Het kan dan wel zo zijn, dat 50PLUS vooralsnog bot heeft gevangen bij een poging een bodem van 2% te leggen in de rekenrente, zodat het in 2020 niet nodig zal zijn op de pensioenen te korten, maar intussen neemt de onvrede in het land met betrekking tot het pensioenbeleid van de coalitie hand-over-hand toe.

Veel gepensioneerden en ook een toenemend aantal deskundigen is het niet duidelijk waarom de coalitiepartijen volharden in hun verzet tegen een tijdelijke aanpassing van de rekenrente.

CDA
Pieter Omtzigt verklaart het verzet van het CDA met het argument, dat het CDA kiest voor de zekerheid dat de pensioenfondsen ook over “40 jaar voldoende geld hebben”.
Maar die voorzichtigheid is overdreven. 40 Jaar is een lange periode, waarin gemakkelijk bijgestuurd kan worden. Maar bovenal: goedbeschouwd gaat het de pensioenfondsen redelijk voor de wind als je kijkt naar de werkelijke rendementen.
Alleen wie de rekenmethodiek van de overheid volgt komt tot sombere cijfers. Het is de vraag of die rekenmethodiek niet uitgaat van een veel te somber scenario.
Los daarvan: de veroudering in Nederland gaat volgens econoom Ad Broere minder snel, dan kortgeleden nog gedacht werd.

50PLUS
De discussie in de Tweede Kamer is voor veel gepensioneerden een cruciale discussie, want als er niets verandert aan de pensioensystematiek zullen verschillende pensioenfondsen in 2020 de pensioenen mogelijk moeten korten. Om dat te voorkomen wil 50PLUS met “een tijdelijke noodmaatregel” de regels voor pensioenfondsen 5 jaar lang iets versoepelen om ze door lastige tijden te loodsen.
Nu de economie zich herstelt, staan ook de pensioenfondsen er beter voor, zij het dat dit herstel langzaam gaat.

D66 en VVD
Het CDA, dat in de pensioendiscussie meestal aan de kant van de gepensioneerden staat, voelt als regeringspartner niet voor het aanpassen van de pensioenregels. Dat geldt ook voor D66-kamerlid Steven van Weyenberg. “Niemand kan in een glazen bol kijken”, zegt hij. Coalitiepartij VVD sluit zich daarbij aan. “Je moet niet het geld voor de latere generaties opsouperen”, aldus VVD-kamerlid Roald van der Linde, een argument dat bij gepensioneerden weinig begrip ondervindt, omdat het niet klopt. De ouderen hebben de afgelopen jaren pensioenpremie opzij gelegd en krijgen al een aantal jaren niet wat ze was toegezegd. De koopkrachtachterstand is al opgelopen tot 16%. In feite sparen de ouderen dus voor de jongeren, die nog veel tijd hebben om te sparen. Doen ze dat in voldoende mate, dan is naar de toekomst ook hun pensioen veilig gesteld.
Intussen groeit in de samenleving het onbegrip ten aanzien van de starre houding van de coalitiepartners.