Berichten met het label ‘Pensioentoezicht’

Verlaging van de pensioenopbouw benadeelt jongeren

maandag 17 juni 2013

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 17 juni 2013

De Eerste Kamer is nu aan zet
In een vorige nieuwsbrief is uiteengezet waarom de Stichting Pensioenbehoud aan de Eerste Kamer heeft gevraagd om een ‘novelle’ (aanpassing) van de wet versterking bestuur pensioenfondsen (Wvbp) te vragen aan de regering. Dat is omdat in het wetsvoorstel het aantal gepensioneerden in het bestuur van een fonds worden gemaximeerd tot 25% van het totaal aantal zetels. Dat is een discriminatie van gepensioneerden ten opzichte van werknemers. Staatssecretaris Klijnsma heeft in de Tweede Kamer beloofd dat de vergelijkbare wet Koser Kaya Blok (zonder discriminatie) in werking zal treden op uiterlijk 1 juli indien het wetsvoorstel Wvbp niet is aangenomen door de Eerste Kamer. Haar woordvoerder deelde ons in een email mede “als het wetsvoorstel versterking bestuur pensioenfondsen inderdaad op 9 juli 2013 plenair zal worden behandeld in de Eerste Kamer komt staatssecretaris Klijnsma haar toezegging na om de Wet Koser Kaya Blok op 1 juli in werking te laten treden.” Laten we hopen dat de Eerste Kamer zich niet onder druk laat zetten.

Uit onderzoek blijkt echter dat deze voor gepensioneerden discriminerende bepaling in de hierboven genoemde wet Wvbp in strijd is met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. De voormalige rechter aan het Europese Hof van de Rechten van de Mens prof. mr. Egbert Myjers heeft een email gestuurd met zijn commentaar. Hij citeert een zin uit een arrest van dit Europese Hof die luidt dat “discrimination” means treating differently, without an objective and reasonable justification, persons in similar situations“. Met geen mogelijkheid kunnen wij en andere geraadpleegde deskundigen een objectieve en redelijke rechtvaardiging vinden voor de discriminatie in de zeggenschap van gepensioneerden.

We hebben ook een Europees pensioenrechtdeskundige dr. Hans van Meerten gevraagd of deze discriminatie van gepensioneerden niet in strijd is met het recht van de Europese Unie. Hij heeft daarover een ‘verkenning’ geschreven waarin hij concludeert dat discriminatie van gepensioneerden in de zeggenschap bij een paritair pensioenfondsbestuur ‘waarschijnlijk’ is zoals wordt voorgesteld in het wetsvoorstel. Beide standpunten hebben wij ter kennis gebracht van de pensioenwoordvoerders van de Eerste Kamer.

Verlaging van de pensioenopbouw benadeelt jongeren
Als bezuiniging heeft het kabinet voorgesteld om de pensioenopbouw te verlagen tot 1,75% voor een middelloonstelsel. De pensioenpremie van werkgever en werknemer wordt als uitgesteld loon betaald aan het pensioenfonds uit het bruto inkomen. Pas na pensionering wordt er belasting en premies geheven over het uitgekeerde pensioen. Door deze regeringsmaatregel in 2015 wordt er veel minder pensioen opgebouwd dan tot op heden. Nu is er ook discussie over wat te doen met de pensioenpremie. Premie verlagen betekent een uitholling van het pensioenfonds omdat er dan geen kostendekkende premies (meer) worden betaald. Premie gelijk houden versterkt de financiële positie van de fondsen, hetgeen hard nodig is en de kostendekkende premie handhaaft. Ook is een bijspaarregeling voor het pensioen voorgesteld, maar daarover zijn AFM en DNB kritisch.

Dat is ook van groot belang voor de jongeren. Maar in de Tweede Kamer zijn de VVD, PvdA, D66 en SGP voorstander om de uitgespaarde premie tot wel € 1.000 per jaar om te zetten in meer salaris voor de werkenden in loondienst. Dat is om de koopkracht op peil te houden van de werkenden, maar koopkrachtbehoud krijgen zij al door de jaarlijkse compensatie van hun loon voor inflatie volgens de cao. De gepensioneerden zijn dan weer de klos en het is tevens potverteren voor de toekomst. Consumeren nu en armoe later voor de jongeren. Het zijn echter de besturen van de pensioenfondsen die bepalen wat er gebeurt met de premiehoogte, niet de politiek. En de Pensioenfederatie heeft al gezegd “Vrijvallende premies hoeven niet per se terug naar werkenden.”

Potamus over toezicht

woensdag 8 augustus 2012

Potamus vraagt zich nog steeds af wanneer de toezichthouders nu eens echt gaan doen waarvoor ze zijn aangesteld. Lees zijn weblog ‘Toezien – toekijken en vergoedingen opstrijken‘.

Toezien – toekijken en vergoedingen opstrijken

woensdag 8 augustus 2012

potamus Hippo Potamus

Alle kranten meldden in vette letters dat het geen fraude was bij het pensioenfonds van het CBR maar gewoon een rommeltje. Sommige schreven bijna vergoelijkend: “dat het ‘alleen maar’ een rommeltje was.” Geen boos opzet dus maar slechts een klein administratief missertje. Gelukkig maar, stel je voor dat er systematisch en opzettelijk enkele tientallen miljoenen van het pensioenfonds waren zoek gemaakt. Slechte administratie dus en dat was trouwens oud nieuws want het CBR kwam al eerder vele malen in het nieuws met administratieve en andere missers. Zo verliet een dikke twintig jaar terug een kersverse hoofddirecteur al binnen een maand het CBR en gonsde het jarenlang van de ‘geruchten’ over het gerommel met afrijdata. Daarna waren er alarmerende berichten over ‘moeizame arbeidsverhoudingen’ en topsalarissen. En maakte minister Minister Schultz (Infrastructuur) bekend dat het CBR veel zaken had verbeterd, met door haar als belangrijk genoemd punt ‘de versobering van de pensioenregeling’.

Dat die versobering zo ingrijpend zou zijn en tot stand was gekomen door het plunderen van het pensioenfonds bleef tot dusver voor ons verborgen. Schultz en haar voorganger Eurlings waren in de luren gelegd door de leden van de raad van toezicht (drie ervan dienden hun ontslag bij Eurlings in en er kwam een nieuwe directie).

Het forensisch accountantsbureau Integis stelt dat van 1980 tot en met 2010 de administratie onzorgvuldig was en het overzicht ontbrak. Maar wie – met enige (voor)kennis van het traliegepakte, innemende en toeziende volkje – gelooft nog de wat naïeve vermelding: “Bij het CBR hebben zich onregelmatigheden voorgedaan, maar niemand heeft daaruit persoonlijk voordeel gehaald”. Desondanks, eindelijk een duidelijke constatering dat feiten die jarenlang hardnekkig als ‘geruchten’ werden afgedaan, verschrikkelijk juist bleken te zijn.
Impliciet ook een bevestiging van de minstens even onrustbarende waarheid dat toezichthouders veel lijken op de befaamde drie aapjes ‘horen, zien en zwijgen’ en dus niet doen waar ze voor zijn aangesteld … TOEZIEN, maar zich beperken tot … TOEKIJKEN en hoge vergoedingen OPSTRIJKEN. Want raden van commissarissen en raden van toezicht zijn net zo goed toezichthouders als de DNB en de AFM dat zijn. Die beide officiële grootmachten in het toezicht blinken ook niet uit door alertheid en adequate maatregelen, maar kunnen nog als excuus aanvoeren dat een iets te vroege of overdreven waarschuwing noodlottige gevolgen kan hebben, terwijl de mogelijkheid om sancties op te leggen beperkt is.

Maar goed wat gaat er nu met die toezichthouders gebeuren. En hoe staat het met die vergaderingen die nooit gehouden zijn, maar waarvan wel notulen zijn. Werden daar alleen maar presentiegelden voor opgestreken of werden er ook nog ‘besluiten’ genomen? SP-kamerlid Bashir wil in elk geval dat de verantwoordelijken zelf voor de kosten opdraaien en daarvoor hun persoonlijke spaarpot moeten gebruiken. En als die notulen als ‘valsheid in geschrifte’ worden aangemerkt, moeten ze ook strafrechtelijk worden vervolgd.

En hier is geen sprake van een hetze door de ‘linkse kerk’, want De Telegraaf schrijft:
Dat het bij het CBR jarenlang een chaos was, wisten we al. Het bedrijf werd lang geleid door mensen die vooral bezig waren met het verhogen van hun eigen salaris. Nu blijkt dat die mensen ook een financiële puinhoop achterlieten bij het interne pensioenfonds. Omdat er voortdurend werd geschoven met miljoenen, wist niemand op een gegeven moment nog hoeveel er in kas zat”.
Potamus vraagt zich nog steeds af: Wanneer gaan toezichthouders nu echt doen waarvoor ze zijn aangesteld?

Het vertrouwen in onze pensioenen en pensioenfondsen

maandag 16 juli 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 16 juli 2012
Wegens vakantie komt de volgende nieuwsbrief over drie weken.

Het vertrouwen in onze pensioenen en pensioenfondsen
Het pensioenfonds Zorg en Welzijn heeft volgens het Nederlands Dagblad van 5 juli een raadpleging per internet onder zijn 2,4 miljoen deelnemers gehouden over hun voorkeuren en opinies. In totaal reageerden 473.000 deelnemers op vier stellingen. De conclusies waren de volgende:

  1. De (oud-)werknemers in de zorg hechten aan een solidaire pensioenregeling.
  2. Zij zijn vóór het nemen van risico’s om een hogere pensioenuitkering te bereiken.
  3. Zij vinden dat een fonds snel maatregelen moet treffen bij problemen.
  4. Zij vinden met een kleine meerderheid dat de hoge kosten van pensioen met langer doorwerken moeten worden opgebracht.

Directeur Peter Borgdorff vond het een ‘eye opener’ dat zijn deelnemers toch echt voor beleggingsrisico’s kiezen om het pensioen te kunnen beschermen tegen koopkrachtverlies. Nu zo duidelijk is geworden de laatste jaren dat er geen risicoloze beleggingen bestaan zoals staatsleningen van eurolanden, is het ook beter daar vanuit te gaan en beleggingen daarop aan te passen voor meer rendement, óók bij nominale pensioencontracten.

Financiële instellingen en het vertrouwen
In de NRC van 5 juli schreef Menno Tamminga dat er weer een onderzoek naar de reputatie van financiële instellingen is gedaan. Hij concludeert dat financiële instellingen de kern missen van wat zij werkelijk zijn. Zij doen niet in financiële producten. Dat is de afgeleide, de uitwerking van hun kernbedrijf. ‘Hun kernbedrijf is de vertrouwensbusiness’. Dat sluit naadloos aan op hetgeen door mij eerder is geschreven: ‘geld als ruilmiddel heeft géén intrinsieke waarde, maar is gebaseerd op vertrouwen.’ Tamminga adviseert de financiële wereld terug te gaan naar soberheid (beloningen, hoogte van de hoofdkantoren), simpelheid ( producten, organisatie) en saamhorigheid. Zelf ben ik voorstander van het splitsen van banken in nutsbanken en zakenbanken. Dan kunnen de excessen bij de nutsbanken die altijd door de overheid moeten worden gered wegens het belang van het financiële systeem, worden voorkomen met regelgeving en terecht vertrouwen krijgen.

Marike Stellinga in de NRC van 14 juli schreef dat nu alle banken worden gered in tegenstelling met de Grote Depressie in de jaren dertig. Nu pompen centrale banken in de Westerse wereld wel enorme geldhoeveelheden in de monetaire economie en de rente abnormaal verlaagd. Maar de economie trekt nog steeds niet aan en de lage rente heeft ook belangrijke nadelen waaronder voor onze pensioenen. Zij schrijft dat ‘In de jaren dertig was de tijdgeest: laat iedereen maar kapot gaan. Nu is de tijdgeest: red iedereen. De bange vraag die we daarbij moeten stellen is: staat het omgekeerde van slecht beleid gelijk aan goed beleid? Het eerlijke antwoord is dat we dat niet weten.’

Europese ontwikkelingen op pensioengebied
De Tweede Kamer heeft zich voor het eerst per brief direct gericht tot de Europese Commissarissen voor Interne Markt en Diensten resp. voor Werkgelegenheid, Sociale Zaken en Insluiting over pensioenen. De Tweede Kamer heeft haar positie duidelijk gemaakt over twee Europese voorstellen waarover zij zich zorgen maakt. Dat is de voorgenomen herziening van de Institutions for Occupational Retirement Provision (IORP-) richtlijn. Volgens de Tweede Kamer ‘zou dat kunnen betekenen dat de Europese toezichthouder EIOPA toezicht gaat houden op pensioenfondsen en dat pensioenfondsen als marktpartijen behandeld worden en niet als onderdeel van een sociaal contract. De kosten van pensioenregelingen via pensioenfondsen kunnen fors stijgen als een overmatige zekerheidstelling – op het niveau van verzekeraars – gevraagd wordt.’ Daar is de Tweede Kamer het (m.i. terecht) niet mee eens en ook niet met het voorstel voor de overdraagbaarheid van pensioenen binnen de EU wegens onuitvoerbaarheid. De Tweede Kamer overweegt nu reeds om de gele/oranje kaart procedure te starten bij het verschijnen van deze twee voorstellen, samen met andere parlementen in de EU. Wij blijven deze ontwikkelingen voor u volgen.

Rekenrente en het nieuwe pensioencontract

dinsdag 10 april 2012

De Nederlandse Bank en de toekomst van ons pensioen
De Nederlandse Bank (DNB) heeft op 14 maart j.l. haar Statistisch Bulletin gepubliceerd (zie bijlage). Daarin is een opvallende grafiek opgenomen met de gemiddelde dekkingsgraad:

Hieruit blijkt wel dat de technische voorzieningen over ruim 2 jaar enorm fluctueren en dat komt in hoofdzaak door de berekeningsmethode van de rekenrente. Nu heeft minister Kamp toegezegd dat na het uitbrengen in mei van dit jaar van zijn hoofdlijnennota voor het nieuwe pensioencontract hij in overleg met de sociale partners en DNB vooruitlopende op nieuwe wetgeving een andere rekenrentemethode wil vaststellen. Het is afwachten of daar een stabielere rekenrente uitkomt en daarmee een meer realistische ‘nominale’ dekkingsgraad. Volgens het jaarverslag 2011 van DNB zou de ‘reële’ dekkingsgraad, dus inclusief de ambitie tot indexatie van de ‘nominale’ pensioenen, per ultimo 2011 slechts 73% hebben bedragen. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) bepleit in de Volkskrant van 4 april dat dit laatste percentage op het jaarlijkse pensioenoverzicht moet worden vermeld. Maar de mogelijkheid voor herstel met b.v. een verlaging van het opbouwpercentage in het huidige pensioencontract noemt DNB helaas niet; dat is onvolledige voorlichting. Wel wordt verwezen naar het Pensioenakkoord met het voorgestelde onzekere beleggingspensioen.

De verwachtingen van De Nederlandse Bank over het nieuwe pensioencontract
De Nederlandsche Bank is beducht voor de voetangels en klemmen van het collectief ‘invaren’ van bestaande pensioenrechten in een nieuw contract. “Een eenduidig en helder wettelijk kader is nodig voor een diepgaande afweging door alle betrokken partijen van de rechtvaardigheid van zo’n maatregel,” stelt de toezichthouder in zijn jaarverslag over 2011. “Maar zelfs dan zijn juridische procedures niet uit te sluiten met het risico dat zij de noodzakelijke stelselherziening nog lang zullen belasten,” schrijft DNB. Op dit moment bestuderen twee breed samengestelde werkgroepen voor het ministerie van Sociale Zaken de mogelijkheden van zowel collectief als individueel samenbrengen van oude en nieuwe pensioenrechten als uitvloeisel van het pensioenakkoord. DNB is ook een voorstander van een stabiele egalisatiereserve, omdat die zorgt voor een stabieler pensioen én voor een prudente benadering. Wat de toezichthouder betreft kan de buffer gefinancierd worden uit meevallend beleggingsrendement of met extra pensioenpremie, maar wel zouden de regels moeten worden gestandaardiseerd om uniformiteit in het toezicht te krijgen. Wijzigingen in de pensioen- opbouw zoals verlaging van het percentage worden (wederom) niet genoemd.

Om te voorkomen dat pensioenfondsen druk voelen om zo gunstig mogelijk te rekenen, moet de wetgever eenduidige voorschriften geven voor de waarden van de parameters voor rendementen, standaarddeviaties en correlaties, meent DNB. In het hoofdstuk Naar een nieuw toezichtkader voor pensioenfondsen van het jaarverslag 2011 zet DNB haar visie over de toekomst van ons pensioen-stelsel uitgebreid uiteen, maar daarover meer in de volgende nieuwsbrief.

Rondetafelgesprek

maandag 26 maart 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 26 maart 2012

Rondetafelgesprek in de Tweede Kamer
Er is in oktober 2010 een onderzoek naar de pensioenstelsels in 20 ontwikkelde landen gedaan door het Center for Strategic & International Studies (CSIS). Deze Global Aging Preparedness Index oftewel GAP Index geeft een verontrustend beeld van ons pensioenstelsel voor de periode 2007 tot 2050. Bij de Fiscal Sustainability Index (fiscale houdbaarheid) kwam Nederland uit op de 19e plaats. Maar bij de Income Adequacy Index (inkomenstoereikendheid) kwam Nederland op de eerste plaats. De GAP Index Reform Strategy Guide vermeldt als verbeteradviezen voor Nederland een hoge prioriteit voor vermindering van de groei in kosten voor de gezondheidszorg evenals prioriteit voor verlaging van publieke uitgaven, verlenging van aantal arbeidsjaren e.d. De problemen zitten dus in de AOW en niet in de pensioenen van de tweede pijler. En dat moeten we ook zo houden.

Rondetafelgesprek met Commissie SZW van Tweede Kamer
Op 22 maart j.l. hield de Vaste Commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid een rondetafel-gesprek over het wetsvoorstel van minister Kamp Versterking bestuur pensioenfondsen met diverse organisaties en deskundigen (zie bijlage). De Stichting Pensioenbehoud was uitgenodigd bij de groep Organisaties voor Gepensioneerden naar aanleiding van haar commentaar van 12 maart 2012 (zie vorige nieuwsbrief). Na ons had de VNO-NCW spreker Ab Fraterman, gesteund door de FNV vice-voorzitter Peter Gortzak, grote kritiek op het voorstel. Zij vonden dat vanwege het minder aantal zetels voor de werkgever in het paritaire bestuur bij de voorgestelde premiestabilisatie de sociale partners niet “adequaat” zijn vertegenwoordigd in het bestuur. Er werd zelfs gesteld dat bij het doorgaan van het voorstel het risico bestaat dat cao-partijen hun handen aftrekken van de arbeidsvoorwaarde pensioen. Want “de macht van de sociale partners wordt verder ingeperkt”, aldus het IPN. Het werd expliciet ontkend dat hier sprake was van chantage, maar wat was het dan? Als een werkgever een pensioenregeling vaststelt, dan kan een andere organisatie deze regeling toch uitvoeren conform de gemaakte afspraken? Geen verantwoordelijkheid willen voor het pensioen en wel zeggenschap? De Pensioen Federatie heeft ook een verslag gemaakt (zie bijlage).

CBS onderzoek naar AOW en pensioen
Het CBS heeft haar onderzoek over pensioenen over 2010 gepubliceerd (zie bijlage). Daarin wordt vastgesteld dat vrijwel iedereen in Nederland aanvullende inkomsten heeft boven de AOW. Bij ruim 9% van de huishoudens was dat inkomen wel minder dan € 250,- per maand (€ 12.000,- p.j.). De alleenstaande 65+ vrouwen waren het slechtste af. Bij alle huishoudens bedraagt de AOW gemiddeld bijna 40% van het bruto inkomen en het aanvullend pensioen 35%. Opvallend is het overig aanvullend inkomen (huur- en zorgtoeslag e.d.) van ruim 20%, terwijl de inkomsten uit vermogen (spaargeld) slechts 6% bedroeg. Het belang van een goed en zeker aanvullend pensioen is dus nog steeds groot om armoede bij ouderen te voorkomen.

Risicovrije swaprente als discontovoet voor FTK 1 én 2
Op een pensioencongres afgelopen week heeft Maarten Camps, Directeur-Generaal Werk van het ministerie van SZW verklaard dat in de in april uit te brengen hoofdlijnennotitie van minister Kamp de risicovrije swaprente zal worden gebruikt in zowel het bestaande Financieel Toetsingskader (FTK1) als het nieuwe van het pensioenakkoord met voorwaardelijk pensioen (FTK2). En dat de buffereisen uit het huidige FTK1 ‘waarschijnlijk’ met 5% zullen worden verhoogd. Dat betekent meteen een forse daling van de dekkingsgraad. Ook wordt gedacht aan de ‘ultimate forward rate’ als discontovoet (rekenrente). Tevens stelde Camps dat “de overheid geen enkele deelnemer zal dwingen om zijn oude pensioenrechten te laten opgaan in een nieuw pensioencontract. Een dergelijke beslissing is aan de sociale partners en dat niet-overgedragen pensioenrechten in een apart pensioenfonds zullen blijven”. Dat is onacceptabel vanwege de breuk met de solidariteit tussen generaties.

Nog maar eens de dekkingsgraad en Griekenland

maandag 5 maart 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 5 maart 2012

De discussie over de te lage dekkingsgraad gaat door
In de NRC van 3 maart citeert prof. dr. Eduard Bomhoff in zijn artikel Om die banken te redden gaan we leraren ontslaan de uitspraak van Eurocommissaris Neelie Kroes dat “de euro best kan overleven zonder Griekenland”. En dat werd bevestigd door de Duitse minister Friedrich die zei “Geen twijfel dat Griekenland meer kans heeft om weer concurrerend te worden als het uit de euro gaat”. Bomhoff vervolgt met “Een grote meerderheid van de Nederlandse (en Duitse) kiezers is het daarmee eens. Waarom onderwijzers ontslaan en de zorg voor ouderen nog gehaaster en onmenselijker maken, maar intussen schenkingen doen aan de Grieken? Waarom onzekerheid scheppen voor miljoenen Nederlandse gepensioneerden over afstempelen van hun pensioen omdat de Haagse elite kennelijk Griekenland belangrijker vindt? Grieken hebben recht op onze solidariteit bij een natuurramp, niet bij het repareren van het eigen wanbeleid”. Trefzekere woorden die de kern van het huidige probleem met het mogelijk korten van de pensioenen goed weergeeft. Een overheid die niet de juiste keuzes maakt, maar hopelijk breekt het inzicht nog door.

Voortgang werkzaamheden ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Minister Kamp heeft de Tweede Kamer geïnformeerd in zijn brief van 27 februari 2012 (zie bijlage) over zijn plannen. Zijn aanpak bestaat uit de volgende prioritaire trajecten:

  1. Uitwerking pensioenakkoord; in april 2012 komt een hoofdlijnennotitie over het Financieel Toetsingskader uit en daarna een brief over de communicatie van pensioenfondsen.
  2. Versterking van de governance van pensioenfondsen; op 24 februari 2012 is het wetsontwerp tot wijziging van de Pensioenwet “Wet versterking bestuur pensioenfondsen” reeds ingediend bij de Tweede Kamer. Daarbij kan worden gekozen voor het huidige bestuursmodel van sociale partners en gepensioneerden of uit een bestuur van louter externe beroepsbestuurders. Voor het persbericht van 24 februari, zie bijlage.
  3. Zorgen voor Europese regelgeving waarin het Nederlandse pensioenstelsel optimaal kan functioneren; hier gaat het om de zogenaamde IORP-richtlijn die een Europese harmonisatie van nationale pensioenregelingen beoogt te bewerkstelligen.

Over deze plannen van de Europese Commissie (EC) moeten wij ons zorgen maken, want de nieuwe solvabiliteitsrichtlijn Solvency II voor (pensioen)verzekeraars zou de EC ook geheel of gedeeltelijk van toepassing willen laten zijn op onze pensioenfondsen. Deze Solvency II regels kennen de hogere zekerheidseis van 99,5% en die is bij de Pensioenwet een ‘slechts’ 97,5%. Indien pensioenfondsen zouden moeten voldoen aan de zekerheidseis van 99,5% dan vereist die hogere eis extra buffers van 11% bij pensioenfondsen, aldus minister Kamp. Oftewel in de huidige situatie een verlaging van de dekkingsgraad bij alle pensioenfondsen van 11%, dus nog meer korten. Maar onze regering heeft onder druk van de Tweede Kamer verklaard zich hard te maken om onze huidige zekerheidseis van 97,5% in Brussel te verdedigen. Daarnaast komen er nog voorstellen van minister Kamp over waardeoverdracht, doorsneepremie, pensioen voor zelfstandigen, de Algemene Pensioeninstelling (voor pensioenverzekeraars) en over pensioenuitvoeringsorganisaties evenals nabestaandenpensioen en arbeidsongeschiktheidspensioen. Ook heeft minister Kamp de Tweede Kamer onlangs toegezegd om een proefonderzoek te laten doen bij 5 fondsen naar de terugstortingen in het verleden van premiegelden naar werkgevers.

De oplossingen voor pensioenbehoud zijn aanwezig

dinsdag 28 februari 2012

In het kader van de samenwerking met de stichting Pensioenbehoud, publiceren wij hun nieuwsbrief.

Nieuwsbrief van Stichting Pensioenbehoud van 27 februari 2012
Er zijn vele vragen en opmerkingen ontvangen over de rekenrente. Waar is vastgelegd hoe die rekenrente ofwel de discontovoet om de pensioenverplichtingen in de toekomst te kunnen berekenen, eruit moet zien? Op 28 december 2006 is het Besluit financieel toetsingskader pensioenfondsen gepubliceerd in het Staatsblad 710 van 2006 getekend door Koningin Beatrix en minister Hirsch Ballin. Bij dat besluit hoort een Nota van toelichting die als ministeriële regeling alleen is getekend door de vorige minister van SZW De Geus. Op pagina 22 van de Nota wordt bij de toelichting op artikel 2 van het Besluit o.a. vermeld: “Ten behoeve van de berekening van de technische voorzieningen voor een onvoorwaardelijke pensioentoezegging zal De Nederlandsche Bank (verder DNB) een rentetermijnstructuur publiceren, die gebaseerd is op de swapcurve in de markt voor Europese interbancaire swaps.” De huidige minister van SZW Kamp kan dus met een pennenstreek een andere rentetermijnstructuur vaststellen, maar dat wil hij tot op heden niet doen ondanks de aandrang van vele partijen om een betere rekenrente vast te stellen. Dat is politieke onwil die verplicht wordt uitgevoerd door DNB die daardoor in opdracht het dreigende, massale en onnodige korten van pensioenen veroorzaakt. Daarom is de petitie Ik wil niet worden gekort! opgezet (tekenen op: http://pensioenbehoud.petities.nl ).

Een opvallend praktische oplossing wordt voorgesteld door dr Gerwin Griffioen in het F.D. van 13 februari : “Als een pensioenfonds in lijn presteert met zijn eigen beleggingsdoelstelling, dan is het te prefereren dat het de verplichtingen mag waarderen op basis van het verwachte rendement.” Hij laat in zijn artikel zien “dat als een pensioenfonds langdurig teleurstellende beleggingsresultaten realiseert er een tekort ontstaat, ongeacht welke methode van het waarderen van de verplichtingen wordt gebruikt. Pensioen moet linksom of rechtsom bij elkaar worden gespaard.” Dat betekent ook kostendekkende premies met een bijbehorend (lager) opbouwpercentage. De grote invloed van een te hoog opbouwpercentage op de hoogte van de kostendekkende premie heeft Arnoud Bosch van de VDAB aangetoond in zijn artikel van 24 februari 2012 DNB hoort aan pensioenpremies minimum eis te stellen. Maar ook prof. Bernard van Praag en Ekko Smith hebben in hun interessante artikel van 21 februari op Me Judice Het pensioengat van Nederland: een poging tot verklaring de vinger gelegd op het feilen van de toezichthouder cq de politiek vanwege het toelaten van te lage pensioenpremies ondanks de wettelijke verplichting van kostendekkendheid. Deze tekorten zouden moeten worden hersteld door de betreffende werkgevers.

Maar niet iedereen wil geloven dat ons pensioen bestaat uit een vijfde premie en vier vijfde beleggingsopbrengst. Peter Borgdorff van pensioenfonds Zorg en Welzijn legt dat nog eens uit in zijn blog van 17 februari Een pensioensprookje? Hij laat zien dat de jongeren van nu ondanks de veel hogere levensverwachting over 40 jaar nog altijd circa 3,5 keer de inleg terugkrijgen tegen 5 keer de inleg nu. Een hogere premie en/of zelf meer sparen helpt de oude dag dan verbeteren.

Van de 103 pensioenfondsen zijn er een aantal die het (nog veel) slechter doen dan de meeste andere fondsen over de periode 2011 t/m 2013. Voorbeelden daarvan zijn Royal Leerdam (-21,7%), Openbare Apothekers (-18,8%), Tandartsen en tandspecialisten (-15,5%), Ballast Nedam (-13,0%), Vlakglas en verf (-12,0%), ISS (-11,6%), Verf- en drukinktindustrie (-11,4%) en Medewerkers Notariaat (-10,3%). En daarbij komt ook nog de gemiste indexatie over een aantal jaren. Wie van de begunstigers van de Stichting Pensioenbehoud die bij een van deze pensioenfondsen is aangesloten, is bereid om zijn of haar pensioenverhaal te vertellen bij de Omroep MAX? Zelfs het pensioenfonds van het personeel van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) zit in de problemen met een dekkingsgraad van 85% eind 2011; zouden de kortingen elders daardoor (ook) minder worden?

103 pensioenfondsen gaan mogelijk korten op pensioenen!

dinsdag 21 februari 2012

Het persbericht van de Pensioen Federatie evenals het overzicht van pensioenfondsen die gaan korten, beiden gepubliceerd op 20 februari 2012. Kijk in het overzicht of uw pensioen wordt bedreigd. Zo ja, schrijf desgewenst een brief aan dat pensioenfonds dat u een korting op uw nominale pensioen niet kan accepteren en stel het pensioenfonds evenals haar bestuur in gebreke voor de wanprestatie die wordt geleverd op basis van de pensioenuitkeringsovereenkomst. En dat u heeft geconstateerd dat niet alle middelen door het bestuur zijn aangewend om het laatste redmiddel van het korten te voorkomen. Want het bestuur heeft nog diverse ongebruikte aanpassingen binnen de bestaande wettelijke regeling als mogelijkheid om de dekkingsgraad weer in orde te krijgen. Het bestuur van het pensioenfonds heeft die wijzingen tot dusverre niet of onvoldoende uitgevoerd (zie de genoemde mogelijkheden voor aanpassing in het persbericht van De Nederlandse Bank van 20 februari 2012) en dat die aanpassingen nu wel in 2013 moeten gebeuren. Uit dit persbericht blijkt ook dat het om circa 7,5 miljoen pensioenuitkeringsovereenkomsten gaat!

Daarnaast heeft Stichting Pensioenbehoud de petitie Ik wil niet gekort worden op mijn pensioen opgenomen op de website http://pensioenbehoud.petities.nl om te laten ondertekenen door een ieder die deze boodschap aan de politiek wil ondersteunen. De petitie zal over enige tijd officieel worden aangeboden aan minister Kamp van SZW. U wordt verzocht om ook de petitie onder de aandacht van familie, vrienden en bekenden te brengen. Heeft u de petitie zelf al ondertekend?

Het toverwoord TRANSPARANTIE

maandag 5 september 2011

Joop van Vliet Joop van Vliet

In de pensioenwereld wordt heel wat afvergaderd en zeker niet alleen bij en door de vakbonden of door organisaties van pensioendeelnemers en gepensioneerden. Nee het meest wordt er vergaderd en geconfereerd door “bestuurders van pensioenfondsen, directieleden van pensioenverzekeraars en CFO’s van Nederlandse multinationals” en liefst natuurlijk zonder pottenkijkers er bij.

Zoals bij het Pensioencongres van het:
‘Social Netwerk Pensioen 2020’ op donderdag 8 september 2011 om 12:30 uur in het Hilton Hotel, Apollolaan, Amsterdam. Het thema is:

Pensioenen mogen geen geheimen kennen.

En het gaat dus over ‘transparantie’ blijkens de uitnodiging: “Meer dan ooit draait het om communicatie in de pensioenwereld. Het aangaan van de dialoog met werkgevers én deelnemers. Dat is dan ook het thema van het pensioencongres” met als “Inleider en gespreksleider: prof. dr. Sweder van Wijnbergen” gelukkig kost het de arme pensioenfondsbonsen maar weinig want: U kunt u kosteloos aanmelden.

Als de bestuurder, directeur en CFO nog niet weet waarom hij nu uitgerekend naar deze conferentie moet, volgt hier de uitleg. Heel duidelijk gelukkig, want anders snappen ze het misschien niet:

Redenen waarom deze middag voor u van belang is:

  1. Het vertrouwen van de consument heeft behoorlijke averij opgelopen. Wordt ook nu de discussie niet over hun hoofden heen gevoerd? En dat terwijl huidige mediatechnieken nieuwe communicatievormen mogelijk maken. Ideaal om op weg naar verandering deelnemers mee te nemen. In feite een must in het kader van transparantie.
  2. Uw reputatie bij de deelnemers kan zo aan diggelen liggen, juist via alle nieuwe media. Sinds de woekerpolissen weten we wat dat betekent. Alle informatie moet daarom publiekelijk en vooral ook begrijpelijk beschikbaar worden gesteld.”

Nu is meteen duidelijk waarom de conferentie slechts selectief toegankelijk is. Nu kunnen we lekker onder ons praten over het herstellen van het consumentenvertrouwen in ons en dan houden we anderen en zeker de nieuwe media (dat is een weblog ook) buiten de deur. En om helemaal zeker te zijn dat er niets fout kan gaan laten we His Masters Voice de inleiding verzorgen en als gespreksleider fungeren.

Wat moeten we nu met dit krakkemikkige denken van het ‘Social Netwerk Pensioen 2020’ dat niet alleen de eigen naam in “pidgin Dutch” schrijft maar ook een dialoog wil aangaan met deelnemers, die niet mogen komen. Of heb ik het zinnetje “Het aangaan van de dialoog met werkgevers én deelnemers” uit de uitnodiging verkeerd begrepen? Of heb ik de bedoelingen van deze club verkeerd begrepen en bedoelen ze het echt goed?

Nu is enig cynisme mij niet vreemd, maar ik geef deze heren graag het voordeel van de twijfel. Al denk ik dat dat niet terecht is want de uitnodiging voor een andere bijeenkomst ademt dezelfde sfeer van laten we het vooral onder ons houden: ‘We maken een Ouwe Jongens Krentenbrood beraad’ en noemen het:

IPNederland BeleggersBeraad over stelselwijziging

IPN-Nederland is een commerciëel internetmedium voor de pensioen- en beleggingswereld, dat aan Pensioenfondsen die het goed doen op bijvoorbeeld ‘het beleggingsbeleid’ eerste prijzen uitreikt, terwijl die fondsen verder zijn te kwalificeren als bijzonder slecht beheerde pensioenfondsen die al jarenlang de laagste dekkingsgraden hebben. En zo krijgen de Ford Edsels onder de pensioenfondsen hun prijzen.

Gelukkig maar dat de zaal straks geen vervelende interrupties zal plaatsen want ook “Dit congres is uitsluitend bedoeld voor pensioenfondsen en investment consultants. Deelname is gratis.” Jammer, Pensioenbelangen had er graag naar toe gewild, want het wordt gehouden op 27 oktober 2011 in Hotel Duin & Kruidberg, Santpoort. Het onderwerp is aantrekkelijk: “De ontwikkelingen volgen elkaar snel op, en de gevolgen zijn niet altijd helder. Wat zijn de implicaties voor de beleggingen en het vermogensbeheer van pensioenfondsen?” is het leidend thema. Op de waslijst van sprekers vinden we bijvoorbeeld vertegenwoordigers van APG, PGGM/PFZW (3x) en DNB. Die laatste heeft het dan over: Hard toezicht op een zacht contract: De visie van de toezichthouder. Die had ik graag willen horen en mijn prangende vragen over dat beleid laten beantwoorden.

De NBP zal in elk geval twee deelnemers aanmelden. Maar of we toegelaten worden? We houden u op de hoogte.