Donderdag 28 juli 2022 Telegraaf.
Nieuw pensioenstelsel: wie begrijpt het nog?
 
(reactie Wilma Berkhout)
DE GROOTSE VAKBOND, DE FNV, ROEPT NU, BIJ MONDE VAN VOORZITTER TUUR ELZINGA: WE GAAN ER IN HET NIEUWE STELSEL ALLEMAAL OP VOORUIT.
DIT IS GEWOONWEG MISLEIDEND. TEN EERSTE WETEN WE NATUURLIJK NIET HOE HET NIEUWE STELSEL ZAL UITPAKKEN. BEREKENINGEN LATEN ZIEN DAT WE ER WEL 10 PROCENT OP ACHTERUIT KUNNEN GAAN. HET IS TOCH RAAR DAT DE WETGEVER NIET BESCHERMT TEGEN DIT SOORT UITINGEN?
DAT BRENGT MIJ, TEN TWEEDE, OP DE ROL VAN DE WETGEVER. IK VREES DAT WE IN DIT OPZICHT NIET VEEL MOGEN VERWACHTEN. WANT, ALS WE ER ALLEMAAL OP VOORUIT GAAN, WAAROM ONTNEEMT DE WETGEVER DAN IEDERE INDIVIDUELE BEZWAARMOGELIJKHEID? DE DEELNEMER HEEFT GEEN KEUS: DIE MOET MEE. DAT GAAT VEEL GEDOE OPLEVEREN.
PENSIOENREGELINGEN ZIJN EIGENDOMSRECHTEN VOLGENS HET EUROPESE HOF. OPGEBOUWDE AANSPRAKEN MAG JE NIET ZOMAAR WIJZIGINGEN, HELEMAAL NIET ZONDER INSTEMMING VAN HET INDIVIDU.
’Nieuw pensioenstelsel: wie begrijpt het nog?’
In 2023 moet het een feit zijn: de nieuwe pensioenwet moet dan in werking treden. Alle pensioenregelingen – ter waarde van zo’n 1600 miljard euro – worden in één klap omgezet naar het nieuwe stelsel. Hoe eerlijk gaat dat, vraagt hoogleraar pensioenrecht Hans van Meerten zich af.
We gaan er in het nieuwe pensioenstelsel allemaal op vooruit, zo wordt geroepen. Maar dit is gewoonweg misleidend, betoogt hoogleraar pensioenrecht Hans van Meerten.
Om de drastische ingreep in de pensioenen wat beter te begrijpen moet ik iets de diepte in.
De bestaande pensioenregelingen zijn veelal zogeheten uitkeringsovereenkomsten. Hierbij staat in beginsel de uitkomst vast: zo’n 70 procent van het gemiddelde salaris is meestal de norm. Vaak worden deze regelingen uitgevoerd door een verplichtgesteld pensioenfonds zoals het ABP.
Boterzacht
Welnu, deze uitkeringsovereenkomsten worden massaal omgezet in zogeheten premieregelingen: daarbij staat de uitkomst niet vast! Dit invaren, zoals het in jargon heet, is nodig volgens de regering onder meer omdat de uitkeringsovereenkomsten niet meer te betalen zouden zijn. De recente dekkingsgraden zeggen echter iets anders: het regent pensioenverhogingen.
Dat is natuurlijk bizar: de verplichtingen van een pensioenfonds worden anders gewaardeerd dan de bezittingen. Zo kan het zijn dat als de beurs instort het pensioenfonds er op het oog goed voorstaat.
De deelnemer zal dat echter niet begrijpen en vragen waarom het nieuwe stelsel nodig is. Dat is met name te wijten aan uitspraken van onze pensioenfondsen en sociale partners zelf.
Jarenlang hebben we immers gehoord dat we het beste stelsel van de wereld hebben.
Dat de garantie van uitkeringsovereenkomsten in de praktijk boterzacht is gebleken is eveneens een teken dat de vormgeving van deze pensioenregelingen niet deugt.
Pak dat dan aan, zou ik dan zeggen in plaats van alles om te zetten naar premieovereenkomsten, wat de vakbonden altijd zelf hebben weggezet als een ’casinopensioen’. Dat invaren is in het buitenland overigens gewoonweg verboden.
De grootse vakbond, de FNV, roept nu, bij monde van voorzitter Tuur Elzinga: we gaan er in het nieuwe stelsel allemaal op vooruit.
Dit is gewoonweg misleidend. Ten eerste weten we natuurlijk niet hoe het nieuwe stelsel zal uitpakken. Berekeningen laten zien dat we er wel 10 procent op achteruit kunnen gaan. Het is toch raar dat de wetgever niet beschermt tegen dit soort uitingen?
Bezwaar
Dat brengt mij, ten tweede, op de rol van de wetgever. Ik vrees dat we in dit opzicht niet veel mogen verwachten. Want, als we er allemaal op vooruit gaan, waarom ontneemt de wetgever dan iedere individuele bezwaarmogelijkheid? De deelnemer heeft geen keus: die moet mee. Dat gaat veel gedoe opleveren.
Pensioenregelingen zijn eigendomsrechten volgens het Europese Hof. Opgebouwde aanspraken mag je niet zomaar wijzigingen, helemaal niet zonder instemming van het individu.
Mijn oplossing is simpel: als je naar een nieuw stelsel wil, maak een knip tussen oude opgebouwde rechten en de nieuwe opbouw.
Kiezen mag
En geef de deelnemer de keus of deze mee wil of niet. Dat kan al eenvoudig, want het staat al in Europese wetgeving. Daar heb je geen duizenden pagina’s onbegrijpelijke wetstekst voor nodig, zoals nu het geval is.
Het nieuwe stelsel zou toch eenvoudiger worden? Ondertussen begrijpt niemand er meer ene bal van.
Lees hier het artikel in de Telegraaf (helaas allen voor abonnementen van de Telegraaf)