Persbericht van de ANBO

Meerderheid senioren heeft geen weet van gevolgen nieuw zorgstelsel

Senioren met een hoger inkomen* hebben meer kans om thuis hun benodigde medische zorg te ontvangen dan deelnemers met een lager inkomen**. Dat blijkt uit onderzoek van ThyssenKrupp Encasa in samenwerking met belangenbehartiger voor senioren ANBO, de afdeling Health Evidence van de Radboud Universiteit Nijmegen, Liever Thuis! en Etac. Ruim 11.000 respondenten in de leeftijd van 50 jaar tot 80+ gaven antwoord op vragen over gezondheid, langer thuis wonen, aanpassingen in huis en de bijbehorende budgetten.

Uit het onderzoek blijkt dat de meer draagkrachtige respondenten een grotere kans hebben om zelfstandig thuis te blijven wonen, omdat zij zich de diensten kunnen veroorloven die hiervoor nodig zijn. Een deel van benodigde medische hulpmiddelen en diensten worden namelijk niet langer vergoed door de ziektekostenverzekering. Directeur Liane den Haan van seniorenorganisatie ANBO maakt zich zorgen over deze uitkomsten: “Wanneer mensen niet in staat blijken om medische diensten of middelen zelf te betalen, kan dat slecht uitpakken voor deze kwetsbare groep. Dat moeten we met elkaar zien te voorkomen.”

Voorbeelden

Ondervraagden gaven bijvoorbeeld aan dat mobiele oplossingen nodig zijn om thuis te kunnen blijven wonen, maar sinds 2013 is de vergoeding van eenvoudige mobiliteitsoplossingen (zoals rollators, scooters en wandelstokken) niet langer van toepassing in het basispakket. Ook huishoudelijke hulp werd aangegeven als zijnde nodig om thuis te blijven wonen. Hiervoor geldt dat alleen mensen met een medische indicatie in aanmerking komen bij de gemeente. Zelfs wanneer personen in aanmerking komen om huishoudelijke hulp te ontvangen, bestaat de mogelijkheid dat er een eigen bijdrage moet worden betaald. Rob de Haan van ThyssenKrupp en initiatiefnemer van het onderzoek herkent zich hierin. “Ook wij krijgen signalen van mensen dat zij geen afdoende vergoeding krijgen voor hun medische hulpmiddelen; extra hulp van de overheid is echt noodzaak in deze.”

Nog geen 30% op de hoogte van veranderingen

Uit het onderzoek blijkt verder dat ruim 60% van de ouderen in Nederland beter inzicht wil in de mogelijkheden en voorzieningen om langer thuis te kunnen wonen. Nog geen 30% van de respondenten weet wat de veranderingen in de wetgeving over langdurige zorg betekenen voor de eigen thuissituatie. Een kleine 60% is niet optimistisch over de geschiktheid van de huidige woning om er op hogere leeftijd te blijven wonen.

Noodzaak informatie over langdurige zorg

Aangezien het onderzoek is uitgezet onder doorgaans goed geïnformeerde ANBO-leden, vermoedt ANBO dat het percentage ouderen dat onvoldoende zicht heeft op de toekomstige situatie onder de volledige seniorenpopulatie nog hoger ligt. “Dat vinden we absoluut zorgwekkend”, aldus Den Haan.

Eigen woning geschikter bevonden dan zorginstelling

Senioren zijn er overigens niet op tegen om langer thuis te wonen. Van de respondenten geeft driekwart aan tevreden te zijn over de huidige woonsituatie. Ongeveer tweederde van de ondervraagden twijfelt wel of de woning op hogere leeftijd nog passend is. Senioren met een eigen woning vinden die geschikter om te blijven wonen op hoge leeftijd dan mensen die in een huurwoning of in een zorginstelling wonen.

Eigen bijdrage niet duidelijk

Veel senioren zijn bereid extra te betalen voor ondersteuning, aanpassingen en technologie om langer thuis te kunnen wonen. Zo wil ruim de helft extra betalen voor huishoudelijke hulp. Ook voor mobiliteitsoplossingen, maaltijdservice, domoticatoepassingen en thuiszorg (persoonlijke verzorging en verpleging***) wil men zelf bijdragen: deze oplossingen scoren alle rond de 40% in het onderzoek.

Gemiddeld willen mensen, afhankelijk per dienst, maandelijks zelf een kleine 40 euro tot 95 euro extra bijdragen. Bijna driekwart van de respondenten is bereid om extra te betalen voor medische diensten en hulpmiddelen. Ongeveer 6 op de 10 respondenten is bereid extra te betalen voor specifieke medische hulpmiddelen. Het is niet duidelijk of ouderen een reëel beeld hebben van hun eigen bijdrage. De daadwerkelijke kosten zijn inkomensafhankelijk en verschillen per gemeente. ANBO raadt ouderen dan ook aan bij hun gemeente na te gaan voor welke vergoedingen zij in aanmerking komen. Het particulier afnemen van diensten kan in bepaalde gevallen zelfs goedkoper uitpakken, aldus de belangenbehartiger.


Het onderzoek

Voor het onderzoek zijn 80.000 mensen benaderd, die aangesloten zijn bij ANBO. In totaal hebben 11.215 mensen gereageerd en het onderzoek geheel of gedeeltelijk ingevuld. Samenstelling respondenten: 50-65 jaar 17,4%, 65-80 jaar 72,8 % en 80 jaar of ouder 9,7 %. Het onderzoek is geïnitieerd doorThyssenKrupp Encasa in samenwerking met belangenbehartiger voor senioren ANBO, de afdeling Health Evidence van de Radboud Universiteit Nijmegen, Liever Thuis! en Etac.

Context

Nederland telt steeds meer ouderen, die gemiddeld steeds langer leven. Het aantal 65-plussers in Nederland zal stijgen van 2,4 miljoen in 2010 naar 4,5 miljoen in 2040. Deze vergrijzing van de bevolking heeft grote gevolgen voor de uitgaven in de Nederlandse gezondheidszorg. Om de zorg aan ouderen betaalbaar te houden, wordt het Nederlandse zorgstelsel de komende jaren ingrijpend hervormd, vooral op het gebied van de langdurige zorg. De overheid neemt noodgedwongen maatregelen waardoor oudere mensen langer thuis blijven wonen.

* 13,2 procent van de respondenten heeft een maandelijks inkomen van meer dan € 3000,-
** 3,1 procent van de deelnemers heeft een maandelijks inkomen van minder dan € 1000,-
*** De persoonlijke verzorging en verpleging vallen vanaf 2015 onder het basispakket van de zorgpolis.