 11 jaar voordat de koopkracht van het pensioen weer op peil is en het duurt 16 jaar eer het pensioen weer op het niveau is dat overeenkomt met de verwachtingen die een gepensioneerde ten aanzien van zijn pensioen mag hebben. In die zestien jaar is iemand met een pensioen in 2008 van € 10.000 een bedrag van in totaal € 13.000 tekort gekomen.

De redactie van Kassa reageert positief op deze opzet en vraagt eenzelfde berekening te maken voor een aantal grote pensioenfondsen. Bij de selectie van de pensioenfondsen wordt de keuze bepaald door het aantal deelnemers, slapers (mensen die pensioenrechten hebben maar op dit moment geen premie betalen aan het betreffende pensioenfonds) en gepensioneerden. Op die basis worden geselecteerd: het ABP, Zorg en Welzijn, Metaal en Techniek, BPFbouw, PME (Metalelektro), Horeca en Catering. Voor de aardigheid reken ik ook PNOMedia door, een klein pensioenfonds maar het pensioenfonds van de omroepmedewerkers. Totaal zijn meer dan 8,3 miljoen mensen pensioengerechtigd bij bovengenoemde pensioenfondsen.

De uitkomsten voor sommige pensioenfondsen zijn uitzichtloos. Als beste van de onderzochte fondsen komt BPFbouw er uit, waar binnen 8 jaar de koopkracht van het pensioen weer op peil is en na 16 jaar ook het pensioen weer de loonontwikkelingen volgt. In de tussentijd heeft iemand met een pensioen van € 10.000 wel in totaal € 6.700 te weinig ontvangen. Het slechtste scoort PNOMedia. Een gepensioneerde met een pensioen van € 10.000 komt over 15 jaar per jaar nog € 3.500 te kort en het totale tekort in de loop van die 15 jaar is dan opgelopen tot € 36.000. Ook qua koopkracht heeft die gepensioneerde dan nog een jaarlijks tekort van ruim € 2.400.

Schokkende cijfers die duidelijk maken hoezeer ons mooie pensioenstelsel in de loop van de jaren verkwanseld is aan het gegraai van de werkgevers en het korte termijn denken van de vakbonden.

Tot de jaren ’90 van de vorige eeuw waren de pensioenpremies vrij hoog. De pensioenfondsen belegden in risicomijdende producten met een niet zo hoog rendement. Ondanks dat waren de reserves goed. Te goed, vonden veel werkgevers die enthousiast begonnen te graaien. Alleen de rijksoverheid haalde al meer dan 30 miljard gulden uit het ABP, andere werkgevers lieten zich ook niet onbetuigd. Het waardevaste en welvaartsvaste pensioen dat ABP-pensioengerechtigden hun hele werkzame leven was voorgespiegeld, was inmiddels al lang tussen wal en schip verdwenen. De pensioenfondsen mochten wel in risicovolle producten beleggen. Van jaar tot jaar werden de premies onverantwoord laag vastgesteld. Maar, de beurs zou wel goed maken waar de premies tekort schoten. Dat ging inderdaad goed totdat Nina Brink met de scherpe nagels van haar beide duimen de internetzeepbel doorprikte.

Toen was Leiden in last. Veel pensioenfondsen konden niet meer indexeren, De Nederlandse Bank greep in met zwaardere eisen. De pensioenregelingen werden versoberd. Van het eindloonstelsel gingen veel fondsen over naar het middenloonstelsel en ook het nabestaandenpensioen werd in veel gevallen gehalveerd. De meeste pensioenfondsen waren ten gevolge van deze maatregelen na een jaar of zes weer redelijk opgekrabbeld toen de kredietcrisis een nog groter gat sloeg. Zoals uit de berekeningen blijkt, een niet te verantwoorden aanslag op het vertrouwen dat veel werknemers mochten hebben in hun pensioenregeling.

Degenen die ons pensioenstelsel zo hebben laten versloffen hebben de dure plicht om de zaak weer te repareren. Dat zal voor veel gepensioneerden te laat komen, maar is voor de werkenden van nu absoluut noodzakelijk om hen weer te laten vertrouwen op een fatsoenlijke oudedagsvoorziening.

Leo van Heesch

Naar een eigentijds pensioenstelsel

donderdag 5 november 2009

Martin Pikaart (Alternatief Voor Vakbond) en Kees de Lange (NBP) geven in een weblog hun gezamenlijke visie over de toekomst van het Nederlandse pensioensysteem. Er is, zeker op het terrein van medebestuur en medezeggenschap nog een lange weg te gaan naar een eigentijds pensioenstelsel.

Naar een eigentijds pensioenstelsel

donderdag 5 november 2009

Martin Pikaart Martin Pikaart

Kees de Lange Kees de Lange

In de financiële wereld heeft een aardbeving plaatsgevonden en de pensioenwereld beeft mee. Onvoorstelbare kapitalen zijn eenvoudigweg verdampt, en een wereldwijde economische recessie die iedereen treft is het gevolg. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Merkwaardig genoeg bestaat over de oorzaken van dit drama grote eenstemmigheid. Een bonuscultuur zonder weerga en een globalisering zonder afdoende inschatting van risico’s hebben de deur open gezet voor het najagen van het eigen financiële belang van weinigen ten koste van de zekerheden van velen. Hebben we er iets van geleerd?

Het is nog niet zo lang geleden dat de financiële instellingen in Nederland door zo’n 95 procent van de bevolking als voorbeelden van stabiliteit werden gezien. In nog sterkere mate gold dit voor de pensioenfondsen. Door de ontwikkelingen op de financiële markten sinds 2008 is het vertrouwen van globaal de helft van de bevolking tegelijk met de financiële reserves van banken en pensioenfondsen verdampt. Nu weet iedere econoom ons te vertellen dat herstel van vertrouwen de allerbelangrijkste voorwaarde is om uit de huidige crisis te geraken. Men zou dus verwachten dat een dergelijke doelstelling bij alle betrokkenen de hoogste prioriteit zou hebben. Is dat ook zo? Laten we de situatie rond onze pensioenen eens bekijken.

Wat doen onze bedrijfstakpensioenfondsen, waar de grote meerderheid van de Nederlanders verplicht bij is aangesloten, aan herstel van vertrouwen? Helaas is het feit dat het uitgestelde loon van miljoenen Nederlanders beheerd wordt door een kartel van werkgevers en vakorganisaties, met uitsluiting van zeer grote groepen belanghebbenden zoals ouderen en jongeren, niet bepaald een uitgangspunt voor brede publieke steun. Ouderen krijgen te horen dat de voorgespiegelde zekerheden ineens verdwenen zijn, jongeren worden geconfronteerd met torenhoge premies en vergaande versoberingen van hun regeling. Beiden hebben geen enkele inspraak over hun pensioengeld.

Ook het feit dat met name de vakorganisaties ons willen doen geloven dat alles wél is in pensioenland, en dat op het vlak van deelnemersparticipatie en medezeggenschap de zaken naar volle tevredenheid zijn geregeld, doet bij velen de alarmbellen rinkelen. En dat ons grootste pensioenfonds, het ABP, het bestaat om bestuurders en commissarissen te benoemen uit het old-boys-network die niet uitmunten door kennis van zaken en dikwijls betrokken zijn geweest bij dubieuze financiële aangelegenheden, is opnieuw een factor die het noodzakelijke herstel van vertrouwen verder naar de achtergrond schuift.

Wat dient er dan wel te gebeuren? Als we even kans zien ons los te maken van allerlei traditionele deelbelangen die een enorme belemmering vormen om ons pensioenstelsel te moderniseren, dan is de oplossingsrichting evident. De financiële risico’s in de pensioenwereld worden grotendeels gedragen door de deelnemers. Het zou in deze tijd geen betoog behoeven dat zij die de grootste risico’s lopen, ook direct bij het beleid betrokken dienen te worden. Slechts door de deelnemers een significante rol bij de besluitvorming te geven op een wijze die recht doet aan hun belang en de mate van risico die zij lopen, slechts door het instellen van effectieve vormen van medezeggenschap en dus van medeverantwoordelijkheid, kan de huidige vertrouwenscrisis in de pensioenwereld bestreden worden. Wie dit niet wenst te onderkennen, is ziende blind.

De weg voorwaarts is duidelijk. De veel te lang uitgebleven democratisering van onze pensioenfondsen, de emancipatie op pensioengebied van miljoenen jongeren zowel als ouderen die door de huidige kongsi van werkgevers en traditionele vakorganisaties in de marge zijn gemanoeuvreerd, dient met spoed ter hand te worden genomen. De discussie hierover in de Tweede Kamer is pas begonnen. Laten we het voorlopige standpunt dat er op het punt van medezeggenschap in pensioenland veel te verbeteren valt, en dat dit op korte termijn dient te gebeuren, vooralsnog het voordeel van de twijfel gunnen. Slechts ingrijpende veranderingen kunnen bijdragen aan het herstel van vertrouwen van miljoenen in een pensioenstelsel waarmee Nederland zich in principe gunstig onderscheidt van de rest van Europa. Laten we dat laatste vooral zo houden.

Kees de Lange, voorzitter Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen (NBP)

Martin Pikaart, voorzitter Alternatief Voor Vakbond (AVV)

Inspraak ouderen bij hun pensioenen

vrijdag 4 september 2009

Op 2 september 2009 betoogt Gerard Riemen, directeur van de koepel bedrijfstakpensioenfondsen, in een interview in Trouw dat medezeggenschap van ouderen over hun eigen pensioen ongewenst is. Over u, maar vooral zonder u. Een aanmatigende opvatting, die door Kees de Lange in Trouw op de opiniepagina van 4 september bestreden wordt.

Niets mis met het pensioenstelsel?

zaterdag 15 augustus 2009

In de Volkskrant van 10 augustus 2009 krijgt Peter Gortzak (FNV) alle ruimte om zijn vakbondspropaganda aan de man te brengen. Kees de Lange heeft er in zijn weblog weinig goede woorden voor over.

Bezweringsrituelen bij de FNV

zaterdag 15 augustus 2009

Kees de Lange Kees de Lange

De druppel die de steen uitholt. De herhaling die verveelt en afstompt. De sleur die elke discussie doodt. Het zijn door de tijd beproefde methodes, die de FNV gebruikt om iedere vorm van intellectualisme en eventuele tegenspraak te blokkeren. Daartoe worden over een breed front FNV bestuurders ingezet. Bij elke gelegenheid die hun door de media geboden wordt, vervallen zij in dezelfde bezweringsformules. Nu zijn dergelijke uitingen doorgaans een primitieve poging om waarheden te verhullen en illusies te scheppen. De bezweringsrituelen bij de FNV zijn daarop geen uitzondering, en het zou best zo kunnen zijn dat de bestuurders er zo langzamerhand zelf in zijn gaan geloven. In elk geval hopen zij elke mogelijke kritiek op hun voorstelling van zaken met consequent geuite schijnwerkelijkheden te weerleggen.

Onbetwiste koploper in dit festival van de demagogie is Peter Gortzak. Mechanisch als een dolgedraaide Tibetaanse gebedsmolen prevelt hij zijn vakbondsmantra’s, die door het minder denkende deel van de pers getrouw weergegeven worden. Laten we hem eens volgen op zijn pad van misleiding. In de Volkskrant van 10 augustus 2009 betoogt de goede man dat er ‘niets mis is met het pensioenstelsel’, misschien op wat kleine aanpassingen na. En dan heeft hij het vast en zeker niet over het verwijderen van gesjeesde politici en incompetente bondsbonzen uit de pensioenfondsbesturen. Of over het feit dat meer dan de helft van de pensioenfondsen een herstelplan heeft moeten indienen, dat een nog onbekend aantal fondsen door De Nederlandsche Bank wordt gedwongen tot de beruchte ‘afstempeling’ (het nominaal verlagen van toegezegde pensioenen), dat indexering van de pensioenen van miljoenen gepensioneerden voor jaren geblokkeerd wordt, waardoor hun koopkracht ieder jaar verder achterblijft bij die van werkenden. Al dat soort maatschappelijk ongemak is niet aan Peter Gortzak besteed. Zijn toehoorders mochten eens gaan vermoeden dat het zijn bond is die rechtstreeks medeverantwoordelijk is voor deze ellende.

Peter Gortzak heeft nog meer bezweringsformules in zijn ransel. In hetzelfde Volkskrant-artikel heeft hij (even mijn formulering) al honderd keer gezegd dat op indexatie niet altijd gerekend mag worden. Wel, al zegt hij het duizend keer, onjuist blijft het. In de jaren ’80 van de vorige eeuw maakte de overheid als werkgever wel degelijk goede sier met het adverteren met welvaartsvaste pensioenen waarop overheidsdienaren na pensionering zouden kunnen rekenen. Na de privatisering van het ABP in 1996 is deze toezegging onder het tapijt geschoven, zonder daar overigens de belanghebbenden over te raadplegen. En niet nadat de overheid zo’n 15 miljard euro uit de kas van het ABP had geroofd. Het korte termijngeheugen van veel gepensioneerden mag misschien niet zijn wat het geweest is, maar met ons lange termijn geheugen is gelukkig helemaal niets mis.

Maar de grootste gotspe moet nog komen. Peter Gortzak bezingt de waarde van het Nederlandse pensioenstelsel waarbij als het in de ene pijler wat minder gaat er altijd nog twee andere pijlers zijn. Wat hij eigenlijk stelt is dat door het disfunctioneren van een groot aantal pensioenfondsen, mede door toedoen van de FNV, de gedupeerden er goed aan doen voor een individueel spaarpotje te zorgen. Zo lust ik er nog wel een paar.

Peter Gortzak heeft nog meer pijlen op zijn boog. Om het volgende punt te begrijpen, moeten we even naar de opstelling van Gerard Verheij van VNO-NCW. Deze spreekbuis voor de werkgeversbelangen heeft bedacht dat de huidige economische crisis een uitstekende aanleiding was om een oud plannetje dat al een paar jaar had liggen verstoffen in werkgeverskasten omdat het destijds weggehoond was, weer eens in het strijdperk te brengen. U raadt het al, het is met die pensioenpremies allemaal veel te kostbaar voor de noodlijdende werkgever, dus moet de Zwarte Piet ten snelste bij de werknemers gedeponeerd worden. Want met die pensioenen kan het best wat minder. Concurrentienadeel, de grote leiders van Nederlandse bedrijven die uit het buitenland komen, begrijpen het niet, en meer van dat soort discussievervuiling. Toen in de jaren ’90 in vereende samenspraak tussen werkgevers en vakbonden de premies veel te laag werden vastgesteld, in de illusie dat men het tekort wel zou bijspijkeren door overmatig risicovol beleggen, hoorde je de bazen van Gerard Verheij niet. Wat deden ze in die dagen met hun concurrentievoordeel? En die buitenlandse bazen? Gewoon eerst laten inburgeren.

Terug naar Peter Gortzak, die onmiddellijk meldde dat aan de premies een ‘natuurlijke grens’ gesteld is. En waarachtig, de man heeft gelijk. Het lijkt inderdaad onwaarschijnlijk dat de premies ooit hoger zullen uitvallen dan het loon. Maar verder? Terug naar de jaren ’90, en risicovol beleggen tot we erbij neervallen. Letterlijk….. Terwijl geen serieuze econoom durft te beweren dat het dieptepunt van de huidige economische crash al voorbij is, helpt de FNV alweer mee de volgende pensioencrisis op de rails te zetten.

Mantra’s, ook andere FNV coryfeeën weten van wanten. Astrid Jongerius, bijenkoningin die zichzelf omringd heeft met arbeidzame FNV darren, weet het ook regelmatig (zeer regelmatig, u begrijpt nu waarom) mooi te zeggen. Het is u wellicht nooit opgevallen, maar de FNV staat voorop als het om het behartigen van de belangen van gepensioneerden gaat. Maar vijf jaar geen indexatie dan, vraagt u? Helaas, u behoort kennelijk tot die onverbeterlijke betweters waar zelfs de FNV demagogie geen raad mee weet.

Liane Wubbels dan, oppergansje van de ANBO die zich uit puur persoonlijk opportunisme door de FNV in haar mantelpakje heeft laten naaien? Zij vertelt het volk voortdurend (voortdurend, u begrijpt me) dat gepensioneerden bij alle ouderenorganisaties doortrapte egoïsten zijn die alleen het eigenbelang voor ogen hebben. Maar gelukkig is er de ANBO, waar de gepensioneerde leden een voorbeeld van onbaatzuchtigheid en geestelijke evenwichtigheid zijn. Alleen zij zijn in staat om tot een perfecte afweging van ieders belangen op pensioengebied te komen. Gewoon lid worden van de FNV, dan is die flauwekul rond het Koser Kaja / Blok initiatiefwetsontwerp ook gelijk de wereld uit. Wubbelse wartaal, maar wel met het goedkeuringsstempel van de FNV.

Terug naar de bezweringsrituelen, de mantra’s, de FNV top die met molentjes loopt. Een oppervlakkige studie van de situatie in Tibet leert al heel snel dat ondanks de gebedsmolens het niet allemaal botertje tot de boom is. Een al even oppervlakkige beschouwing van de pensioensituatie in Nederland leert, dat de FNV vooral aan zelfbegoocheling lijdt en aan volksmisleiding doet. Voor gepensioneerden en andere bij een pensioenfonds betrokken Nederlanders verdient een proces van zelfstandig nadenken nog steeds verre de voorkeur. En daar hebben we de FNV dus niet voor nodig.

Kees de Lange