Maandag 25 oktober 2021.
Vanmorgen stond er in het Brabants Dagblad een ingezonden brief over de reactie van Pieter Omtzigt op staatssecretaris Dennis Wiersma (VVD) van SZW over indexeren en de dekkingsgraad van het ABP ( nu 105,3 %).
Omtzigt werd afgekat in dat stuk in het BD.
Onterecht zo blijkt uit de reactie van Eric Caffa (hij heeft de tekst van het Tweede Kamerdebat) :
"De heer Omtzigt (Lid Omtzigt): Ik sta nog een beetje bij te komen van het antwoord. Snel een wet behandelen die gaat over de hervorming van 2.000 miljard euro lijkt me geen goed idee, zeg ik maar heel eerlijk. Een kleine fout erin en je hebt een groot probleem. Iemand die even naar het UWV of de Belastingdienst kijkt, snapt precies waar we het over hebben. Het pensioenstelsel is voor miljoenen Nederlanders belangrijk. Dus zet dat alsjeblieft uit je hoofd en zet alsjeblieft uit je hoofd dat we alleen bij een snelle behandeling gaan indexeren. Dat is een politieke druk die bepaald onwenselijk is. Twee. Deze staatssecretaris heeft het erover dat híj gaat toezeggen dat hij met terugwerkende kracht 2022 gaat indexeren.

Nou heb ik ergens nog de stille hoop dat er voor 2023 een nieuw kabinet komt. Dus hoe moet ik een belofte zien van een staatssecretaris die dan toch hopelijk in het nieuwe kabinet zit, maar in ieder geval niet meer namens dit kabinet kan spreken?
De voorzitter:
Dank u wel. De staatssecretaris.
De heer Omtzigt (Lid Omtzigt):
En drie, voorzitter.
De voorzitter:
U heeft al twee vragen gesteld. Twee vragen is al ...
De heer Omtzigt (Lid Omtzigt):
Even, voorzitter. De dekkingsgraad van het ABP is geen 95%, maar 104%. Dat is een verschil van 50 miljard. Hoe kan de staatssecretaris van pensioenzaken zo'n grote rekenfout maken?
Staatssecretaris Wiersma:
Het is niet als excuus bedoeld, maar ik vervang de minister op dit thema vandaag. Excuus als ik een getal niet juist heb. De strekking is, en dat geldt ook voor de behandeling in de Kamer, dat dit natuurlijk heel zorgvuldig moet. Sterker nog, het lijkt me heel onverstandig als we dat niet zouden doen na zo'n lange discussie. Daar moet je recht aan doen. Ik zeg alleen dat er geluiden zijn — die zijn er hier, maar die zijn er ook in vakbonden — die zeggen: haal maar een deel van het pakket dat er ligt, waarover heel lang en zorgvuldig is nagedacht, eruit, en ga dat alvast doen. De heer Omtzigt weet ook dat dit een heel ander stelsel is. Dat hangt op een heel andere manier met elkaar samen dan het stelsel dat we nu hebben. Als je daarin gaat veranderen of rommelen, loop je op de muziek vooruit, terwijl die hele brede discussie in deze Kamer op een goede manier moet plaatsvinden. Ik zeg niet dat de Kamer dat nu even moet afraffelen. Ik zeg alleen dat er wensen zijn om de indexatie niet bij 110% mogelijk te maken, maar al bij 105%. Nogmaals, daar gaan pensioenfondsbesturen over. Maar dan hebben ze de mogelijkheid om ook bij 105% dekkingsgraad al tot indexatie over te gaan als ze dat in samenhang met alles verstandig vinden. We hebben afgesproken dat we dat doen als transitie op het moment dat we naar dat nieuwe stelsel gaan. Maar de keuze of we naar dat nieuwe stelsel gaan, moet wel eerst in de Kamer gemaakt worden. Als we die keuze hebben gemaakt, zeg ik dat ik mijn best ervoor wil doen om te kijken we of we komend jaar, 2022, nog met terugwerkende kracht de mogelijkheid kunnen bieden aan fondsen om ook bij 105% indexatie mogelijk te maken. Dat geldt ook als het pas in de zomer volgend jaar wordt aangenomen in deze Kamer, ongeacht de samenstelling van het kabinet op dat moment. Het is meer een zoektocht hoe we tegemoet kunnen komen aan de wensen die ook bij bonden liggen en die ik ook heel goed snap. We hebben zo'n stelsel gekozen om zo snel mogelijk ervan te profiteren op de goede manier, maar dan moeten we die goede manier ook wel met elkaar in de Kamer kunnen vaststellen.
De voorzitter:
Dank u wel."