In deze bijdrage van de NBP is het onderwerp de gevolgen van een echtscheiding voor het pensioen van een deelnemer. In de WVPS, Wet Verevening pensioenrechten bij echtscheiding, is een geregistreerd partnerschap gelijk aan een huwelijk gesteld. In de afgelopen 30 jaar was het aantal echtscheidingen gemiddeld 40 procent van het aantal huwelijken.

Lees hier de hele bijdrage.

In 1954 werd de PSW, Pensioen- en spaarfondsenwet ingevoerd. Werkgevers werden verplicht het aanvullend pensioen onder te brengen bij een pensioenuitvoerder. Deze pensioenuitvoerder moet voldoende belegde middelen bezitten om in de toekomst de toegezegde pensioenen te betalen. In 2007 verving de PW, Pensioenwet de PSW. Omdat de situatie in Nederland zo afwijkt van die in andere landen is het onderwerp voor deze NBP-bijdrage de invoering van de PSW.

Lees hier de hele bijdrage.

Zoals in diverse eerdere bijdragen van de NBP is vermeld, is de juridische situatie dat de werkgever de werknemer een pensioen toezegt. Op het moment van pensionering zal de pensioenuitvoerder, zoals het pensioenfonds, de gepensioneerde deelnemer maandelijks een pensioen uitbetalen, totdat deze deelnemer is overleden. Hij mag niet het gehele pensioen in een bedrag uitbetalen. Op dit voorschrift bestaat een afwijking, de afkoop van kleine pensioenen, in 2016 is de grens â‚¬ 465,94. De procedure hiervoor is in de Pensioenwet vastgelegd. Deze procedure is het onderwerp van deze NBP-bijdrage.

Lees hier de hele bijdrage